Home

Marathonwereld heeft er een nieuw fenomeen bij: Zweed Andreas Almgren zegeviert bij zijn debuut in New York

Zoals Andreas Almgren traint, zijn er maar weinig. Bij zijn marathondebuut, zondag in New York, won de eigenzinnige Zweed.

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.

Alsof hij aan een rondje door het park bezig was, zo liep Andreas Almgren de laatste meters op weg naar de overwinning in de marathon van New York. Het klinkt paradoxaal, maar de overwinning van de Zweed was tegelijkertijd even verbazingwekkend als voorspeld.

De 31-jarige Almgren maakte zijn debuut over 42,195 meter, maar werd desondanks als een van de belangrijkste favorieten gezien. De reden? Zijn unieke aanpak en het wonderbaarlijke seizoen dat hij al had beleefd met de Europese titel op de 10.000 meter in augustus en de wereldtitel op de halve marathon in september. In Kopenhagen liep Almgren naar 58.30, een Europees record, en wekte daarmee hoge verwachtingen voor zijn eerste marathon.

Almgren past in een traditie van Scandinavische eigenheimers, die een andere route kiezen dan gebruikelijk en hun sport op stelten zetten. Denk aan de Zweedse schaatser Nils van der Poel, maar ook de Noorse atleet Jakob Ingebrigtsen. Met Van der Poel deelt Almgren de omslag in zijn carrière: van subtopper naar sportief wereldwonder.

Fysieke tegenslagen

Als tiener behoorde Almgren tot de besten van de wereld. Talent had hij wel. Hij werd juniorenwereldkampioen op de 800 meter in 2014. Maar in zijn seniorentijd had Almgren zoveel met fysieke tegenslagen te maken dat hij zijn belofte nooit waarmaakte. Hij was een topper in eigen land, maar daarbuiten niet.

Ook al overwoog hij het, Almgren stopte niet toen zijn talent bij de senioren niet tot wasdom kwam, maar verlegde zijn aandacht en zijn aanpak. Hij richtte zich op langere afstanden, maar behield daarbij in zeker opzicht de trainingsmethode van de midellangeafstandslopers. Zo staat er geregeld een double threshold training op zijn programma: dat betekent twee intensieve maar korte trainingen op één dag. Dat is iets wat Ingebrigtsen ook vaak deed en wat inmiddels gemeengoed is onder topatleten op de baan. Daarbij is controle heel belangrijk: de trainingen moeten stevig zijn, en tegelijkertijd niet te zwaar. Het is een precaire balans, waarbij Almgren leunt op kennis uit onder andere wielrennen en schaatsen.

Almgren is heel precies. Tot twee jaar geleden werkte hij, naast zijn sport, als datawetenschapper en zo benadert hij zijn trainingen ook. Hij schrijft zijn eigen schema’s en gaat anders dan zijn collega’s van de lange afstanden niet veel op hoogtestage. En hij weet dat die intensieve trainingen alleen aanslaan als hij daarnaast heel veel rustige kilometers maakt. Sinds hij dat doet, zijn zijn prestaties met sprongen vooruitgegaan. De eerste tekenen waren er vorig jaar al met een Europees record op de 5.000 meter (12.44.27) en brons op de 10.000 meter bij de WK in Tokio.

Verschuiving

Voor Abdi Nageeye, twee jaar geleden winnaar in New York, gold Almgren dan ook als de grote favoriet. Hij ziet dat de combinatie van controle en intensiteit tot snelle tijden leidt. En hij constateert dat die aanpak op dit moment vooral door lopers in Amerika en Europa wordt toegepast. Dat zal tot een verschuiving in de verhoudingen leiden, verwacht hij. ‘Ik denk wel dat we de komende tijd meer atleten gaan zien dan alleen Kenianen en Ethiopiërs, die de laatste jaren hebben gedomineerd’, zei hij tijdens een digitaal persmoment een paar dagen voor de start van de marathon.

Nageeye kreeg in de straten van Manhattan zijn gelijk, al zag de Nederlander dat niet vanaf de eerste rang zoals hij had gehoopt. Hij had in de aanloop naar deze wedstrijd minder op snelheid kunnen trainen dan hij hoopte en moest het vooral hebben van een gelijkmatig tempo van zijn concurrenten. Dat kreeg hij niet. Toen er halverwege werd versneld, moest hij eraf, maar kon hij 5 kilometer later op zijn eigen tred terugkeren.

Maar toen de finale losbarstte en Almgren met de Ethiopische Italiaan Yemaneberhan Crippa door Central Park schoot, liep Nageeye al op een respectabele achterstand. Hij eindigde als 13de in 2.07.58 en zag niet hoe de Zweedse debutant en favoriet zijn laatste concurrent afschudde en 2.06.01 op de finishklok zette.

Nageeye zelf zal zich niet snel aan dezelfde trainingsmethode als Almgren onderwerpen. Hij weet met zijn 37 jaar en lange loopbaan inmiddels wel waar hij goed op reageert. En na een dik jaar waarin hij met hamstringproblemen kampte, is hij gesterkt in zijn overtuiging dat hij voorzichtig moet zijn met zijn lijf. Juist niet te veel intensiteit, dus.

Sowieso vermoedt Nageeye dat er in de felle trainingen die Almgren en gelijkgestemden doen ook gevaren schuilen. ‘Het is op de limiet. Ik weet niet of het goed is voor je spiervezels en pezen’, zei hij. ‘Ik weet niet of je er een tien jaar lange carrière mee op kunt bouwen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next