Demonstratie Zondag vindt er opnieuw een Rode Lijndemonstratie plaats. Vier Joodse demonstranten lopen mee en verzetten zich daarmee tegen de oorlog die Israël voert in Gaza. „Het is lastig om hoop te houden op een goede afloop.”
Elena Burgos Martinez
Ze kregen klopjes op de schouders, mensen wilden hen de hand schudden, er werd voor hen geklapt. Een jaar geleden liepen ze mee in de Rode Lijndemonstratie tegen de oorlog die Israël voert in Gaza. De een was er „gewoon als burger”, anderen waren herkenbaar als Joden, met hun rode T-shirt met Jews for Palestinian Liberation erop. Allemaal merkten ze hoeveel aandacht het ‘Joodse Blok’ trok, hoe goed, hoe belangrijk, hoe dapper hun mededemonstranten het vonden dat juist zij, als Joden, protesteerden tegen de politiek van de regering-Netanyahu, de oorlog in Gaza en de behandeling van Palestijnen.
De een vond dat prettig, ontroerend, een ander vond het ongemakkelijk. „Waarom klapten die mensen niet voor de Palestijnen die meeliepen? Zij zijn slachtoffer van dit geweld, zij verzetten zich tegen de bezetting”, zegt Elena Burgos Martinez.
Vier Joodse demonstranten die zich opmaken voor de Rode Lijnbetoging van komende zondag, spreken – ieder apart, telefonisch – over hun hoop en teleurstelling, over de Israëlische verkiezingen van vorige week, over de documentaire Naza en over de vraag of de demonstratie van vorig jaar hen verder van of dichter bij de Joodse gemeenschap heeft gebracht.
Dichterbij, vindt Yael Wassen, coördinator bij een vrouwenrechtenorganisatie. „Sinds dat protest in oktober 2025 heb ik veel andere Joodse mensen ontmoet, van wie ik sommigen eerder niet kende. Zo zag ik hoe breed gedragen het gevoel is om je uit te spreken tegen genocide. Ik zag ineens: ik ben daarin helemaal niet de enige. Dat is een fijn en krachtig gevoel.”
Vorig jaar stond Abel Levie niet bij het Joodse Blok op het Museumplein in Amsterdam. Hij was gewoon een van de 250.000 demonstranten. Komende zondag stuurt hij welbewust als Joodse Nederlander een boodschap naar de Nederlandse regering. „Het is belangrijk om uit te dragen dat er Joden zijn die nee zeggen tegen het Israëlische militaire optreden in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever. Mensen hebben veel ideeën bij wat Joden zijn en vinden. Omdat er maar zo weinig Joden zijn in Nederland wordt – bijvoorbeeld door Israëlische of Nederlandse politici – voor ons ingevuld wat we zouden willen en wat niet. Als ik dat beeld bij de Rode-Lijndemonstratie iets kan bijstellen, dan doe ik dat graag. Dit is ook wat een Jood kan zijn. Zoiets.”
Yael Wassen en Elena Burgos Martinez
Abel Levie, beleidsadviseur bij een provincie, voelt zich als Jood „comfortabeler” sinds de demonstratie van vorig jaar. Hij durft nu frank en vrij zijn mening uit te dragen. „En dat heeft best wel een tijdje geduurd.” De Spaanse Elena Burgos Martinez, onderzoeker en docent politieke ecologie aan de universiteit van Wageningen, zegt iets soortgelijks. „Je kunt dus Jood én antizionist zijn. Daar is nu een politiek huis voor.”
Door te demonstreren drukt Yael Wassen ook een gevoel van rouw uit, zegt ze. „Bovenal rouw om wat de Palestijnen wordt aangedaan. Maar ook een rouw om de manier waarop de Joodse geschiedenis wordt misbruikt voor zoiets vreselijks.” Met de misdadige oorlog heeft de regering-Netanyahu de wereld onveiliger gemaakt voor Joden, denkt ze. „Israël is in hoge mate verantwoordelijk voor de toename van antisemitisme in de wereld sinds 7 oktober”, zegt Elena Burgos Martinez. „Maar islamofobie is nog veel meer toegenomen.”
Wassen vertelt hoe diep ze getroffen was door de documentaire Naza, waarin 24 Israëlische militairen, inlichtingenofficieren en technici vertellen over hun rol in de Gaza-oorlog. Wat haar het meest opviel, is hoe weinig emotie de geïnterviewden aan de dag legden, terwijl ze spraken over het bombarderen van burgers en kinderen. „Ze leken zichzelf bijna te hebben ontmenselijkt.”
De 78-jarige Simone, die haar achternaam niet in de publiciteit wil, zag stukjes van Naza en besloot dat ze de documentaire niet wilde zien. Te erg. Ze deelde al in 1973 pamfletten uit op de markt als protest tegen Israël tijdens de Jom Kippoeroorlog. Ze werd uitgescholden door Amsterdammers die snauwden: „Ze zouden jullie in kampen moeten stoppen en moeten vergassen.” Had ze als Joodse vrouw kritiek op Israël dan werd haar ‘zelfhaat’ toegedicht.
