Zeker twintig mensenrechtenorganisaties hebben hun samenwerking met het Internationaal Strafhof in Den Haag gestopt of drastisch ingeperkt. Ze hebben daartoe besloten vanwege sancties die zijn opgelegd door de Verenigde Staten.
De organisaties zijn in stilte gestopt met hun werk, blijkt uit een rondgang van Investico en de Süddeutsche Zeitung langs honderd organisaties.
De Amerikaanse regering van president Donald Trump heeft onlangs sancties opgelegd aan dertien (oud-)medewerkers van het Strafhof en drie Palestijnse organisaties. De onlangs aangekondigde sancties tegen het hele hof gaan over vijf maanden in.
Organisaties vertellen dat hun Amerikaanse financiers het via nieuwe contracten hebben verboden om samen te werken met het Strafhof. Het gaat om grote organisaties zoals Human Rights Watch. Ook Europese organisaties, die niet direct onder de sanctiewetgeving vallen, stoppen hun samenwerking. Ze vinden de risico's te groot.
De organisaties leveren belangrijk bewijsmateriaal of specialistische hulp aan het hof. Ze zijn vaak als eerste ter plaatse, leveren ooggetuigen en hebben expertise over lokale wetgeving. "Ze zijn een erg belangrijk deel van ons werk", zegt voormalig hoofdaanklager Fatou Bensouda, die tot 2021 voor het Strafhof werkte, tegen Investico. "Ze onderzoeken niet voor ons, maar voorzien ons wel van tips."
De twintig organisaties vormen volgens Investico waarschijnlijk slechts een fractie van het aantal organisaties dat niet meer met het Strafhof samenwerkt. Veel ngo's hebben de samenwerking in stilte stopgezet en willen dat niet bevestigen tegenover journalisten.
Source: Nu.nl algemeen