De ‘pechgeneratie’ heeft geen pech met de rente op haar studieschuld, stelde Simon Huijben. Mede-pechstudent Ismay van der Kley vindt dat het niet om economische rationaliteit gaat, maar om hoe de politiek met onderwijs en de toekomst van jongeren omgaat.
Het is juni 2026 en de rente van 2,33 procent op mijn studieschuld komt neer op 80 euro. Vanwege mijn inkomen hoef ik nog niets af te betalen, maar mijn schuld stijgt wel. Als een steeds groter wordend monster achtervolgt het me, en elke maand laat het me weer schrikken. Een schuld hebben op jonge leeftijd is al redelijk eng, eentje die groeit is nog angstaanjagender.
Het is juli 2026 en weer komt er 80 euro boven op mijn studieschuld. ‘Een studieschuld zal geen effect hebben op je hypotheek’, zo werd ons beloofd. Niet dat ik als 19-jarige student bezig was met een toekomstige hypotheek, maar volgens mijn ouders was dat belangrijk. Dus, ik leende.
Over de auteur
Ismay van der Klei studeerde af in de culturele antropologie in Amsterdam en werkt momenteel als journalist in Brussel.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Maar zorgeloos lenen betekent niet zorgeloos afbetalen. ‘De gevolgen van een studieschuld voor een hypotheek zijn groot’, valt nu te lezen in de media. Het bleek een loze belofte in de praktijk. Wanneer je een huis wilt kopen, heeft je studieschuld wel degelijk impact op je hypotheek.
Het is augustus 2026 en mijn schuld stijgt weer met 80 euro. Het geld dat de overheid bespaarde door onze basisbeurs af te schaffen, zou direct naar onderwijsinstellingen gaan. In ruil voor onze studieschuld zouden we dus beter onderwijs krijgen. Kleinere werkgroepen, meer docenten, dat soort dingen.
Ook deze belofte bleek vals. Daar kwamen ze in 2019 al achter. Pieter Slaman, onderwijs- en beleidshistoricus aan de Universiteit Leiden, zei daar toen het volgende over: ‘Met geld dat werd bespaard zijn vooral personele zaken opgelost. Als we de universiteiten mogen geloven, zijn er nu niet meer docenten per student.’
Het is september 2026 en ik kijk al niet meer op de website, ik weet dat er 80 euro aan mijn studieschuld is toegevoegd. Mijn generatie studenten wordt de ‘pechgeneratie’ genoemd. Wij kregen namelijk geen basisbeurs, een maandelijks bedrag dat studenten vóór het leenstelsel wel ontvingen en studenten na het leenstelsel ook weer ontvangen. Volgens sommigen valt hier ons ‘gevoel’ van pech mee te verklaren. Die anderen kregen het wel, en wij niet. Zielige wij.
Maar dit argument is als een kind dat huilt omdat het toetje van haar broer groter lijkt dan het hare. Het probleem hier is dat ons werd beloofd dat dit toetje beter zou zijn dan voorheen. En dat dit een heel voordelig, gezond toetje zou zijn waar we later geen last van zouden hebben. Helaas, het toetje was niet beter, het toetje is mislukt. Door onze onvrede neer te zetten als een gevoel van jaloezie raken we afgeleid van waar het hier echt om gaat: politiek falen.
Het is oktober 2026 en de politiek kondigt aan dat de rente op onze studieschuld in 2027 zal stijgen. De beloofde maximale rente van 2,5 procent die in het coalitieakkoord staat, wordt zelfs helemaal uit het raam gegooid: een renteplafond blijkt te duur. Ik ben bang voor de proporties die mijn rentemonster in de toekomst zal aannemen.
Maar volgens sommigen is het allemaal nog heel redelijk. Zo lees ik in een opinie in de Volkskrant dat ‘lenen bij DUO de laatste jaren bijzonder gunstig was’. De auteur is econoom, zelf van de ‘pechgeneratie’, en vindt het bij nader inzien eigenlijk allemaal wel ‘meevallen’. Volgens hem is de rente prima geoorloofd en is de lening heel gunstig.
Dat zou vanuit zijn perspectief als econoom best kunnen: het is vast een betere lening dan bij de bank, maar zo’n vergelijking slaat de plank mis. Dit gaat niet om economische rationaliteit, wat dat ook moge betekenen, dit hele leenstelsel-debacle gaat om hoe onze politiek met onderwijs en de toekomst van jongeren omgaat.
Hoe willen we dat onze samenleving eruitziet en hoe willen we onze welvaart – en ja, die is nog steeds heel groot in Nederland – verdelen? Rond die vragen maakt onze regering keuzes, en de keuze om het leenstelsel in te voeren heeft meer fout dan goed gedaan. Ik denk dat we het daar wel met elkaar over eens zijn.
Daarnaast moet de hele kwestie rond studieschuld en oplopende rentes bekeken worden in een bredere context. Jonge mensen staan oog in oog met een opwarmend klimaat, internationale oorlogen, een pensioenleeftijd waarop mijn opa al was overleden, stijgende voedselprijzen en een wooncrisis. Gooi daar nog een stijgende studieschuld bovenop en je kunt je wel voorstellen hoe we ons daarbij voelen.
