Home

Opinie: Betrek jongeren zélf bij het omgaan met het digitale opium

Top-downregels en verboden opleggen aan jongeren, zoals de EU Kids Act beoogt, is niet de enige weg. Laten we juist van onderop, samen met jongeren, sociale normen over gezond en verantwoord telefoongebruik en gebruik van sociale media proberen te veranderen.

Vlaamse middelbare scholieren geven aan hun mobiele telefoons minder (maar wel geregeld stiekem) te gebruiken sinds de invoering van het mobieltjesverbod op school, maar zij compenseren dit met meer gebruik buiten school. Daarnaast ervaren deze Vlaamse leerlingen geen aantoonbare verbetering van hun betrokkenheid tijdens de les of van sociale interacties tijdens pauzes.

Nederlandse middelbare scholieren, op hun beurt, zijn zich zeer bewust van hun socialemediagebruik. Zij willen hun schermtijd echt wel verminderen, maar geven ook aan bang te zijn iets te missen of buiten de groep te vallen. Daarom willen Nederlandse leerlingen graag geholpen worden bij het verminderen van hun schermgebruik in plaats van dat daartoe alleen strenge regels worden opgelegd.

Over de auteurs

Vittorio Busato is psycholoog, auteur en journalist. Hedda van ’t Land is lector gezonde leefomgeving aan Aeres Hogeschool.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Mini-account

Zulk onderzoek zet de EU Kids Act, het wetsvoorstel dat de Europese Commissie onlangs indiende, veel meer in perspectief. Volgens dat voorstel moeten sociale media voor jongeren onder de 13 jaar worden verboden. Jongeren van 13 en 14 jaar krijgen alleen toegang via een mini-account dat hun ouders of verzorgers aanmaken en beheren, met onder meer een maximum van één uur per dag. Vanaf 15 jaar mogen jongeren zelfstandig een account openen.

Safety by design geldt evenwel voor alle minderjarigen: technologiebedrijven moeten kunnen aantonen dat hun diensten veilig zijn en mogen geen verslavende ontwerptechnieken gebruiken. Handhaving komt volledig op het conto van de techbedrijven. Zij riskeren boetes tot 6 procent van hun jaaromzet als ze zich niet houden aan de gestelde leeftijdsgrenzen. Ouders (of jongeren) die het verbod omzeilen, hoeven geen sancties te vrezen.

Met dit wetsvoorstel wil Europa aansluiten bij Australië, dat als eerste land ter wereld in december 2025 een verbod op sociale media instelde voor jongeren onder de 16 jaar. Dat verbod heeft daar overigens weinig succes. Onderzoek laat zien dat drie maanden na de invoering van het verbod het gros van de jongeren down under nog vrolijk gebruikmaakt van sociale media.

Vindingrijk

Zo verbazingwekkend is dat ook niet, verboden maken immers vaak vindingrijk. Europese jongeren – en Belgische en Nederlandse jongeren in het bijzonder – zullen ongetwijfeld eveneens manieren vinden om op sociale media actief te blijven, mocht het wetsvoorstel worden aangenomen. Niet in de laatste plaats omdat ze digitaal vaak veel vaardiger zijn dan hun ouders en/of verzorgers.

Natuurlijk is het goed jongeren te beschermen tegen schadelijke effecten van sociale media en excessief telefoon- en schermgebruik. Maar alsof zo’n verbod zaligmakend is. Alleen de aandacht richten op wat jongeren niet meer mogen, gaat voorbij aan de positieve effecten die sociale media zeer zeker ook hebben. Wat te denken van basisschoolleerlingen die zichzelf spelenderwijs online Engels aanleren? Of van lhbti-tieners die in deze tijd van verminderde homoacceptatie online lotgenoten of sociale gemeenschappen vinden die in hun directe omgeving ontbreken? Zullen deze jongeren zo gebaat zijn bij een verbod?

Europa neemt een belangrijke stap door de verantwoordelijkheid voor een veilige digitale omgeving bij technologiebedrijven te leggen. Toch is dat in wezen een defensieve strategie: blaffende honden bijten niet. Waarom laat Europa niet meer zijn tanden zien? De oplossing zit niet alleen in het opleggen van leeftijdsgrenzen of schermtijdbeperkingen. Het systeem zélf moet op de schop. Laat Europa zich dan ook hard maken voor algoritmen die expliciet gericht zijn op het stimuleren van gezond gedrag, bewegen, welzijn en sociale verbinding, en expliciet helpen om de stap van online naar offline te zetten.

Kwaliteitsraden

Het bevorderen van gezond en verantwoord gebruik van sociale media en beeldschermen is maatschappelijk gezien in de kern een governance-vraagstuk. Waarom niet bijvoorbeeld aanvullend toezicht optuigen in de vorm van onafhankelijke kwaliteitsraden, bestaande uit gedragsdeskundigen, programmeurs, ontwerpers en nadrukkelijk ook jongeren zelf, met als expliciete taak toe te zien op een gezonde en veilige online leefomgeving? Deze participatieve kwaliteitsraden kunnen bovendien de democratische inzet van sociale media een significante boost geven; volgens onderzoek van het Amerikaanse Pew Research Center zien steeds meer mensen wereldwijd sociale media namelijk als democratie-ondermijnend.

Zulke verplichte, democratiebevorderende kwaliteitsraden zullen techbedrijven wat kosten, maar natuurlijk heel veel minder dan boetes van 99 miljoen euro die de Australische regering oplegt bij het trotseren van het leeftijdsverbod of de multistate-schikking van zo’n 17 miljard dollar die Meta pas in de VS overeenkwam in een rechtszaak over het bewust verslavende karakter van hun apps.

De cruciale vraag is: waarom bijt Europa niet door? Net zoals Karl Marx meende dat de mens religie zelf in het leven heeft geroepen als middel om zichzelf te verdoven tegen het ondraaglijke aardse leven (‘opium van het volk’), zo hebben we de smartphone uitgevonden zodat we urenlang online kunnen zijn om het werkelijke leven te ontvluchten. Maar politici durven zich hier niet de vingers aan te branden. Die moderne opium is er immers ook voor volwassenen.

Tijd vrij maken

Het heeft toch iets ongeloofwaardigs als politici jongeren straks een verbod op sociale media opleggen, terwijl diezelfde politici tijdens debatten massaal bezig zijn met hun eigen tablets, telefoons en socialemediakanalen. Ook als volwassen opvoeders moeten we kritisch in de spiegel kijken: zullen we bij een verbod op sociale media ineens weer alle tijd vrij maken voor ons kroost?

Laten we vooral niet alleen top-downregels en verboden opleggen aan jongeren zoals de EU Kids Act beoogt. Laten we juist van onderop, samen met jongeren zoals het aangehaalde Belgische en Nederlandse onderzoek ook leert, sociale normen over gezond en verantwoord telefoongebruik en gebruik van sociale media proberen te veranderen. Laten we jongeren vragen hoe we ze kunnen helpen zich te wapenen tegen het digitale opium. Laat hen meepraten en meebeslissen over de waarden op basis waarvan algoritmen worden ontworpen om de verslavende werking ervan te ontmoedigen.

Dit is niet alleen een morele plicht voor maatschappij én technologiebedrijven: als volwassenen kunnen we op dit gebied ook heel veel van jongeren leren over ons eigen gebruik.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next