Dertig jaar na de Tweede Wereldoorlog was er veel minder antizionistisch protest dan nu, zegt ze. „Niet alleen van Joodse zijde, maar ook van niet-joodse Nederlanders. Men stond doorgaans achter Israël.” Nu durven veel meer Joden hun mening te geven. „We hebben net een graadje meer met de oorlog in Gaza te maken dan de overige Nederlanders.” Ze voegt er meteen aan toe: „Behalve de moslims. Die hebben er ook veel mee te maken. Het zijn hun geloofsgenoten en zij voelen al jaren een bijzonder sterke solidariteit met Palestina.”
Simone, die door haar moeder, de enige Holocaust-overlevende van haar gezin, zionistisch is opgevoed, zegt dat ze zich er door dit interview meer van bewust wordt hoe diep ze zich met Israël verbonden voelt, „dieper dan ik zelf wist”. Juist daarom loopt ze mee in een demonstratie waarin Palestijnse vlaggen zullen worden meegedragen en ‘From the river to the sea, Palestine will be free’ wordt gezongen, zegt ze. „Het moorddadig geweld tegen de Palestijnen is in strijd met medemenselijkheid en de Joodse levensbeschouwing.”
Elena Burgos Martinez zong het vorig jaar zélf. „From the Jordan River to the Mediterranean Sea om precies te zijn.” Kwamen er enkele mannen naar haar groepje toe om te zeggen: ‘Dat mag je niet zingen, want daarmee zeg je dat ik geen bestaansrecht heb.’ Hoezo, vroeg Burgos Martinez. ‘Ik ben Joods’, zei de man. ‘Ik ook’, zei Burgos Martinez. „Die leus betekent niet wat mensen denken dat het betekent.” Bedoelt ze: het is geen aanmoediging tot de vernietiging van Joden in Palestina? „O God nee, natuurlijk niet. Het gaat om de bevrijding van de Palestijnen.”
Burgos Martinez is van de vier geïnterviewden politiek het meest actief. Ze is verbonden aan verschillende Palestijns-Nederlandse organisaties en is lid van Erev Rav, een antizionistische Joodse organisatie. In die hoedanigheid loopt ze dit jaar nogmaals mee in het Joodse Blok, hoewel de ervaring van vorig jaar haar niet heel goed is bevallen. „Ik zag dat de Palestijnse demonstranten veel onaangenamer werden behandeld dan wij van het Joodse Blok. Van sommige werden de protestborden ingenomen. Dat vond ik pijnlijk.”
Voor Yael Wassen, die zich na de demonstratie van vorig jaar aansloot bij Erev Rav, toont de aanwezigheid van Palestijnse vlaggen, of het nou is bij de Rode Lijnbetoging, bij een klimaatprotest of op de Pride, hoe breed gedragen de beweging is. „In hun diversiteit laten de demonstranten zien dat ze allemaal voor eenzelfde doel strijden: een rechtvaardiger wereld.” Als Abel Levie ‘From the river to the sea’ hoort of Palestijnse vlaggen ziet, voelt hij zich daar „niet ongemakkelijk bij”, zegt hij. „Zeker niet bij een Palestijnse vlag.”
Yael Wassen
Het Joodse Blok is losjes samengesteld uit individuen en organisaties, zoals Erev Rav, Oy Vey en Joden zeggen nee (waar Simone bij zit). Er is niet vooraf vergaderd over de leuzen, doelstellingen of over richtlijnen voor gedrag. Ze communiceren via een Signal-groep waarin zo’n driehonderd mensen zitten. Erev Rav draagt antizionistische spandoeken mee, zoals ze vorig jaar voorop liepen met de tekst ‘Jews against genocide’. „Niemand hóéft daarachter te lopen”, zegt Elena Burgos Martinez. „Maar iedereen is welkom.”
Abel Levie is tevreden dat er een heel basale boodschap wordt uitgedragen. „Namelijk: nee. Laten we nou met z’n allen achter die boodschap staan om dit afgrijselijke geweld te stoppen. Dan komt er vanzelf weer ruimte voor een publiek debat over hoe verder in Israël en Gaza.”
De verkiezingen van vorige week in Israël hebben weinig of geen hoop op verandering geboden, vinden ze alle vier. „Je schrikt ervan dat elke Israëlische politieke partij redeneert vanuit het basisidee dat het geweld tegen de Palestijnen moet worden voortgezet”, zegt Abel Levie. „Het debat in Israël gaat over gradaties van geweld.” Hij peurt wat hoop uit het feit dat de Arabische partijen door de uitslag een sleutelrol lijken te kunnen spelen in de coalitieonderhandelingen. Yael Wassen zegt: „Het is lastig om hoop te houden op een goede afloop.”
Simone vindt het wel positief dat zoveel mensen zich ditmaal bij de stembus tegen Netanyahu hebben uitgesproken. Misschien dat het niet veel zal uitmaken voor het Israëlische beleid. Netanyahu of zijn rivaal Gadi Eizenkot, dat is „lood om oud ijzer”. Toch ziet ze een verschuiving, zegt ze. „Te weinig, te langzaam, maar ze is er.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie