Home

Vluchtelingen uit Siberië leven hier op een dieet van insecten

Vogelinvasie In 1968 waren ze ineens overal: notenkrakers. Siegfried Woldhek dacht toen, als beginnend vogelaar, dat zo’n invasie normaal was. Dat bleek een vergissing. Pas nu is het weer zover.

Ik zit alleen in het bos en voor me, op de grond, loopt een notenkraker.  Hij – of zij – scharrelt aandachtig door de vermolmde takken en bladeren.  Tweehonderd meter verderop zag ik er zojuist nog een. Dit is een ander exemplaar, want van deze is de bovensnavel doorgegroeid, niet afgesleten. Twee notenkrakers! Voor het eerst in tientallen jaren is er weer een invasie van deze vogels.

Het is een dunbeknotenkraker, de Siberische ondersoort, die van achter de Oeral komt. Drieduizend kilometer, minstens. Dit is een volwassen vogel, die werd geboren en leefde in de taiga, tussen de Siberische dennen en andere naaldbomen.

Ik kijk en zuig de ongewone verschijning in. Hij wipt over een rotte tak, loert in alle hoeken en gaten en pikt iets op. Een mestkever. Waarom is zijn snavelpunt zo lang? Vogelsnavels blijven groeien maar worden normaliter in model gehouden door het gebruik. In zijn geval het peuren naar zaden in de harde dennenkegels. Zulke dennenkegels zijn hier niet. Zou zijn snavelpunt zijn doorgegroeid omdat hij al weken niet in dennenkegels heeft gehakt? 

In 1968 zag ik voor het eerst notenkrakers. Toen waren ze er opeens overal, soms gewoon op de weg. En drie winters daarvoor was er een grote invasie van jaar pestvogels. Voor mij als beginnend vogelaar leken zulke invasies dus normaal. Dat bleek een vergissing. Nu, achtenvijftig jaar later, is het pas weer zover.

De tijden zijn wel veranderd. Toen verzamelde het Vogeltrekstation de meldingen op allerlei manieren. Speek schreef over de invasie van 1968 dat er na het wegfilteren van dubbele en onbetrouwbare opgaven 4.174 waarnemingen overbleven, die op ponskaarten werden gezet en mechanisch gesorteerd. Ik zie het voor me: stapels kaartjes, een rammelende sorteermachine. Nu pak ik mijn telefoon en zie op waarneming.nl hoeveel notenkrakers er vandaag waar zitten. De invasie is kleiner dan die van toen, honderden in plaats van duizenden, maar de opwinding onder vogelaars is er niet minder om.

Opvallend is dat dezelfde vogels dag in dag uit op dezelfde plekken worden gemeld. Is dat omdat het de enige in de wijde omtrek zijn, of omdat iedereen, net als ik, naar de dichtstbijzijnde waarneming afreist? Maar het bos achter me ziet er net zo uit. Hoeveel scharrelen daar, ongezien en ongemeld? 

Waarom zijn ze hierheen gekomen? Het zijn immers standvogels, specialisten die het hele jaar in de taiga leven. Hun belangrijkste voedsel zijn de zaden, net kleine pijnboompitten, van de Siberische den. In de herfst begraven ze er duizenden, telkens in kleine hoopjes. In de winter vinden ze die feilloos terug, zelfs onder een pak sneeuw. Maar in sommige jaren draagt de Siberische den nauwelijks zaad. Dan is er weinig om te verstoppen en niets om terug te vinden. Dus gaan ze op de vlucht, naar het Westen. Niet om het avontuur, maar uit nood.

En nu zoekt die vogel voor me naar wat eetbaars. Hier geen vetrijke dennenzaden, maar vooral insecten zoals mestkevers. Op foto’s van andere plekken eten ze wespen. Ik heb geen idee hoe goed of slecht hij er nu aan toe is. In 1968 ging het merendeel van de vogels na verloop van tijd dood. Er werden maar liefst 962 dode notenkrakers bij erkende preparateurs en musea gebracht. Een paar overleefden de winter en er was in het jaar erna zelfs een succesvol broedgeval, maar van een massale terugtrek naar het broedgebied was geen sprake. 

Ik kijk naar de vogel op zijn vermolmde tak. Een dieet van insecten, de herfst is in volle gang, de winter komt eraan. Hoe lang zal hij of zij het volhouden?

Siegfried Woldhek is kunstenaar, illustrator, oud-directeur van de Vogelbescherming en medewerker van NRC.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next