Paul Verhagen | Geopolitiek analist Nu de Verenigde Staten niet meer de grote broer zijn om op te steunen, pleit Paul Verhagen voor een partnerschap met China. „Geen natuurlijke bondgenoot, maar anders dan Amerika heeft China nooit gedreigd NAVO-grondgebied te annexeren.”
„Vroeger leidde mijn Chinese kant wel eens tot opgetrokken wenkbrauwen. Vandaag de dag zorgt mijn Amerikaanse kant daar voor”, zegt Paul Verhagen.
Paul Verhagen denkt groot. Groot en gedurfd. Hij stelt niet alleen vast, zoals veel anderen ook doen, dat de wereld door de groeiende rol van technologie ingrijpend verandert. Dat technologie in het hart staat van de moderne samenleving, van de economie, van veiligheid en defensie. En dat we veel te afhankelijk zijn geworden van technologie uit de Verenigde Staten, die zich steeds vijandiger opstellen tegenover Europa. Verhagen zet ook de volgende stap, en komt met een krachtige aanbeveling voor de geopolitieke consequenties die wij, in Europa, aan dat alles moeten verbinden.
Namelijk: accepteren dat het bondgenootschap met Amerika na bijna tachtig jaar zo goed als dood is. Dat we het roer moeten omgooien, en op zoek moeten gaan naar een nieuwe partner die ons kan helpen onze Europese autonomie te versterken.
Daarvoor moeten we een „noodzakelijke wending naar China” maken, schrijft hij in zijn pas verschenen, en in het Engels geschreven boek The Techtonic Shift; Power, Tech and the End of Nations. Op basis van een „koele, soms meedogenloze strategische logica” wordt die koerswijziging volgens Verhagen noodzakelijk.
„China is geen natuurlijke bondgenoot”, erkent Verhagen bij een kop koffie in een café in de Nieuwmarktbuurt (die ooit gold als het Amsterdamse Chinatown). „China is geen democratie, mensenrechten worden geschonden en er zijn meer bezwaren. Maar als je op zoek bent naar een stabiele partner die zich voorspelbaar gedraagt, dan kúnnen we door een deur met China, om samen te kijken waar onze wederzijdse belangen liggen.
„Ik pleit er niet voor om de afhankelijkheid van Amerika in te ruilen voor afhankelijkheid van China. Maar wel om door toenadering tot China het proces te versnellen dat tot strategische autonomie van Europa moet voeren. Anders dan Amerika heeft China nooit gedreigd NAVO-grondgebied te annexeren.”
Verhagen (34) is ‘AI-strateeg’ aan de Universiteit van Amsterdam en senior fellow bij de Haagse denktank voor veiligheidsvraagstukken HCSS. Als hij spreekt over de verhouding tussen de drie grote machtsblokken in de wereld – de Verenigde Staten, Europa en China – dan heeft dat voor hem een bijzonder persoonlijk aspect.
„Ik ben Amerikaans-Chinees-Nederlands. Vroeger maakte het niet uit in welke volgorde ik dat zei. Tegenwoordig maakt het wél uit. Mijn vader komt uit Eindhoven. Mijn moeder kwam uit Los Angeles, waardoor ik een duidelijk Amerikaans accent heb. En mijn moeders ouders zijn in de jaren veertig – ik mag nooit zeggen ‘gevlucht’, want dan wordt mijn oma heel boos – onvrijwillig vertrokken voor de communisten. Dus ik ben etnisch Chinees-Nederlands. En ik heb een Amerikaans en een Nederlands paspoort.
„Dat wás altijd een leuke curiositeit, interessant voor een gesprek bij de borrel. Maar tegenwoordig is de vraag: in welke volgorde staan die identiteiten, en aan wiens kant sta je? Ik noemde me vroeger Nederlands-Amerikaans-Chinees, maar nu Europees-Chinees-Amerikaans. Vroeger leidde mijn Chinese kant wel eens tot opgetrokken wenkbrauwen. Vandaag de dag zorgt mijn Amerikaanse kant daarvoor. Maar die Amerikaanse kant maakt het tegelijk moeilijker om mijn betoog, dat Amerika geen bondgenoot meer is, weg te wuiven. Want ik ben niet een rabiaat anti-Amerikaanse Franse filosoof ofzo, ik ben zélf een Amerikaan.”
