Geografie De jaarlijkse vergelijking van vijftig gemeenten voor de Atlas voor gemeenten wijst onder meer uit dat Maastricht klimt op meerdere ranglijsten. En ook: „Bereikbaar aanbod van banen over de grens, is niet automatisch toegankelijk aanbod.”
De Nieuwstraat in Kerkrade ligt precies op de grens van Nederland en Duitsland. Dit is de Nederlandse zijde.
Voor inwoners van grotere gemeenten langs de grens met België en Duitsland is veel potentieel werk en woonplezier bereikbaar in het buitenland – in verhouding zelfs veel méér dan voor Randstedelingen. Toch hebben relatief weinig grensbewoners buitenlandse banen. Dat blijkt uit de woensdag verschenen Atlas voor gemeenten van onderzoeksbureau Atlas Research, waarin jaarlijks vijftig Nederlandse gemeenten met elkaar worden vergeleken.
Volgens de onderzoekers ligt het aanbod van banen en voorzieningen in gemeenten als Heerlen, Maastricht, Venlo en Sittard-Geleen voor twee derde in het buitenland. Niettemin, aldus het rapport: „Het potentieel over de grens is groot, maar wordt niet automatisch ook benut.” Onderzoeker Nancy Blaker: „Bereikbaar aanbod is niet automatisch toegankelijk aanbod.” Zo heeft minder dan 1 procent van de 15-74 jarigen in Maastricht, Venlo en Bergen op Zoom een inkomen uit werk in het buitenland.
Wél gebruiken inwoners van grenssteden veelvuldig voorzieningen over de grens die woonplezier bevorderen, zoals winkels, cultureel aanbod, attracties en parken. Zo hebben vrijwel alle Maastrichtenaren van 25 jaar en ouder het afgelopen jaar een activiteit in België of Duitsland ondernomen, variërend van (vooral) tanken, winkelen, boodschappen doen, natuurrecreatie en uit eten gaan. Ze steken de grens meestal over met de auto. „Wie geen auto heeft, kan het aanbod over de grens minder goed benutten”, aldus het rapport.
Dat weinig grensbewoners een baan over de grens hebben, is waarschijnlijk vooral te wijten aan „drempels” – zoals de andere taal en diploma’s uit Nederland die niet worden erkend. Dat kan beter, menen de onderzoekers: „grensgemeenten en regio’s [kunnen dat] aanbod beter benutten”. Maar dan moeten wel een aantal van die barricades worden weggenomen, door onder meer „grensoverschrijdende ov-verbindingen” te verbeteren of door „informatie over werken, studeren en zorg over de grens toegankelijk(er) te maken”. Een andere aanbeveling is ”aandacht hebben voor de verschillen in belasting- en sociale zekerheidsregels” en dus door die diploma’s te erkennen.
Een ‘grenssupermarkt’ in Haaksbergen, Overijssel.
In De Atlas worden gemeenten vergeleken op basis van verschillende categorieën. Als het gaat om hun aantrekkelijkheid als woonplaats, dan voert Amsterdam – evenals eerdere jaren – de ranglijst aan, op ruime afstand gevolgd door Amstelveen, Leiden en Utrecht. Onderaan de lijst staan Heerlen, Sittard-Geleen en Emmen, met kleine onderlinge verschillen.
Aantrekkelijk betekent binnen de contouren van dit onderzoek wat mensen willen betalen voor de kenmerken van een woonplaats. Dat Amsterdam veruit het beste scoort op dit vlak, dankt het volgens het onderzoek „vooral aan het hoge voorzieningenniveau, de bereikbaarheid van banen en het onderwijsaanbod met twee universiteiten”. Een kanttekening daarbij: „Op veiligheid en woonomgeving scoort Amsterdam juist laag.” Verder is Amstelveen een van de veiligste grootstedelijke gemeenten, Leiden en Utrecht komen uit het onderzoek naar voren als „historische steden met een hoog voorzieningenniveau”.
Voor een andere categorie, ‘brede welvaart’, gelden andere criteria: materiële welvaart, gezondheid en welzijn, werk en opleiding en werk-privébalans. En ook: woonplezier, natuur en milieu, sociale cohesie en veiligheid. Daardoor pakt die ranglijst weer heel anders uit dan die van ‘aantrekkelijkheid’. Bovenaan deze prijken Hengelo, Zwolle, Alphen aan den Rijn en Alkmaar.
In deze vergelijking scoren veel grote steden een stuk slechter, onder andere door meer armoede en minder veiligheid. Zo staat Amsterdam op deze ranglijst op plaats 42, onderaan staan Den Haag en – op enige afstand en als laatste – Rotterdam.
Maastricht is op beide ranglijsten het sterkst gestegen. Onderzoeker Joran Veldkamp over het succes van de Limburgse hoofdstad: „De stad is veiliger geworden dan tien jaar geleden en mensen ervaren dat ook zo. Bij de aantrekkelijkheid speelt ook mee dat het voorzieningenniveau sterker is verbeterd dan in andere grote steden.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie