Home

Opinie: Geef half miljard voor een investeringsfonds liever rechtstreeks aan natuurbeschermers

Het Tropical Forests Forever Fund, dat ook geld toegezegd heeft gekregen van Nederland, zegt niet te investeren in economische activiteiten die bos- en natuurverlies veroorzaken, maar kan dat eigenlijk wel? We kunnen dat geld beter anders besteden

Afgelopen maandag maakte Nederland op de biodiversiteitstop in Jerevan (Armenië) bekend 500 miljoen euro te investeren in een nieuw fonds om bossen te beschermen, het ‘Tropical Forests Forever Fund’, oftewel TFFF. Het zal niet geheel toevallig zijn dat dit bekend werd gemaakt op de dag nadat de Braziliaanse president Lula da Silva herkozen werd als president van Brazilië. Immers, zijn regering is de aanjager van het TFFF en Brazilië heeft de laatste paar jaar onder Lula’s bewind ontbossing zeer sterk weten terug te dringen.

Dus is dit een hart onder de riem voor internationale natuurbescherming én natuurbeschermers vanuit het kabinet-Jetten? Op het eerste gezicht mag je zeggen van wel. Voor een land als Nederland is 500 miljoen een forse bijdrage en het nieuws werd dan ook positief verwelkomt door organisaties zoals het Wereldnatuurfonds. Toch mag je je afvragen of dit nu wel een goed idee is.

De TFFF heeft, tijdens en na haar lancering op de vorige klimaattop in de Braziliaanse stad Belém, ook kritiek ontvangen. De meest fundamentele kritiek is dat het niet mogelijk is hetzelfde financiële systeem dat verantwoordelijk is voor ontbossing en biodiversiteitsverlies, in te zetten om het tegenovergestelde te bereiken.

Over de auteur
Jelle Behagel
is universitair hoofddocent bos- en natuurbeleid aan Wageningen Universiteit.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Publieke en private investeringen

Het idee achter het TFFF is dat via een mix van publieke en private investeringen op de beurs zoveel rendement wordt behaald dat private investeerders een mooie rente krijgen en er dan nog voldoende overblijft, de ‘excess spread’, om directe betalingen te doen aan landen die hun bossen beschermen. Zo’n rendement haal je natuurlijk alleen met stijgende beurzen. Beurzen die afhankelijk zijn van toenemende productie van goederen en toenemende consumptie daarvan.

Maar hoe doe je dat zonder bossen om te vormen tot landbouwgrond? Of zonder mijnbouw te plegen voor belangrijke mineralen? Het TFFF zegt niet te investeren in economische activiteiten die bos- en natuurverlies veroorzaken, maar kan dat eigenlijk wel?

Ook als je wel gelooft dat een groeiende economie hand in hand kan gaan met bos- en natuurbehoud, zitten er nog wel wat haken en ogen aan het TFFF. Zo is er tot nu toe minder dan 10 miljard dollar opgehaald van de beoogde 25 miljard dollar. En ook al hebben onlangs enkele grote investeerders aangegeven het TFFF te steunen, zij hebben nog geen daadwerkelijke bijdrage aan het fonds geleverd.

Ontwikkelingssamenwerking

Zelfs de 500 miljoen euro van Nederland is onzeker: die is, net als de 3 miljard euro van Noorwegen, verspreid over tien jaar en moet eerst nog worden goedgekeurd door het parlement. Bij tegenvallende rendementen ontvangen bovendien eerst private investeerders hun rente en vissen overheden en tropische bossen vervolgens achter het net. De kans is daarmee redelijk aanwezig dat we geld dat bestemd is voor ontwikkelingssamenwerking en natuur in de zakken van investeerders stoppen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?

Het TFFF lijkt dus voorlopig toekomstmuziek of gewoon een slecht idee. Zelfs als alles goed gaat, kunnen we de eerste betalingen voor bosbescherming pas over enkele jaren verwachten. Tegelijkertijd is de situatie van de mondiale biodiversiteit zeer zorgwekkend. Een recente studie van ngo IUCN geeft aan dat 96 procent van alle koraalriffen ter wereld op instorten staat en dat er direct actie nodig is om die nog te kunnen redden.

Amazone bij een kantelpunt

En de Amazone, nu nog ’s werelds grootste regenwoud, is ook gevaarlijk dicht bij een kantelpunt waarbij zij verandert van een regenwoud in een droog bos. We zien nu al jaarlijks steeds langere droge perioden waarbij de Amazone geen zuurstof meer produceert, maar juist CO2 uitstoot. Zo zijn er nog vele voorbeelden te vinden van de noodzaak om direct tot actie over te gaan en niet te wachten op de toekomst.

De grote ambitie in internationale bos- en natuurbescherming die Nederland hiermee laat zien, is beter te realiseren dan door ontwikkelingsgeld in een groot investeringsvehikel te stoppen. Actie is nu nodig. Besteed die 500 miljoen euro daarom direct aan natuurbescherming én natuurbeschermers.

Op de biodiversiteitstop in Jerevan waren inheemse volkeren en lokale gemeenschappen hard op zoek naar fondsen die zij naar eigen inzicht kunnen inzetten om hun natuurbescherming – gebaseerd op eeuwenoude relaties met hun land en bewezen effectief – voort te zetten. Dat geld is ook nodig, want hun gebieden worden bedreigd door mijnbouw, landbouw en klimaatverandering. Een inheems beheerd fonds, zoals Podaali, kan onze steun goed gebruiken.

Ook meer geld naar bijvoorbeeld IUCN in Nederland is prima besteed. Deze ngo verstrekt kleine beurzen bij ‘natuur-noodgevallen’, zoals bosbranden. Die beurzen stellen lokale mensen in staat om direct aan de slag te gaan met herstel of om hun gebied te verdedigen tegen illegale ontbossing.

Directe financiering

Ten slotte is het belangrijk ambitie te tonen in tijden van geopolitieke onzekerheid en steeds indringender biodiversiteitsverlies wereldwijd. Ik ben blij te zien dat Nederland niet bang is om grote stappen te zetten. Maar laten we publieke middelen wel zorgvuldig inzetten.

In plaats van ingewikkelde financiële constructies zouden we moeten kijken naar directe financiering van lokale natuurbescherming. Daarmee doen we recht aan de urgentie van het tegengaan van biodiversiteitsverlies en laten we blijken dat we luisteren naar lokale gemeenschappen die hierin vooropgaan. Als Nederland het aandurft om hierin een voortrekkersrol te spelen, dan kunnen we een belangrijk verschil maken.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next