„In Europa, en zeker in Nederland, zagen we Amerika als een grote broer. Maar dat blijkt niet meer het geval te zijn. Europa maakt een rouwproces door en tijdens rouw moet je je verhouden tot een wereld waarin iets permanent veranderd is. In de psychologie spreekt men van een ongezond rouwproces als je na een jaar nog steeds niet erkend hebt dat er iets permanent is veranderd. Als ik nu luister naar de Europese Commissie, of het kabinet, dan vraag ik me soms af: jullie weten toch wel dat de patiënt is overleden, hè?
„Ook als Trump morgen weg is hebben we nog steeds te maken met een land dat structureel instabiel is. Dan heb je nog steeds die polarisatie, die enorme staatsschuld, een Congres dat al decennia de grootste moeite heeft om wetgeving van betekenis door te voeren, die dan later ook nog vaak wordt teruggedraaid. Je moet Trump zien als het symptoom van de problemen, niet als de oorzaak ervan.”
„De eerste, tweede en derde prioriteit van China is de sociale stabiliteit van het land. Het is geen democratie, dus ze hebben niet de natuurlijke uitlaatklep van verkiezingen om de gemoederen onder de bevolking tot bedaren te brengen. Daarom hebben ze structureel beleid voor de lange termijn nodig om die stabiliteit vast te houden. Het beste zou zijn als het in het Chinese strategische belang wordt dat Europa sterk en stabiel is. Daar heeft Europa opties voor, bijvoorbeeld door een deal te sluiten over de Chinese elektrische auto’s.”
„Europa wil veel. We willen ons weer bewapenen vanwege militaire dreiging uit Rusland. We willen verduurzamen. We willen zelf onze kritieke grondstoffen winnen. En we willen zelf onze kunstmatige intelligentie ontwikkelen.
„Dat zijn allemaal goede doelstellingen, maar denken dat je ze alle vier tegelijk kan nastreven is megalomaan. Bijvoorbeeld omdat die kritieke grondstoffen nodig zijn voor de drie andere doelen. En voordat je bijvoorbeeld in Scandinavië een mijn daarvoor hebt ontwikkeld, ben je tien jaar verder. Zo lang kan je niet wachten met de militaire opbouw.
„In Europa is de industriële capaciteit schaars. Weinig energie, weinig mankracht, weinig fabrieken, weinig grondstoffen. Dus we moeten ons goed afvragen: waar zet je je materiaal en mankracht voor in? Dan dringt de vraag zich op: waarom maken we in Europa eigenlijk elektrische auto’s, EV’s (electric vehicles)? Terwijl die uit China kwalitatief goed zijn en nog goedkoop ook. Het antwoord is natuurlijk: we maken ze om de Duitse auto-industrie overeind te houden.”
„Die houden we allemaal uit de wind met importheffingen op Chinese EV’s. Maar wat zou er gebeuren als we die heffingen laten vallen en massaal elektrische auto’s uit China kopen? Voor een prikje help je daarmee je duurzaamheidsdoelstelling. Het leidt natuurlijk wel tot groot banenverlies in de Europese auto-industrie. Maar dat hoeft niet erg te zijn als je die banen en fabriekscapaciteit kan inzetten voor het uitbouwen van de defensie-industrie. De Europese herbewapening wordt de grootste herstructurering van de economieën in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog.
„Met deze auto-deal zouden we de Chinezen ook een dienst bewijzen, want zij zitten nu met een overschot op hun thuismarkt. Daar help je ze vanaf. Tegelijk laat je zien: jullie hebben ruzie met de Amerikanen, maar niet met ons. Met ons kan je zaken doen: wij worden een betrouwbare afnemer van jullie auto’s, en in ruil daarvoor leveren jullie ons kritieke grondstoffen. Ondertussen gaan we wel verder met het bouwen van die mijn in Scandinavië, maar onze defensie-industrie hoeft niet te wachten tot die klaar is.”
„Als je niets doet, als je je wel los maakt van Amerika maar niet met de Chinezen in zee gaat, dan haal je géén van die vier doelstellingen [defensie versterken, verduurzamen, kritieke grondstoffen winnen, AI ontwikkelen, red.]. Europa zit in een situatie met ernstige externe bedreigingen: de technologische afhankelijkheid van de VS, de militaire dreiging uit Rusland en de economische afhankelijkheid van China. Dat zet druk op de ketel. Als het een kwestie van overleven wordt, dan moet je prioriteiten stellen. En het mooie van geopolitiek is, er zijn niet alleen dreigingen maar ook kansen. Als er één land is dat druk op Rusland kan zetten om de oorlog in Oekraïne te stoppen, dan is het China.”
„Mondiaal is de wending tot China overigens helemaal geen afwijking. De rest van de wereld heeft allang gezien dat China de opkomende macht is. Het Europese vastklampen aan de Verenigde Staten, wat steeds meer een Amerikaans-Israëlisch blok is, wordt ons niet in dank afgenomen. Het wordt in veel landen als hypocriet gezien dat wij graag schermen met mensenrechten, maar dat niet waarmaken als het erop aankomt.”
„Iets met Taiwan en iets met ASML. We moeten heel helder zijn over de prijs die Europa moet betalen. We komen voor de vraag te staan: hoe stellen we ons op tegenover Taiwan, dat voor China een afvallige provincie is. In het Europees Parlement wordt gesproken over de verdediging van Taiwan. Maar dat is een hypothetische discussie, zolang je als Europa niet eens in staat bent je eigen achtertuin te verdedigen tegen Rusland. De cynische, maar realistische afweging is dat Oekraïne een groter geostrategisch belang voor Europa is dan Taiwan.”
„Taiwan heeft zich met de productie van chips onmisbaar gemaakt voor de wereldindustrie. Dat is hun zogenoemde ‘silicon shield’, een economische vorm van afschrikking. Het is in niemands belang dat de toevoer van chips wordt verstoord.
„Maar je ziet al een tijd dat dat schild aan het afbrokkelen is. Amerikanen en Europeanen beseffen dat ze wel erg kwetsbaar zijn geworden en beginnen chipfabrieken in eigen land te bouwen. Ook daaraan zie je dat technologie niet alleen meer een marktproduct is, maar ook een strategisch goed is geworden.
„Nederland en Europa hebben een troefkaart in handen met chipmachinefabrikant ASML. China wil maar wat graag de meest geavanceerde machines van ASML kopen, maar dat mag niet van de Amerikanen. Ik heb wel te doen met ASML. Ze hebben misschien wel de meest cruciale technologie voor digitalisering en AI, maar ze zijn gevangen geraakt in de geopolitieke strijd tussen de VS en China.
„Maar de belangen van Europa en China kunnen op dit terrein dezelfde kant op gaan. Wat is het de Chinezen waard om die machines van ASML toch te krijgen? Je hoeft die machines niet meteen naar China te sturen, als je alleen al zou zeggen dat het bespreekbaar is laat je China zien dat Europa zich van de VS onderscheidt en openstaat voor toenadering.”
„Het is een misverstand om te denken dat de VS en China met AI in de dezelfde race verwikkeld zijn. De Amerikaanse bedrijven zijn sterk gericht op een vorm van AI die de intelligentie van de mens in alle opzichten evenaart: AGI, Artificial General Intelligence. Voor China gaat het altijd meer om toepassingen van AI, om hoe de technologie gebruikt gaat worden. En vooral: hoe de staat ermee geholpen kan worden – bij industrieel beleid, zorg, onderwijs en surveillance van burgers.
„In de VS worden delen van de economie nu weggedrukt – zoals de huizenbouw en het oplossen van de congestie op het stroomnet – omdat zo massaal wordt ingezet op de uitbouw van AI, met de belofte dat dat het waard is. Maar wat gebeurt er als je halverwege het streven naar AGI niet verder komt – en je wel al die kosten hebt gemaakt, maar de baten uitblijven? In de VS belopen die investeringen nu 10 procent van het bbp. Als je zou zeggen: ik heb 10 procent van het bbp beschikbaar om de hele samenleving toekomstbestendig te maken, denk ik dat niemand ervoor zou zijn om dat allemaal in te zetten op AI. Maar dat is wél wat we hebben gedaan.
„Zij. My fellow Americans.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie