Home

Turend bestaan van een journalist die het nieuws liever beschouwde dan erop joeg

Heel lang was Arno Haijtema (67) de Mister Photography van de Volkskrant, maar hij kon ook prachtig schrijven over heel persoonlijke ervaringen. Vlak na zijn pensioen overleed hij, totaal onverwacht.

is boekrecensent bij de Volkskrant.

Een van de mooie tradities van de Volkskrant is dat voor een collega die afzwaait een afscheidskrantje wordt gemaakt met bijdragen van collega’s. Het krantje voor Arno Haijtema had als titel Observatorium, naar zijn geesteskind: het aan fotografie gewijde katern dat vele jaren als nieuwjaarsbijlage bij de krant verscheen. Op de omslag een foto van zijn eigen camera, zo’n vintage rechthoekige Rolleiflex uit Braunschweig, waar kenners bij zwijmelen. Aan het lederen draagbandje kon je zien dat de camera intensief was gebruikt.

Dat afscheidskrantje is gedateerd op 23 april 2026, de datum waarop hij met pensioen ging. Hij vertelde die dag zich te verheugen op de zeeën van tijd die hij kreeg. Nog een beetje schrijven voor de krant, fotograferen, piano leren spelen, het boek afmaken over de dochter van een NSB’er waaraan hij al een tijd werkte.

Een half jaar later, op 22 oktober, is hij overleden. Zomaar, op de loopband van de sportschool; de eerste hulp die meteen ter plekke was mocht niet baten. Haijtema was ooit rock-’n-roll, maar koesterde al heel lang zijn gezondheid: veel sporten, gezond eten, amper drinken en op de fiets vanuit Castricum naar de redactie in Amsterdam, 35 kilometer heen en weer. Een Gazelle Cityzen speedpedelec, dat wel; zo’n racemonster met kentekenplaat waarmee je gemakkelijk 40 kilometer per uur kunt halen. In een mijmerend verhaal over zijn woon-werkverkeer noteerde Haijtema in 2018 dat hij al forensend de afstand naar Magadan in Oost-Siberië had overbrugd: 12.698 kilometer. Bij zijn pensionering had hij waarschijnlijk de wereld rondgefietst.

Newwaveband

Haijtema was 25 toen hij zich in 1984 aanmeldde bij de Volkskrantredactie. Hij had al een mooie loopbaan buiten de journalistiek als gitarist van newwaveband Slauerhoff, ooit begonnen als vriendengroep in Castricum, maar uitgegroeid tot een succesact in binnen- en buitenland. Als een van de eerste westerse bands speelde Slauerhoff in grote stadions in de Sovjet-Unie en Georgië. Haijtema had zich voorgenomen daar na zijn pensioen een boek over te schrijven.

Een paar jaar combineerde hij Slauerhoff met journalistiek, maar dat werd te zwaar. Hij koos voor de Volkskrant, waar hij begon als regiocorrespondent in Den Haag, en al snel werd gevraagd voor de rubriek Dag in Dag uit. Echt landen deed hij bij de kunstredactie en later het katern V, als verslaggever en veeleisende eindredacteur. Daar kreeg zijn beschouwende aard alle ruimte. Fotografie werd zijn specialisme, hij leidde ook een tijd de fotoredactie en was zes jaar voorzitter van het bestuur van de Zilveren Camera, de jaarlijkse prijs voor fotojournalistiek.

Een Volkskrantredacteur was in die tijd vaak iemand met stellige meningen, een beetje hoekige omgangsvormen en weggestopte gevoelens. Zo was Haijtema niet. Hij was aardig, bijna te aardig voor het vak. Eerder iemand van het bewonderen dan van de kritiek, eerder een beschouwer dan een nieuwsjager. Hij had iets onpeilbaars. Alsof achter die melancholieke oogopslag een wereld schuilging die hij liever voor zichzelf hield. ‘Hij was de gevoeligste man die ik ken’, zei zijn zoon Misha een dag na de uitvaart, afgelopen zaterdag.

Soms kreeg je daar iets van te zien. Haijtema kon goed somberen, er waren perioden waarin een depressie de overhand kreeg. Maar hij wist ook zijn persoonlijke ervaringen journalistiek te vertalen. Bij voorkeur goot hij die in de vorm van adviezen. In 2019 verscheen van hem een openhartig stuk met ‘tien symptomen’ om het verschil te herkennen tussen ‘een beetje overwerkt’ zijn en ‘de aan rouw grenzende verslagenheid van een depressie’.

Hulpverlener

De journalist als hulpverlener – een rol die hij op de redactie ook had voor collega’s met wie het even minder ging. Een pijnlijke scheiding inspireerde hem tot ‘negen inzichten na een relatiebreuk’, een verhaal over het opruimen en opnieuw beginnen: ‘Moedig de toekomst in, dus. Bij gebrek aan een gezin moest de eengezinswoning in de verkoop. Ik moest een geengezinswoning: een appartement. Klein, overzichtelijk, compact. Stoere woorden – bruikbaar alternatief voor het aloude ‘vrouw en kinderen eerst!’’ Een echte Haijtema herken je aan de subtiele, soms zwarte humor, die trouwens ook goed van pas kwam toen hij tv-recensent werd.

Haijtema werd in 1959 geboren in een Hoogovensgezin in Beverwijk, dat later naar Castricum verhuisde, waar hij na zijn Amsterdamse jaren met zijn eigen gezin – hij heeft twee zonen – zou terugkeren. Over zijn jeugd en afkomst schreef hij twee romans, De vadermoordenaar en Mond vol kiezels, maar ook een prachtig verhaal voor het Volkskrant Magazine, geïllustreerd met polaroids van eigen hand. Daar staat: ‘Het eerste portret van mij als 7-jarige is gemaakt op polaroid, bij Bertens Optiek aan de Plantage, ter gelegenheid van mijn eerste bril (met glazen van hard plastic). Ik sta er ongelukkig op. Nee, sip is het juiste woord. De bezegeling van een turend bestaan.’

Een turend bestaan. Observatorium, die door hem bedachte naam, past bij het leven zoals hij dat voor zich zag. Het Observatorium, dat was Haijtema zelf. Wat dat betreft deed dat afscheidskrantje hem recht. Wat wel heel treurig is: het was bedoeld als afscheid van de krant, en niet van het leven.

Driemaal Arno Haijtema

‘Ik woonde met mijn ouders, zus en (vanaf mijn 9de) broertje in een eengezinswoning in de boomvrije Meidoornstraat. Krappe, tochtige en gehorige rijtjeswoningen, van het soort waarmee Nederland, net als met die flats, bezaaid is. We konden de buren horen praten en hun servieskastdeurtjes horen piepen.’

(Met de polaroidcamera terug naar het Beverwijk van vroeger, Volkskrant-magazine, 7 maart 2024)

‘De wetenschapper die onlangs beweerde dat appen op de fiets geen extra ongelukken veroorzaakt, nodig ik met forse tegenzin uit eens met me mee te rijden. [...] Niet denken dat hun iets te leren valt; accepteer het gelaten. Van de vermeend onkwetsbaren hoop ik dat ze hun donorcodicil hebben ingevuld.’

(uit een artikel over woon-werkverkeer per pedelec en de ergernis over naast elkaar fietsende scholieren, de Volkskrant, 3 april 2018)

‘Wie, zoals ik, zich zonder trots maar evenmin zonder schaamte een ervaren reiziger (59) mag noemen in de verraderlijke werelden van burn-out en depressie, weet dat de lange weg van ineenstorting naar herstel wordt gemarkeerd door angst.’

(eerste zin van een artikel over burn-out en depressies, de Volkskrant, 10 februari 2019)

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next