Het hele leenstelsel is gebouwd op slecht beleid en loze beloftes, kortom: falende politiek. Het is oktober en deze maand komen in onze buurlanden duizenden jonge mensen precies daarvoor op straat. In Frankrijk, Italië, België, Albanië en Portugal eisen ze beter onderwijs en een toekomstperspectief. Waarom laten we dit in Nederland gewoon aan ons voorbijgaan? Wanneer gaan we in Nederland ook meer eisen van onze volksvertegenwoordigers?
Bedrogen
Simon Huijben stelt in zijn opiniestuk dat de pechgeneratie geen pech heeft met de rente, omdat inflatie de schuld opeet en nooit beloofd is dat de rente op 0 procent zou blijven. Wat echter compleet in zijn verhaal ontbreekt, is de impact van de studieschuld op het verkrijgen van een hypotheek. Maar daar zit de echte pijn natuurlijk, zowel in vergelijkend perspectief als in het gevoel van bedrog tegenover politieke beloften.
Door de schuld als slechts een individueel getal neer te zetten (dat vervolgens in de loop der tijd minder wordt door inflatie), negeert Huijben dat het verschil in duizenden euro’s schuld tussen starters op de woningmarkt het verschil kan maken. Een verschil dat, ceteris paribus, alleen maar afkomstig is van het toeval dat de een eerder of later is gaan studeren dan de ander. En natuurlijk: op een hogere schuld heeft rente ook meer impact, dus deze kloof wordt alleen maar groter. Dan kan de schuld op termijn wel minder worden, maar de zogeheten ‘opportunity costs’ van het misgrijpen van een woning kunnen wel enorm oplopen.
Daarnaast klopt het dat destijds nooit beloofd is dat de rente op 0 procent zou blijven (het tegendeel werd alleen zacht gefluisterd). Echter, door luid te verkondigen dat de studieschuld niet in het BKR-register zou worden opgenomen, werd wel degelijk de indruk gewekt dat de studieschuld niet zou meewegen bij een hypotheekaanvraag. Er is daarom wel degelijk een gegronde reden voor de pechgeneratie om zich bedrogen te voelen.
Als we de studieschuldkwestie los kunnen trekken van de woningmarkt, zou er inderdaad met de sociale draagkrachtregels niets mis zijn. Als Huijbens daar een opiniestuk aan wijdt, dan zal ik zonder klagen de rente op mijn studieschuld betalen.
Joris van Iersel, Amsterdam
Waar zit de logica?
Bijna misselijk word ik van het bericht dat het rentepercentage van studieleningen van minister Letschert mag stijgen boven 2,5 procent. Waar zijn we in hemelsnaam mee bezig, zogenaamde onderwijspartij D66? Deze generatie studenten, die deels nog bestaat uit personen die een aantal jaar überhaupt geen studiebeurs hebben ontvangen, tegen de klippen op moest lenen als papa en mama geen jubelton hadden klaarliggen, deze generatie die een afspraak had met en de belofte had van de overheid over de voorwaarden van de studielening, deze generatie die het leeuwendeel van de kosten van de klimaatverandering en energietransitie zal moeten ophoesten in de komende decennia, deze generatie die op een bizar overspannen woningmarkt naar een betaalbare plek moet zoeken … gaan we nou deze generatie ook nog eens opzadelen met dit soort extra rentekosten?
Waarom schrapen bij deze groep, waar zit de logica? Tijdens corona en nu bij alle nieuwe plannen voor defensie klotst het kapitaal tegen de plinten. Waar blijft het lef van politici om gewoon eens te kiezen in het belang van een jongere generatie in plaats van de zittende vijftig- en zestigplussers? Om met de pet rond te gaan bij belastingbetalers die het niet aan het eind van de maand voelen als er iets meer afgetikt moet worden, en bij superrijken, van wie een deel al gesmeekt heeft hen zwaarder te belasten?
Lidwien Daniels, Wageningen
Vergeten groep
In reactie op het opiniestuk van Simon Huijben zou ik willen aandringen om ook een compleet vergeten groep in dit hele debacle te belichten: de ouders en verzorgers die hun kinderen zonder studieschuld aan hun carrière c.q. verdere leven willen laten beginnen. Deze mensen hebben tienduizenden euro’s betaald aan de studies van hun kinderen en daar helemaal niets van teruggezien, omdat de ‘troosttoeslagen’ aan de arme studenten werden uitgekeerd. Laat de studenten die hun lening hebben gebruikt voor reizen, kamerhuur in Amsterdam en feesten alstublieft stoppen met zeuren en de geleende euro’s zo snel mogelijk terugbetalen!
Jan Morsch, Amsterdam
Marktrente?
In het Commentaar over de studieschulden en het maximum van de rente had ook wel de vraag mogen worden gesteld of de rente de marktrente moet volgen. Is het niet zo dat het geld dat de studenten leenden gewoon uit de begroting werd gehaald? Anders gezegd: de overheid kan dan toch zelf bepalen wat de hoogte van de rente is?
Hans Daale, Borculo
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant