De Taiwanese economie maakt dankzij AI een stormachtige groei door. Die heeft beleggingsgekte op gang gebracht. ‘Het voelt als een nationale sport.’
is correspondent China voor de Volkskrant. Ze woont in Beijing.
Zijn ‘nogal traditionele’ ouders vinden zelfs internetbankieren te riskant, vertelt Hsu Fang-Hua (19), die rechten studeert aan de Soochow Universiteit in Taipei. Dus nee, hij heeft nog maar niet verteld dat hij sinds vorige maand ruim 20 duizend Taiwanese dollars (550 euro) in aandelen heeft belegd. Hij leunt naar voren en fluistert glimlachend: ‘Ze weten van niks.’
Hsu kocht aandelen van de Amerikaanse chipmaker Nvidia en van TSMC. Die Taiwanese chipmaker, het waardevolste bedrijf van Azië, is in zijn eentje goed voor 41 procent van de waarde van de Taiwanese beurs. Daarnaast kocht Hsu een mandje met aandelen van de vijftig grootste Taiwanese bedrijven, een zogeheten ETF. Daarin beleggen is in Taiwan zo populair dat krantenkoppen het simpelweg aanduiden met de beurscode ‘0050’. ‘Heel aantrekkelijk’, zegt Hsu. ‘Je hoeft je verstand niet te gebruiken: je stopt er geld in en het stijgt, 99 procent zeker. Als je geld kunt verdienen zonder na te denken, waarom zou je dan niet instappen?’
Achteraf gezien heeft Hsu zeker gelijk: de Taiwanese aandelenmarkt is in het afgelopen jaar met 80 procent gegroeid. Alleen de Amerikaanse, Japanse en Chinese aandelenmarkt zijn nog meer waard. En wie een jaar geleden ‘0050’ kocht, zag zijn inleg bijna verdubbelen.
Toch wil Hsu niet alleen ‘de massa’ volgen. Om die reden is hij vanavond naar de studentenclub voor beleggers gekomen aan zijn universiteit, in het centrum van Taipei. Daar geeft een financieel specialist, Josh Qu, op uitnodiging van de club een lezing ‘beleggen voor beginners’. ‘Ik wil jullie even uitdagen’, waarschuwt hij zijn dertig toehoorders. ‘Wie aandelen koopt zonder kennis, is gewoon aan het gokken. Dan ben je net als de doorsnee oma’ – ook die belegt in Taiwan, blijkbaar – ‘die blind vertrouwt op andermans mening.’
Dankzij de AI-boom maakt de Taiwanese economie een hallucinante groei door: dit jaar 10,7 procent, zo verwacht het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Dat is ruim tweemaal zoveel als de 4,5 procent die het voor China voorspelt. Nederland zal ongeveer 1,5 procent aantikken.
Talloze bedrijven op dit kleine eiland met 23 miljoen inwoners leveren namelijk de essentiële hardware waarmee de infrastructuur achter de AI-economie wordt gebouwd, zoals datacenters. Verreweg het belangrijkste bedrijf op dit vlak is TSMC, de grootste fabrikant van geavanceerde chips ter wereld. Zonder chips van TSMC zouden bedrijven als Nvidia en OpenAI in hun huidige vorm simpelweg niet kunnen bestaan.
In de eerste acht maanden van dit jaar exporteerde Taiwan voor 167 miljard euro aan goederen naar de VS, tonen Amerikaanse overheidscijfers. Dat is zelfs 3 miljard meer dan China. Jensen Huang, de baas van Nvidia, noemde Taiwan eerder dit jaar dan ook het ‘epicentrum van de AI-revolutie’. De komende jaren wil Nvidia jaarlijks 150 miljard dollar in Taiwan investeren. ‘Taiwan blinkt uit in de productiesector, met name in de hightechindustrie’, aldus de Taiwanees-Amerikaanse Huang, die in zijn geboorteland als superster aanbeden wordt.
Rechtenstudent Hsu had geen grote reserves paraat om mee te beleggen. Als hij zijn startkapitaal verliest, dan zal hij een beetje moeten beknibbelen op zijn dagelijkse behoeftes. Toch wilde hij absoluut nu al beginnen met beleggen: ‘Ik wilde deze kans niet missen.’ Die angst is groter, zegt hij, dan de angst om geld te verliezen.
Dat zogeheten FOMO-gevoel – fear of missing out – speelt een belangrijke rol in de Taiwanese aandelenkoorts, zegt Liu Zheng-qi (20), de voorzitter van de studentenbeleggersclub. ‘Wie niet in de hightechsector werkt, gaat er nauwelijks op vooruit.’ Terwijl de Taiwanese economie in het tweede kwartaal bijna 13 procent groter was dan het jaar ervoor, stegen de lonen slechts met 1,6 procent.
Een ‘K-vormige economie’ heet dat, doceert de economiestudent in Pokemon-shirt: de welvaart van de rijkste en de armste Taiwanezen komt steeds verder uit elkaar te liggen. Ter illustratie: het gemiddelde maandinkomen in Taiwan ligt rond de 1.400 euro. Maar ruim 70 procent van de Taiwanezen verdient minder. De tech-werkers aan de top trekken het gemiddelde omhoog.
Beleggen biedt een kans voor de gewone Taiwanees om toch mee te profiteren van de economische groei, zegt Liu. ‘Van vakgebied veranderen gaat niet zomaar, maar met aandelen kan je direct beginnen.’ Alleen al in de eerste helft van dit jaar kwamen er ruim een half miljoen nieuwe Taiwanese beleggers bij, op een bevolking van 23 miljoen.
De aandelenkoorts is overal in Taiwan voelbaar, zegt economiestudent Chung Ya-han (20), die vanavond naar de lezing kwam met een vriendin. ‘In de metro zit iedereen op z’n telefoon de aandelenkoersen te checken. Het voelt als een nationale sport.’ Ze schat dat meer dan de helft van haar vrienden belegt. Zijzelf nog niet. Haar vader, die in de financiële sector werkt, raadt het af. ‘Maar je wordt toch beïnvloed. Iedereen zegt steeds tegen elkaar: Ik heb vandaag zo-en-zoveel verdiend. Je krijgt echt het gevoel van: iedereen is zo goed bezig.’
Hoezeer beleggen leeft, blijkt uit de meme-stickers die economiestudent You Zih-yi voor de beleggersclub ontwierp. Eentje draagt het opschrift ‘AI-bieslook’: een bijnaam voor kleine, onervaren beleggers die zich op AI-aandelen storten. ‘Eigenlijk zoals wij dus’, zegt ze, half grappend. Ze kopen pas wanneer grote spelers al met winst verkopen, en blijven bij een koersdaling met de verliezen zitten. Zo worden ze ‘geoogst’, legt You uit. ‘En dan groeit er razendsnel nieuwe bieslook aan. Groeien, oogsten, groeien, oogsten.’
Ze maakte ook een sticker met Trump en de tekst ‘financiële vrijheid’. ‘Niet omdat we wel of niet van Trump houden’, zegt You. ‘Maar we grappen over hem dat hij je helpt om het absolute dieptepunt van een aandeel te vinden. Zodra hij één ding roept, storten de aandelen in. Dus als belegger moet je hem wel volgen: hij is een soort goddelijk figuur dat eigenhandig de beurs manipuleert.’
Maar beleggen is niet altijd loltrapperij, erkent clubhoofd Liu. Dat ondervond hij zelf, toen hij samen met een vriend een riskant beleggingsproduct kocht, waarbij zowel de koersstijgingen als koersdalingen werden verdrievoudigd. Toen de koers drie dagen achtereen kelderde, verkocht Liu in paniek. Hij raakte bijna zijn hele inleg kwijt. Kort daarna steeg het aandeel weer; zijn vriend maakte flinke winst. Liu had eerst moeten overleggen met zijn vriend, vindt hij achteraf. Dan had hij vast minder uit emotie gehandeld. Een leerzame ervaring, troost hij zichzelf. En het verloren geld, ‘dat beschouw ik maar als leergeld’.
Liu mag zijn lesje hebben geleerd, hij maakt zich zorgen over de vele Taiwanezen die zonder enige kennis van zaken beleggen. ‘Op de aandelenmarkt bestaat er geen gelijkspel’, zegt hij. ‘Er raakt altijd iemand gewond. En als jij minder ervaring hebt dan de ander, is de kans dat jij gewond raakt simpelweg veel groter.’
De laatste weken neemt de belegstress in Taiwan toe. Het IMF waarschuwde twee weken geleden dat een AI-crash een van de drie belangrijkste risico’s voor de wereldeconomie vormt. ‘De gevolgen van een correctie op de AI-markt kunnen wereldwijd gevoeld worden’, aldus het IMF. Nog dezelfde week leek zo’n correctie even op komst; AI-aandelen daalden scherp.
Ook het aandeel van TSMC kwakkelt de laatste weken. Het staat nu bijna 6 procent lager dan aan het begin van de maand. Opmerkelijk voor een bedrijf dat vorige week voor het zesde kwartaal op een rij recordwinsten bekendmaakte, en stelde dat de ‘extreem robuuste’ vraag naar geavanceerde chips nog altijd ruimschoots uitstijgt boven de leveringscapaciteit. De beurs van Taiwan daalde sinds begin deze maand met zo'n 6 procent.
Als er een AI-crash zou komen, dan zou dat voor de Taiwanese economie ‘moeilijk te overschatten zijn, zo rampzalig’, zegt analist Nick Marro van Economist Intelligence Unit. Toch verontrusten de beursschommelingen hem niet. ‘Ze tonen vooral dat de markten niet noodzakelijkerwijs de economische werkelijkheid volgen.’ De ‘harde data’ – zoals exportorders die al tot ver in 2027 uitstaan – stemmen hem optimistisch. ‘En als je gelooft dat kunstmatige intelligentie een blijvertje is, en dat het transformatief zal zijn, dan blijven de vooruitzichten voor Taiwan goed.’
Rechtenstudent Hsu gelooft dat zeker. Hij denkt niet dat hij te laat is ingestapt. Zolang de AI-revolutie zijn doorgang vindt – of dat nou sneller of langzamer gaat – de behoefte aan TSMC’s chips blijft bestaan, zegt hij. ‘Hun fabricageproces loopt nog steeds mijlenver voor’, aldus Hsu. ‘Pas wanneer andere bedrijven ze gaan inhalen, verkoop ik mijn aandelen. Daar heb ik nog wel even de tijd voor.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant