Home

Comeback van de ‘bush doctor’: hoe Zuid-Afrika werk maakt van planten in de geneeskunde

Er zijn tal van planten met mogelijk medicinale krachten die onbekend zijn in de westerse geneeskunde. Een collectief van wetenschappers en bush doctors in Zuid-Afrika wil daar verandering in brengen. ‘Er is natuurlijk een reden voor dat de plant kankerbossie heet.’

‘Zo schrikt-ie’, zegt bush doctor Pillay Stanley Pillay, als de schaduw van de journalist in de al warme ochtendzon over een plant heenvalt. ‘Deze plant heeft nu een shock. Dus de ‘spirit’ trekt zich terug in de wortel.’ Pillay zelf staat aan de andere kant van de plant. ‘Ik kan vanaf hier plukken, zie je waar mijn schaduw is?’ Pillay trekt een haar uit zijn hoofd en stopt die in de grond bij de wortels van de plant. ‘Zo geef ik de plant iets van mijn essentie en is het een eerlijke uitwisseling.’

Al wijzend loopt Pillay rond tussen de lage vegetatie in een open veld aan de rand van Kaapstad. ‘Dat is impepho, een plant die we gebruiken om ons derde oog te openen, de energie in de ruimte te reinigen en met onze voorouders te spreken. Daar slangbos, dat werkt insectenwerend, is goed voor het hart en geeft je immuunsysteem een boost. En dat is de ‘root of David’, die beschermt je energie en helpt tegen hoge bloeddruk en hoofdpijn.’

Pillay is lid van een groepje Kaapse genezers met inheemse roots, zoals de Khoisan, Zulu en Xhosa. Ze willen terug naar de kennis van hun voorouders. De gemeente Kaapstad staat het oogsten van medicinale planten sinds een paar jaar weer toe. Dat was lang anders. De zogenoemde witchcraft act uit de jaren vijftig plaatste de Zuid-Afrikaanse traditionele kennis en plantmedicijnen buiten de wet.

Volgens etnobotanist Nox Makunga, verbonden aan de Universiteit van Stellenbosch, brengen de bush doctors iets waaraan veel behoefte is. In de hele Westkaap, een gebied ongeveer drie keer zo groot als Nederland, zijn zo’n vier- tot vijfduizend medicinale planten in omloop, waarvan er vierhonderd geregeld worden toegepast.

Zo’n 70 procent van de bevolking gebruikt ze. Dat dit zoveel gebeurt in de Westkaap hangt ook samen met de biodiversiteit, die is alleen op de Tafelberg al groter dan in heel het Verenigd Koninkrijk, volgens Makunga. ‘Vermenigvuldig dat vervolgens met onze culturele biodiversiteit – we hebben veel bevolkingsgroepen hier – en het aantal toepassingen is heel groot.’ En dat geldt niet alleen voor de Westkaap. ‘Op plekken als KwaZulu-Natal en andere landelijke gebieden is de eerste lijn van gezondheidszorg geheel op planten gebaseerd.’ Allerlei toepassingen worden nu door wetenschappers onderzocht.

In het gemeenschapscentrum in de buurt van het open veld liggen planten en kruiden op tafel. Mannelijke en vrouwelijke genezers vertellen elkaar over toepassingen. Een van hen vertelt zelfs dat ze meerdere mensen van kanker heeft genezen.

Zou dat kunnen? In het nabijgelegen iThemba Laboratories for Accelerator-Based Science kijkt fysioloog Randall Fisher er niet van op. ‘Een paar jaar geleden had ik zoiets weggewimpeld’, zegt hij. ‘Maar inmiddels ben ik daar niet meer zeker van.’

Fisher doet onderzoek naar de werking van plantenextracten op menselijke cellen. ‘We weten dat kankercellen bepaalde markeringen hebben. Die worden meestal door het immuunsysteem gedetecteerd en opgeruimd. Sommige vormen van kanker onderdrukken die markering of creëren een beschermingslaag tegen het immuunsysteem. Bestraling is een van de manieren om tot tumoren uitgegroeide kankercellen te behandelen, maar daarbij raken ook nabijgelegen gezonde cellen beschadigd. Als je een plantmedicijn hebt met een vergelijkbaar eiwit als die markers, schud je het immuunsysteem soms wakker en wordt de kanker alsnog opgeruimd.’

Kankerbossie

Een voorbeeld van een medicijn dat tegen kanker wordt ingezet is kankerbossie. Het lijkt effectief tegen vormen van kanker waartegen chemotherapie niet veel kan beginnen, zoals longkanker, toonden onderzoekers van de Noordwest-Universiteit in Zuid-Afrika aan. De onderzoekers hopen in 2027 een gepatenteerd aanvullend medicijn op de markt te hebben.

Volgens hoogleraar longoncologie Joachim Aerts van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam is het een welkome ontwikkeling. ‘Het is bijzonder dat de plant kankerbossie heet, daar is natuurlijk een reden voor. Vaak denkt men dat er een tegenstelling is tussen onze westerse manier van geneeskunde en de traditionele manier van genezen met plantmedicatie, maar dat klopt niet. Taxol is bijvoorbeeld een bekend chemotherapeutisch middel en komt van de taxusboom.’

Er is nog wel nader onderzoek nodig. Aerts: ‘Het belangrijkste is nu vast te stellen wat kankerbossie op gezonde cellen doet. Er moeten proeven worden gedaan op dieren of op mensen met uitbehandelde vormen van kanker die daaraan willen meewerken, om de best werkzame dosis te vinden.’

Aerts benadrukt het belang van integratie binnen kankerbehandelingen, waarbij een medicijn uit kankerbossie wellicht een rol kan spelen. ‘We onderzoeken bijvoorbeeld het effect van voeding op het immuunsysteem, of dat van bepaalde virussen. We zijn hier ook bezig om alle puzzelstukjes bij elkaar te krijgen.’ Wat wij hier in Nederland en onderzoekers in Zuid-Afrika op basis van de kennis van bush doctors doen, komt in feite op hetzelfde neer, vindt hij.

Fishers vrouw Farzana, een medisch bioloog, onderzocht aan de Universiteit van de Westkaap de plant kraalbos (galenia africana) op de schade aan gezonde cellen na een kankerbehandeling. Professor Fisher: ‘We onderzochten het effect op door bestraling beschadigde opperhuidcellen, die in het laboratorium waren gekweekt. We constateerden eerst dat de plant rijk is aan fenolische verbindingen en daarmee een sterk vermogen heeft om vrije radicalen te neutraliseren. De vrije radicalen vallen het DNA van kankercellen aan, maar brengen schade toe aan de huidcellen van het gebied dat wordt bestraald. We ontdekten dat kraalbos hiertegen kan beschermen.’

Diabetes

Een ander voorbeeld: een snelgroeiend probleem in heel Afrika is diabetes. Traditionele genezers behandelden patiënten er al eeuwenlang met de schors van de pepperbark tree, en onderzoekers van de Universiteit van Johannesburg ontdekten waarom: in de bast zit een stof die de glucoseopname stimuleert en zo de bloedsuikerspiegel reguleert. Het onderliggende onderzoek kreeg internationale erkenning via medische vakbladen. Er wordt in Zuid-Afrika nu, in samenwerking met de farmaceutische industrie, versneld gewerkt aan een officieel, complementair medicijn tegen diabetes type 2.

Daarmee neemt het farmaceutische bedrijf misschien wel een groot risico. Volgens Max Nieuwdorp, hoogleraar inwendige geneeskunde – in het bijzonder diabetes – aan het Amsterdam UMC, is het onderzoek misschien ‘veelbelovend in een labschaaltje, maar dat wil niet zeggen dat het ook op mensen gaat werken’. Er is dus nog meer onderzoek nodig, maar hij vindt het ‘zeker interessant’. Nieuwdorp: ‘Afslankmiddelen vormen nu de belangrijkste medicatie tegen diabetes. Een ander medicijn, metformine, werkt op de bloedsuiker door de lever minder glucose aan te laten maken én het verhoogt de insulinegevoeligheid van spieren en vetcellen. Als dit middel de kliniek bereikt, lijkt het qua werking op metformine.’

De verwachting is dat het onderzoek naar plantmedicijnen een vlucht gaat nemen in Zuid-Afrika en daarvan kan iedereen profiteren. Fisher: ‘Neem antibiotica. Westerse medicatie zoekt vaak naar de silver bullet, dat éne stofje dat een patiënt geneest. Dat werkt bijvoorbeeld bij pijn, omdat je dan iets bestrijdt dat niet leeft in het lichaam. Maar als je de strijd aangaat met iets dat wél leeft, zoals bacteriën, dan wordt die bacterie uiteindelijk resistent tegen dat stofje en heb je meerdere aanvallende mechanismen tegelijk nodig om dat onmogelijk te maken.

‘We hebben nu nog maar enkele goed werkende antibiotica ter wereld. Een plant beschermt zichzelf ook tegen verschillende bacteriën, maar gebruikt veel meer stressfactoren tegelijkertijd en is daarmee veel effectiever. Voor ons kan het dus ook slim zijn om de hele plant te gebruiken in plaats van één stof uit die plant.’

De Zuid-Afrikaanse overheid investeert via het ministerie voor Wetenschap, Technologie en Innovatie en het ministerie voor Gezondheid naar schatting jaarlijks 5- tot 15 miljoen euro in onderzoek naar plantmedicatie. Het land wil zo min mogelijk afhankelijk zijn van westerse medicijnen en zelf patenten aanvragen voor de door het land ontwikkelde medicijnen.

De coronacrisis, waarbij Zuid-Afrika en andere Afrikaanse landen achter in de rij stonden voor vaccins en aanvoerlanden als China en India de export van medicinale grondstoffen aan banden legden, heeft die behoefte alleen maar versterkt.

Samen met de Afrikaanse Unie trekt Zuid-Afrika de kar voor de African Medicines Agency (AMA). Dit continentale medicijnagentschap moet de regelgeving voor medicijnen stroomlijnen. Zo kunnen Afrikaanse landen sneller onderling lokaal geproduceerde medicijnen goedkeuren en verhandelen, zonder afhankelijk te zijn van westerse instanties zoals de Amerikaanse FDA of de Europese EMA. Zuid-Afrika nam bovendien in 2019 de indigenous knowledge act aan die voorkomt dat buitenlandse multinationals er met de kennis en de winst van Zuid-Afrikaanse planten, zoals rooibos, vandoor gaan.

Doorgeschoten

Hoogleraar plantfysiologie Harro Bouwmeester aan de Universiteit van Amsterdam juicht de ontwikkeling van harte toe. ‘Planten kunnen de meest ingewikkelde verbindingen maken. Er worden geregeld stoffen in planten gevonden die in menselijke processen kunnen ingrijpen.’ Hij denkt dat we in het Westen wat doorgeschoten zijn in regulering en veiligheidseisen, niet alleen door de farmaceutische industrie, maar ook door overheden. ‘Hier is de toelating van een medicijn op de markt enorm duur. Alleen de heel grote farmaceuten kunnen het zich veroorloven om met een nieuw medicijn aan de slag te gaan.’ Neem moederkruid, zegt hij, waarvan al in 1978 is aangetoond dat er parthenolide in zit, dat werkt tegen migraine, maar ook tegen vormen van kanker. ‘Dat zit bij mijn weten nog steeds in toelatingsprocedures.’

Jammer, vindt hij. ‘Er zijn legio voorbeelden van kennis van sjamanen en bush doctors die medicijnen hebben voortgebracht met een heel groot effect, denk bijvoorbeeld aan het malariamiddel artemisinine. Er zijn dus waarschijnlijk nog veel medicijnen te ontdekken. Het zou prachtig zijn als Zuid-Afrika daar een nieuwe weg in kan identificeren.’

Dit is een bewerkt hoofdstuk uit het boek De Spoorzoeker, over de plek van de mens in de natuur, dat in september is verschenen bij uitgeverij VOLT.

Source: Volkskrant

Previous

Next