Mariëtte Hamer | regeringscommissaris grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld Na haar komt er geen nieuwe regeringscommissaris die probeert grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld terug te dringen. Tot spijt van Mariëtte Hamer, die in de afgelopen jaren wel vooruitgang zag. „Wat ik echt heel mooie vind is dat omstanders het steeds vaker ‘gepast’ vinden om actie te ondernemen als zij seksueel grensoverschrijdend gedrag zien.”
Mariëtte Hamer, regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld.
Mariëtte Hamer had graag haar rol willen overdragen. Maar de regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld stopt in december en het kabinet benoemt geen opvolger. Het maatschappelijk gesprek over seksueel grensoverschrijdend gedrag is „niet klaar”, vertelt ze op haar werkkamer in de Haagse Hoftoren van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Maar ze heeft wel een „norm neergelegd”, zegt ze. „Vraag maar eens op een gemiddelde werkvloer aan iemand: wat mag jij niet meer?’”
„Er komt geen opvolger.”
„In zo’n gesprek zou je iemand willen stimuleren om met hetzelfde enthousiasme aan de slag te gaan. In 2022 lag er niets, nu wordt het gesprek over seksueel overschrijdend gedrag breed gevoerd. Maar ik zou ook zeggen: het is broos. De aandacht vlamt op, en zakt weer weg. Ik heb steeds geprobeerd die aandacht niet te laten verslappen.”
„Nee, de opdracht die ik [in 2022] van het kabinet kreeg was voor drie jaar, toen viel het kabinet en heeft het nieuwe kabinet centjes bij elkaar gesprokkeld voor een verlenging van anderhalf jaar. Ik heb lang de hoop gehad dat de functie wel verlengd zou worden, maar op een gegeven moment daalde het besef in dat dat niet gaat gebeuren. Ik had het het liefst willen overdragen aan een jongere vrouw. Het gesprek is nog niet klaar en nu stoppen is kapitaalvernietiging.”
Deze vrijdag is voor het derde jaar op rij een onderzoek uitgekomen over hoe Nederlanders naar seksueel grensoverschrijdend gedrag kijken. Daaruit blijkt dat zulk gedrag meer wordt herkend. Het aandeel Nederlanders dat denkt dat een slachtoffer zelf medeverantwoordelijk is (victim blaming) is gedaald van 49 procent in 2023 naar 36 procent in 2026.
Er is een duidelijk verschil tussen generaties zichtbaar. Veertigplussers vinden bijvoorbeeld ongewenste seksuele grappen maken minder erg dan veertigminners. Opvallende uitkomst: meer mannen dan vrouwen zien nafluiten of -roepen op straat als ongewenst. Met de toegenomen (h)erkenning van grenzen is wel de angst gegroeid dat het uiten van beschuldigingen van grensoverschrijdend gedrag wordt misbruikt om iemand onderuit te halen.
„Wat ik echt een hele mooie vind is dat omstanders het steeds vaker ‘gepast’ vinden om actie te ondernemen als zij seksueel grensoverschrijdend gedrag zien. Daarin zien we een grote sprong van 40 naar 60 procent. Dat ze bijvoorbeeld vragen: ben je oké? Het is heel effectief als omstanders iets zeggen. Wij denken dat het nog effectiever is als een man dat doet. Daarom hebben we samen met de Rijksoverheid ook de campagne gestart: ‘Man, zeg er wat van!’. Daar kwam ook kritiek op omdat we niet genoeg aandacht zouden hebben voor de vrouw, maar je kunt in één campagne maar één boodschap overbrengen.”
„Natuurlijk ligt dat bij de dader, maar je hebt die omstander nodig. Het is én én. Wij hebben de afgelopen vierenhalf jaar geprobeerd een nieuwe norm neer te leggen.”
„Nou, dat je om consent vraagt. Dat je geen seksistische grapjes maakt of flauwe grapjes waarmee je een ander in de hoek zet. Dat je mensen niet zomaar aanraakt.”
„Ik heb die zaken steeds aangegrepen om me uit te spreken over de onderliggende patronen. Zoals bij Johan Derksen.”
„Ik vond het heel jammer dat Johan Derksen nooit heeft gezegd ‘Joh, ik heb daar een fout gemaakt.’ Hij had een geweldige ambassadeur kunnen zijn, door te erkennen: dat was een domme grap.”
„De zorg. Er werken veel mensen met elkaar, dicht op elkaar, en vaak ook fysiek. Dat zie je terug in de manier hoe je met elkaar omgaat. Het is iets in de cultuur. Formele en informele macht loopt door elkaar: een chirurg heeft veel informele macht, staat hoog in de hiërarchie, is moeilijk aanspreekbaar op zijn gedrag. En de meldstructuur was op veel plekken in de zorg niet op orde. Dat alles maakt het kwetsbaar, maar daar hebben we met de zorgsector aan gewerkt. Uit de technische hoek hoor ik ook veel verhalen over seksueel grensoverschrijdend gedrag. Daar is veel behoefte aan arbeidskrachten, maar de vrouwen zitten bijvoorbeeld nog altijd met voornamelijk mannen in de klas.”
„Ik zie wel een worsteling onder leidinggevenden op de werkvloer. Hoe kunnen zij nog kritiek geven? Dat bijvoorbeeld een werknemer zegt dat het ‘niet veilig voelt’, terwijl het om een beoordelingsgesprek gaat.
„Maar iemand vals beschuldigen van seksueel grensoverschrijdend gedrag komt heel weinig voor. Ga jij maar eens aangifte doen van een verkrachting die niet is gebeurd, je kijkt wel link uit.”
„Het is natuurlijk heel naar dat de rechtszaak zo lang geduurd heeft. Maar de discussie ging veel over hoe erg dat voor hem was. Hij is beschadigd geraakt, maar hij gaat nu ook proberen zijn advocaatkosten te verhalen dus daar is in ons systeem ook een middel voor. In Nederland is er een sterke cultuur om je te bekommeren om de beschuldigde. Dáár gaat het gesprek vaak over in de talkshows.”
„Wij richten ons niet op zaken met minderjarigen, dat valt onder de Nationaal Rapporteur en ik ben ook geen rechter maar in algemene zin zie je hoe ongelooflijk moeilijk de bewijsbaarheid is bij zedenzaken. En hij is vrijgesproken wegens gebrek aan bewijs dus dat is wel iets anders dan dat is vast komen te staan dat je iets niet gedaan hebt. Daarom is steunbewijs heel belangrijk. Dat je er toch als slachtoffer snel over gaat praten, dat je iemand appt of het er met iemand over hebt. Maar dat is heel ingewikkeld. Voordat je een aanranding aan jezelf durft toe te geven, laat staan aan een ander…”
„Ja. Ik ken bijvoorbeeld een aantal meisjes die zijn aangerand en het heel lang voor zichzelf hebben gehouden. Ze willen niet toegeven dat het een aanranding was. Dan hebben ze het over diefstal of dat de dader op hun portemonnee uit was.”
„Ja, die heeft daarover verteld. Maar ook vriendinnen van haar hebben vergelijkbare voorbeelden.”
„Zeker. De moord op Lisa werd breed opgepakt door bijvoorbeeld de Dolle Mina’s en initiatieven zoals Wij Eisen De Nacht Op. Daardoor werd het breder getrokken dan alleen de geweldsituatie op zich. Wij zijn daarop ingesprongen.”
„Nou, dat weet ik niet, want wij waren natuurlijk al heel druk bezig met het onderwerp. Als ik en mijn team de acties rondom de moord op Lisa ‘hadden laten lopen’, was het vooral gegaan over veiligheid op straat en lantaarnpalen. Terwijl het onderliggende patroon, dat vrouwen niet veilig zijn, dan onbesprokener was geweest. Het is voor ons een manier geweest om weer even een extra impuls te kunnen geven.”
„Tuurlijk. Dan krijgt het meer aandacht, het is inderdaad cru, maar zo werkt het nou eenmaal.”
„Ik denk dat het iets minder aandacht heeft gekregen. Er zijn mensen die denken dat het te maken heeft met haar culturele achtergrond. Dat weet ik niet. Misschien is dat zo. Maar de moord op Hajar is ook anders. Lisa is op weg naar huis na het uitgaan van haar fiets getrokken. Dat was meteen duidelijk. En die setting is voor veel vrouwen herkenbaar. Bij Hajar was er in het begin alleen een vermissing en bleef lang veel onduidelijk.”
Hamer, in het verleden zestien jaar Kamerlid voor de PvdA, wordt voorgedragen als lijsttrekker voor Pro voor de Eerste Kamerverkiezingen van mei volgend jaar. Ook in de senaat is seksisme aanwezig, bleek uit een interview met Eerste Kamerlid Gaby Perin-Gopie (Volt). Ze beschreef onder meer hoe een senator ongevraagd haar naambordje recht deed, zodat hij haar borst aanraakte.
„Overal waar ik kom, tot verjaardagen aan toe, merk ik dat mensen denken: we moeten ons een beetje gedragen met die Hamer in de buurt. Als ik dat effect heb als ik de Eerste Kamer in ga, vind ik dat helemaal prima.”
„Dat hangt ervan af. Wat wij hebben geleerd van slachtoffers, is dat het echt belangrijk is hoe je met ze omgaat. Of ze willen dat je de situatie expliciet maakt. Ik zou in het voorbeeld van het naambordje vragen of de vrouw oké is, en dan pas iets tegen die man zeggen. Het kan ook een situatie zijn waar om meer adremheid wordt gevraagd, dat je er meteen iets over zegt. Maar goed, ik ga naar de Eerste Kamer om politiek te bedrijven, niet alleen om de keurmeester van gedrag te worden.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie