De Belgische premier Bart De Wever speelde maandag zijn laatste troef uit om een regeringscrisis te bezweren: koning Filip. De monarch sprak met alle partijleiders over de begroting. Vrijdag komt hij met een advies. Waarom vervult de koning die rol?
is buitenlandredacteur van de Volkskrant.
Het leek over en uit toen de Belgische premier Bart De Wever afgelopen maandag naar het paleis toog om zijn ontslag in te dienen bij koning Filip. De al weken slepende begrotingsonderhandelingen zaten zo vast dat hij geen andere uitweg zag dan het uitschrijven van nieuwe verkiezingen.
Maar de gang naar de koning pakte anders uit. Filip accepteerde het ontslag van De Wever niet, maar hield de aanvraag tot vrijdag ‘in beraad’. In de tussentijd sprak hij met de partijleiders (partijvoorzitters genoemd in België) van de kabinetspartijen. Vrijdag laat de premier weten of, en zo ja, waar hij bewegingsruimte ziet om alsnog tot een akkoord te komen.
Dat zelfs een doorgewinterde Vlaams nationalist en republikein als De Wever voor het tweede jaar op rij de hulp inschakelt van de koning, het ultieme symbool van de Belgische federale staat, is veelzeggend. Het geeft de ernst van de situatie weer en laat zien welke bijzondere rol de koning inneemt in het verdeelde land.
De begrotingsonderhandelingen van het kabinet staan onder grote druk, omdat het code rood is voor de Belgische staatsfinanciën. België, dat al jaren meer geld uitgeeft dan het binnenkrijgt, had vorig jaar een begrotingstekort van 5,2 procent, ver boven de EU-norm van 3 procent. Komend jaar moet het kabinet extra geld vinden voor defensie om aan de Navo-afspraken te voldoen.
Zonder ingrepen loopt de staatsschuld zo snel op dat België in een ‘rentesneeuwbal’ terecht dreigt te komen: het moet geld lenen om zijn schuld te kunnen afbetalen. Om het tij te keren, moet het kabinet minstens 10 miljard euro bezuinigen. Dat is de derde megabezuiniging in drie jaar tijd.
Hoe dreigend het probleem ook is, over de oplossing worden de kabinetspartijen het niet eens: bezuinigen of toch het verhogen van belastingen?
Dat komt enerzijds door de enorme ideologische verschillen tussen de vijf partijen (sociaaldemocraten, christendemocraten (twee partijen), liberalen en Vlaams-nationalisten) die samen de federale regering vormen, zegt Dave Sinardet, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel. ‘De Wever heeft ook een aantal strategische fouten gemaakt, bijvoorbeeld door de Franstalige liberalen te beloven dat een btw-verhoging taboe is. Het gevolg is dat geen enkele partij nog bereid is tot een compromis.’
Tegelijkertijd zitten de kabinetspartijen nu absoluut niet te wachten op nieuwe verkiezingen, zegt Nicolas Bouteca, universitair docent politieke wetenschappen aan de Universiteit van Gent. Waarschijnlijk zouden alleen de radicale partijen op de flanken die nu niet in het kabinet zitten, zoals Vlaams Belang, daarvan profiteren. Dat maakt een volgende kabinetsformatie nog ingewikkelder. ‘België heeft nu al de langste formaties ter wereld. Het zou goed moeten lopen om binnen een jaar een nieuwe regering te hebben.’
Al die tijd zouden er geen bezuinigingen kunnen worden doorgevoerd en loopt de staatsschuld verder op. Bouteca: ‘Een volgend kabinet staat dan een jaar later voor dezelfde problemen, die dan nog groter zijn.’
De gespreksronde van de koning is volgens Bouteca bedoeld als ‘wake-upcall’ richting de coalitie, en om rust te creëren in het proces. De koning kan vrijdag met verschillende adviezen komen, waarvan de meest voor de hand liggende: ga terug aan tafel, onderhandel met dezelfde partijen over een nieuw regeerakkoord of trek de stekker er definitief uit.
Dat de koning een geliefde hulplijn is, ligt ook aan hemzelf, denkt Mark van den Wijngaert. De emeritus hoogleraar hedendaagse geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Leuven ziet een duidelijk verschil tussen koning Filip en zijn vader koning Albert II, die in 2013 aftrad. ‘Filip is minder geneigd om zich inhoudelijk met de politiek te bemoeien, waardoor hij voor alle partijen een geloofwaardige en betrouwbare gesprekspartner is.’ Hij verzamelde bovendien een kundig team met oud-diplomaten om zich heen.
In het Belgische moeras van bestuurslagen en taalgrenzen is de koning bovendien de ideale bemiddelaar, omdat hij de enige Belg is die noch Vlaming, Waal of Brusselaar is.
Van den Wijngaert: ‘Hij komt wel uit een Franstalige familie, maar volgens de grondwet is de koning als staatshoofd van de federale staat communautair neutraal.’ Omdat hij in tegenstelling tot veel politici vloeiend Frans, Nederlands en Duits spreekt, kan hij als neutrale partij letterlijk met iedereen in gesprek. ‘In een bestuurlijk ingewikkeld land als België is dat zeer welkom.’
‘Technisch gezien wel’, schrijft Wim Voermans, hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit van Leiden, aan de Volkskrant. Ook al heeft de koning sinds 2012 geen ‘regisserende rol’ meer in de kabinetsformatie, volgens de grondwet maakt hij nog altijd deel uit van het kabinet. ‘Hij zou dus net als de Belgische koning een ontslagaanvraag van het kabinet in beraad kunnen houden en dan kijken of er nog iets te lijmen of hervormen valt.’
Dat zou waarschijnlijk wel tot gefronste wenkbrauwen leiden, denkt Voermans. De koning staat sinds 2012 op afstand van de politiek. Zeker in de Tweede Kamer heeft hij minder contacten, gezag en draagvlak voor het doen van politiek handwerk, zoals het zoeken naar een compromis.
‘De horde voor actieve bemoeienis na een kabinetscrisis ligt dus niet op staatsrechtelijk vlak, maar op politiek vlak. Maar uitgesloten is koninklijke bemoeienis, zeker in theorie, niet.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant