Het schaatsseizoen begint vrijdag in Thialf met het wereldbekerkwalificatietoernooi. Grote afwezige: Jutta Leerdam, die de laatste jaren veel aandacht trok en nu voor een sabbatical heeft gekozen.
is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.
De speaker van Thialf zal de komende dagen met ronkende stem de kampioenen van Milaan aankondigen als zij aan de start verschijnen bij het wereldbekerkwalificatietoernooi: Femke Kok, Antoinette Rijpma-de Jong, Marijke Groenewoud en zelfs veteraan Jorrit Bergsma. De naam van één olympische kampioen zal niet op die manier uit de luidsprekers schallen, al zal ze vaak genoeg in gesprekken en commentaren voorbijkomen: Jutta Leerdam.
In september kondigde Leerdam aan dat zij dit schaatsseizoen overslaat om zich op andere zaken te richten. Om nieuwe dingen te leren. ‘Om gelukkig te zijn en dingen te doen waar ik me goed bij voel’, vertelde ze, in het Engels, in een video op YouTube. ‘Ga ik met pensioen? Dat klinkt te definitief, alsof ik de deur zou dichtgooien van iets waarvan ik zo veel hou. Dat zou niet goed voelen.’
Een officieel afscheid is het dus niet, al is het uiterst onzeker of ze zal terugkeren. En sowieso wordt het wennen om de winter aan te vangen zonder de vrouw die bij de Olympische Winterspelen in Milaan zilver op de 500 en goud op de 1.000 meter greep. En vooral de vrouw die het schaatsen buiten de bubbel van Thialf en Kleintje Pils onder de aandacht bracht.
Het gebeurt natuurlijk vaker, dat een kampioen afzwaait, een ambassadeur van een sport het voor gezien houdt. Vier jaar geleden nog maar stond de schaatssport op een vergelijkbaar punt. Na de Winterspelen van Beijing zwaaiden Sven Kramer en Ireen Wüst af. Van 2006 tot en met 2022 waren ze boegbeelden van het schaatsen, met synchroon lopende carrières en overdonderende successen.
Wüst en Kramer waren uniek, binnen de kaders van de sport. Verzamelaars van records en scheppers van statistische kunststukjes. Wüst is de succesvolste Nederlandse olympiër. Kramer domineerde het allrounden, de lange afstanden en deed met driemaal olympisch 5-kilometergoud op rij iets wat niemand anders voor hem had gedaan. En toen zij in 2022 afscheid namen en de tribunes in de bochten van Thialf naar hen vernoemd werden, klonk begrijpelijkerwijs onder schaatsliefhebbers de vraag: wie kan zo’n stel opvolgen?
Leerdam had zich op dat moment sportief al gemeld, was meervoudig Europees en nationaal kampioen, had in 2019 en 2020 de wereldtitel op de 1.000 meter veroverd. Op de Spelen van Beijing moest ze na een mispeer genoegen nemen met zilver op haar lievelingsafstand. Resultaten waarop veel schaatsers jaloers zouden zijn, maar lang niet zo trefzeker als Wüst en Kramer waren geweest. En dat zou Leerdam ook in de aanloop naar Milaan nooit worden, zij ontpopte zich in korte tijd tot een schaatsicoon van een andere orde. Miljoenen mensen wereldwijd weten wie ze is, mensen die daarvoor niet eens wisten dat langebaanschaatsen bestond.
Ze was zich vroeg bewust van haar aantrekkingskracht op sociale media. Al voor haar doorbraak was ze actief op Instagram, waar ze gestaag volgers verzamelde. Liefhebberij, vertelde ze vaak, om daarna te benadrukken dat het haar sportieve ambities niet in de weg zat, mochten mensen dat soms denken. Ze was vaak bezig met hoe ze overkwam en aanvankelijk leek ze moeilijk te kunnen omgaan met het feit dat journalisten verhalen over haar schreven waar ze, anders dan op haar Instagram-pagina, geen regie over had.
Op een wat onbeholpen wijze probeerde ze in die eerste jaren het Insta-optimisme vast te houden tegenover de traditionele media. Zo probeerde ze in Beijing direct na de 1.000 meter positiviteit uit te stralen. Het resulteerde in een surrealistisch gesprek met weinig waarde omdat ze de waarheid niet durfde te vertellen uit vrees negatief over te komen: dat ze serieus baalde van die tweede plaats.
Maar ze groeide in de jaren erna, als sporter, als mens. Ze stelde zich vaker kwetsbaar op en toonde zich daardoor sterker. Ze sprak over haar twijfels, kaartte de impact van menstruatie op de prestaties van een vrouwelijke sporter aan. In gesprekken met de pers werd ze meer zichzelf en nam ze tegelijkertijd op een slimmere manier in die onderonsjes op en naast de ijsbaan meer regie.
Ondertussen bleef ze, zoals ze al vanaf haar eerste seniorenwedstrijden had gedaan, proberen de jeugd aan te spreken, om kinderen warm te maken voor het schaatsen. Voor de sport die zij zo liefheeft. En om te laten zien dat je je eigen koers mag varen, zoals zij deed door zich te onttrekken aan het veilige systeem van commerciële schaatsploegen en voor zichzelf begon.
Aan aandacht geen gebrek, zeker in de aanloop naar de Winterspelen van Milaan. En gegangmaakt door haar relatie met youtuber, bokser en allround aandachttrekker Jake Paul ontsteeg haar roem de schaatssport. Al leidde de relatie voor Paul, en zeker diens rechtse politieke stellingnames, uiteindelijk tot steeds meer ruis. Leerdam onttrok zich daaraan en bewees op de tijdelijke ijsbaan in Milaan dat het klopte, wat ze haar criticasters al jaren voorhield: op haar manier – levend als een internationale socialite – kon ze wel degelijk olympisch kampioen worden.
Haar titel en haar bereik zijn uniek voor het schaatsen en iets waar likkebaardende marketeers maar wat graag op inspringen. Leerdam mag nu een sabbatical nemen, ze is in marketingtermen nog altijd een schaatser. En dus staat ze in een lycra tenue tussen grootheden uit mondiaal populaire sporten – Formule 1-coureur Lando Norris, tennisster Aryna Sabalenka en oud-voetballer Gareth Bale – in een campagne van beleggingsbank Saxo. Leerdam, die eerder al een contract tekende bij Nike, heeft een plekje in het sportpantheon dat eerder voor de beoefenaars van een nichesport onbereikbaar leek.
Of er de komende tijd iets van de mondiale aandacht die ze genereerde aan het schaatsen blijft plakken, is zeer de vraag. Net zoals de impact van sportsucces op de jeugd twijfelachtig is. Er was nooit een Epke-effect in het turnen of een Dafne-effect in de atletiek, een Jutta-effect zou een onverwacht unicum zijn. De kans is groot dat haar volgers met Leerdam meeverhuizen naar haar vlogs op YouTube, waar ze deze week liet zien hoe ze op een surfplank de golven in Puerto Rico bedwong, of naar haar andere socialemediakanalen, in plaats van massaal in te schakelen voor de lineaire televisieuitzendingen van de NOS.
Toch is daar, voor de sportliefhebber, nog voldoende te zien. Het schaatsen bevat genoeg karakters om de aandacht op te eisen nu die ruimte is ontstaan. Er dienen zich altijd weer nieuwe blikvangers aan. De kans is groot dat het weer meer over de sport zal gaan, over de unieke sprintkwaliteiten van Femke Kok bijvoorbeeld, of hoe Joy Beune het doet na het moeizame olympische seizoen. Of dat de spanning zowel nationaal als internationaal terug is op de lange afstanden bij de mannen.
Wellicht weet iemand als Jenning de Boo, die zo veel vrolijkheid en sportplezier uitstraalt, nieuwe schaatsfans te trekken of creëert Angel Daleman, die in een trainingswedstrijd in Thialf al een razendsnelle 37,26 op de 500 meter noteerde, een nieuwe buzz rond het schaatsen. En wat te denken van Kjeld Nuis, die bijna 37 jaar is en voorlopig van geen wijken wil weten?
Heel misschien weet een schaatser uit te breken uit de traditionele ietwat navelstaarderige hoek van tijden, statistieken en records én zich te onttrekken aan de verslavende eenvormigheid die sociale media regeert. Geen nieuwe Wüst of Kramer, geen nieuwe Leerdam, maar iemand die de sport de komende vier jaar, op weg naar de Winterspelen van 2030, als de schaatswedstrijden in Thialf worden gehouden, weer een andere richting uit stuurt.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant