Home

De producenten van ‘Cats’ schofferen de nalatenschap van de kunstenaars, de musicalbezoekers en het Rijksmuseum

Vorig weekend zag ik het Melkmeisje tapdansen op een tafel. O ja, en ze had een dikke donzige kattenstaart en kattenoortjes. Een hallucinante ervaring. Daar was ik mentaal op voorbereid. Ik wist dat het bekende kattensprookje dit keer was gesitueerd in het Amsterdamse Rijksmuseum. Aan het begin van de musical opent de gevel zich, we zijn in de eregalerij voor ‘Cats – het meesterwerk’.

In maart legde producent Hans Cornelissen aan het Algemeen Dagblad uit: ‘Onze katten manifesteren zich straks vanuit de iconische schilderijen en stijlen van het museum.’ Destijds werd flink gepuzzeld om bij elk kattenpersonage een geschikt schilderij te vinden.

Kennelijk bood het Rijksmuseum niet genoeg keuze. Er zijn in de musical (vier sterren in de Volkskrant) projecties te zien van kunst uit andere musea en ook van – en ik weet niet hoe ik dit beter kan noemen – nepkunstwerken.

Bijvoorbeeld: een dikke man met een bolhoed die bekend is van schilderijen van de Colombiaanse schilder Fernando Botero (1932-2023) wordt metershoog en spaghetti etend geprojecteerd. Op een andere gigantische projectie eet dezelfde man een hamburger. Het lijken Botero-schilderijen.

Maar deze schilderijen bestaan niet.

De ‘Magische Maestro Mysterio’-kat wordt vergezeld van een projectie die doet denken aan M.C. Escher (1898-1972), maar dan Escher op een slechte dag, met een flinke borrel op. Denk aan: rare ongelijke traptreden en figuurtjes die zomaar ondersteboven bungelen.

De M.C. Escher Foundation laat desgevraagd weten dat er sprake is van een ‘overeenstemming’ is met de musicalproducenten. Waarom dan die misvormde lookalike? Een dag later blijkt volgens de stichting sprake van een ‘misverstand bij de producent’. In de versie die ik zag ging het voor zover de stichting weet om ‘een samenvoeging van verschillende werken van M.C. Escher’. Wordt de stichting voor de gek gehouden?

Het goede nieuws nu: de musical gaat de projectie veranderen ‘zodat uitsluitend de oorspronkelijke werken worden geprojecteerd’.

Wat is hier misgegaan? Natuurlijk heb ik dat aan de makers van de musical gevraagd: vanwaar die nepkunst? En door wie en hoe zijn deze afbeeldingen gemaakt?

In reactie kreeg ik een vaag lang bericht namens ‘de producenten het artistieke team’. Volgens hen prikkelt het de fantasie om een beeld te zien ‘dat geïnspireerd is op een bepaalde stijl of werk’.

Ook schreven ze: ‘We leven in een tijd waarin we veel willen controleren, factchecken en rationeel verantwoorden. (...) Te veel vasthouden aan de werkelijkheid beperkt de mogelijkheden van Cats. We hopen dat het publiek zich kan overgeven aan de fantasie en zich zo vrij kan voelen.’

Goed dan.

Ik voel me vrij en dit is mijn fantasie: de producenten kwamen in de knel met sommige kunstwerken (auteursrechtelijk of technisch). Vervolgens is iemand met generatieve AI aan de slag gegaan. Ze hopen dat niemand dat doorheeft. Ondertussen schofferen ze de nalatenschap van de kunstenaars, de musicalbezoekers en het Rijksmuseum.

Deze fantasie maakt me kwaad. Prima hoor, die nepkatten, maar nepkunst kan echt niet. Wat nou ‘meesterwerk’?

Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Els de Grefte, Joris Henquet, Merlijn Kerkhof of Anna van Leeuwen stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next