Home

Onze ongetrouwde correspondent treft op de Indiase huizenmarkt een onverwachte hindernis

is correspondent Zuid-Azië voor de Volkskrant. Hij woont in Mumbai.

Waar lopen Volkskrant-correspondenten in hun dagelijks leven tegenaan? Vandaag: Ashwant Nandram gaat op zoek naar een huurhuis. Maar in India zit niet iedereen op hem te wachten.

Na een stuk of veertig bezichtigingen wist mijn vriendin het zeker. We hadden twee weken lang in riksja’s gezeten, sjezend van het ene appartement naar het andere. Mumbai zou de komende jaren ons nieuwe thuis worden. De stad trekt miljoenen mensen aan; woonruimte is schaars en duur. Toch moest er ergens plek zijn voor ons tweeën.

Voor elke bezichtiging dacht ik: stappen we straks ons nieuwe huis binnen? Niet zelden volgde de ontnuchtering al in de eerste minuten. Een lekkend plafond, termieten, een bouwput naast de deur of een onbetaalbare huur.

Dus toen mijn vriendin het na zo’n veertig bezichtigingen plotseling zeker meende te weten, spitste ik mijn oren. Ze had alle opties nog eens goed op een rijtje gezet en kwam uit op een klein appartementencomplex in de wijk Juhu.

Ik had het afgeschreven vanwege de lange reistijd naar het centrum. Maar als we in het chaotische Mumbai gaan wonen, moeten we thuis rust vinden, vond ze. Deze flat lag aan het einde van een doodlopende straat. Je kon er zowaar vogels horen fluiten.

Enthousiast seinde ik mijn makelaar in: we wilden een tweede bezichtiging, en daarna een kennismaking met de eigenaar. Die wilde 2,75 lakh roepies per maand (omgerekend zo’n 2.600 euro) hebben, maar daar valt in India altijd over te onderhandelen.

Toen bleef het stil.

Eerst zou de makelaar van de tegenpartij vanwege religieuze feestdagen onbereikbaar zijn geweest. Vervolgens zou de eigenaar ‘ons profiel’ niet hebben begrepen. We moesten het appartement uit ons hoofd zetten, zei hij.

Mijn vriendin en ik waren daar niet aan toe. We togen zelf naar Juhu, belden aan bij de buren en vroegen of zij onze interesse wilden doorgeven aan de eigenaren. Toen ook dat niets opleverde, zakte bij mijn vriendin de moed in de schoenen. Haar vakantie zat erop, ze moest terug naar huis.

Een week later reisde ik toch weer naar Juhu. Ik stapte het eerste de beste makelaarskantoor binnen.

‘Mr. Nandram’, zei de man achter het bureau. De man stond op en stelde zichzelf voor als Dipesh, de verhuurmakelaar die dagenlang onbereikbaar zou zijn geweest.

Toen vertelde hij eindelijk wat niemand eerder had gezegd. De eigenaar wilde zijn woning niet aan ons verhuren. Ik mocht dan wel een vriendin hebben, maar tot het huwelijk bleef ik een bachelor. Iemand die de rust zou kunnen verstoren met luide feestjes en vrouwelijke logees.

Zelfs als we de eigenaar overtuigden, zouden we stuklopen bij de vereniging van eigenaren. Ze hadden verhuur aan alleenstaanden verboden. ‘I’m sorry sir’, zei Dipesh. ‘Zal ik u andere appartementen laten zien?’

Teleurgesteld droop ik af. Het zou me in de weken daarna nog een paar keer overkomen. Door heel Mumbai waren onzichtbare struikeldraden gespannen, en telkens ging ik onderuit.

Mensen willen nu eenmaal graag tussen hun eigen groep wonen, zou hoogleraar Amita Bhide (Tata Institute of Social Sciences) me later vertellen. In India vertaalt zich dat in een voorkeur voor mensen uit de eigen regio, religie en kaste.

Zulke uitsluiting is niet toegestaan. Dat het toch gebeurt komt vanwege een combinatie van vooroordelen én de macht van verenigingen van eigenaren. In de praktijk kunnen zij huurders weren.

De meest voorkomende manier om mensen uit te sluiten is volgens Bhide het weren van mensen die non-veg eten, oftewel eters van vlees of vis. ‘Daarmee worden indirect moslims en lagere kasten uitgesloten.’ Ook ongehuwden en acteurs lopen volgens haar tegen dit soort barrières aan.

Het leidt ertoe dat een groot deel van de circa 25 miljoen inwoners in Mumbai gesegregeerd woont. Het zal volgens Bhide nog ‘héél lang’ duren voordat dat verdwijnt. Toch hoeven nieuwkomers de moed niet op te geven. Zulke woonplekken bestaan wel, zegt ze. Je moet ze alleen weten te vinden.

Eenmaal thuisgekomen in mijn Airbnb keek ik nog eens goed rond. Ik had dit beschouwd als een tijdelijk plekje; het échte leven zou na de verhuizing gaan beginnen. Maar misschien kan ik alvast een eerste koffer uitpakken.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next