Home

Wie heeft toegang tot het Engelse land? De eeuwenlange strijd tegen voorrechten van de aristocratie is nog altijd gaande

Natuur in Engeland De toegang tot natuurgebied is beperkt in Engeland: ongeveer 8 procent van het land is vrij toegankelijk. Campagneclub Right to Roam strijdt voor een allemansrecht, zoals in Zweden, Noorwegen of Schotland. „In Engeland voelde ik me als een leeuw in een kooi.”

De heuvels van Kinder Scout, een heideplateau in het Peak District, het oudste nationale park in Engeland.

‘Privégebied. Geen openbare toegang of recht van overpad.” De twee waarschuwingsbordjes, rood met witte letters, staan achter een stel hekken. Die hekken zijn speciaal voor de gelegenheid over het pad geplaatst en met plastic spanbandjes vastgebonden. Vanaf de andere kant kijken een paar politieagenten toe.

Een beetje teleurgesteld zijn de activisten van Right to Roam (‘recht op rondzwerven’) wel. Daar gaat hun illegale wandeling over dit landgoed, op de kaart een dot groen tussen stedelijk gebied en een snelweg. De groep – ze zijn met enkele tientallen – wilde aandacht vragen voor het beperkte allemansrecht in Engeland, het recht op vrije toegang tot natuur. Ze kozen dit gebied omdat het midden in het kiesdistrict ligt van premier Andy Burnham, even ten westen van Manchester.

Leden van de Engelse actiegroep Right to Roam betreden in Makerfield een landgoed dat privébezit is.

Eigenlijk bewijzen de hekken precies hun punt, zegt Nadia Shaikh, een van de leden van Right to Roam. „Dit gebied zou niet omheind moeten zijn. Inwoners uit de buurt moeten hier gewoon terechtkunnen voor een wandeling. Zodat ze even in de natuur kunnen zijn en de rust van het groen kunnen voelen.” Eigendom beschadigen gaat de activisten te ver, maar verderop ontdekken ze dat twee hekken niet goed zijn afgesloten. Ze glippen erdoorheen en ploffen in het weiland neer voor hun picknick.

In Makerfield, het kiesdistrict dat Burnham in het Lagerhuis vertegenwoordigt, geldt volgens Right to Roam voor 1 procent van het natuurgebied het recht op vrije toegang – en dat is zonde, vindt Shaikh. „Makerfield is een voorbeeld van onrecht dat iedereen in Engeland aangaat.” Landelijk ligt dat percentage van vrije toegang op slechts ongeveer 8 procent. Dit is berekend aan de hand van gegevens van Natural England, het agentschap dat de natuur in Engeland beschermt. Op hun kaart lichten de plukjes vrij toegankelijk gebied geel op.

De campagne van Right to Roam om Engeland toegankelijker te krijgen, maakt deel uit van een jarenlange strijd tegen de voorrechten van de Engelse elite, van de aristocratie die het grootste deel van de grond in handen heeft.

Right to Roam vraagt aandacht voor het beperkte allemansrecht in Engeland, het recht op vrije toegang tot natuur.

Ooit was het land wél vrij toegankelijk

Grote voorbeelden voor de actiegroep zijn Scandinavische landen als Zweden en Noorwegen en dichter bij huis Schotland. Daar geldt een allemansrecht, wat betekent dat land en water in principe vrij toegankelijk zijn om te wandelen, fietsen, zwemmen en kamperen. De voorwaarden verschillen iets per land, maar komen erop neer dat je geen schade mag toebrengen aan de natuur of aan landbouwgewassen.

In Engeland gelden complexere regels. Een klein deel van de bergen, valleien en heidevelden – dit is de 8 procent die Right to Roam noemt – is vrij toegankelijk. Privéterrein is dat niet, al geldt soms een historisch recht op overpad. Bijvoorbeeld als een pad al twintig jaar wordt gebruikt zonder dat de landeigenaar daar bezwaar tegen heeft gemaakt. Dat soort paden loopt langs rivieren of weilanden, met van die typisch Engelse afscheidingen: groene heggen of muurtjes van gestapelde stenen.

Nadia Shaikh verhuisde een paar jaar geleden vanuit Engeland – ze woonde vlakbij Birmingham – naar het dunbevolkte Schotse eiland Bute. Volgens haar een wereld van verschil. „In Engeland wandelde ik steeds hetzelfde rondje, als een leeuw in een kooi. Nu voel ik me vrij om mijn intuïtie te volgen in plaats van een pad. Zo van, hoor ik daar een sperwer? Eens even kijken. En ik hoef niet bang te zijn; mag ik hier zijn, of kom ik in de problemen?”

Nadia Shaikh verhuisde een paar jaar geleden vanuit Engeland naar Schotland.

In Schotland werd het allemansrecht ruim twintig jaar geleden ingevoerd, in 2003. Die wet legde vast wat allang staande praktijk was, vertelt Shaikh: „Buitenlandse investeerders kochten grote stukken grond op en begonnen hun terrein ineens af te bakenen. Wacht eens, zo doen we dat hier niet, dacht de bevolking.” In Schotland is het landeigenaarschap relatief geconcentreerd: ongeveer vierhonderd partijen (individuen, vermogensbeheerders en bedrijven) hebben meer dan 40 procent van het uitgestrekte Schotse heuvelland in handen.

Engeland is veel dichter bevolkt dan Schotland – 451 inwoners per vierkante kilometer tegenover 71 – en het grondeigenaarschap is meer versnipperd. Volgens schattingen uit 2019 is ongeveer een derde van het land in handen van de aristocratie en andere rijke families. Vanaf 1066 nam koning Willem de Veroveraar al het land in en leende hij het vervolgens uit aan de adel. Zijn leenstelsel betekende een einde aan de bewegingsvrijheid van boeren, die het land eeuwenlang vrij hadden gebruikt voor hun vee en het verbouwen van gewassen.

Massaal protest in 1932 was een succes

„Je loopt hier over geschiedenis, Sophie”, had Theo Leleux onderweg tegen zijn vriendin Sophie Mills gezegd. Bezweet maar opgewekt zijn de twee op weg terug uit de heuvels van Kinder Scout, een heideplateau in het nationale park Peak District. Eens in de paar maanden maken ze een lange wandeling, dit is de tweede keer dat ze ook een flink stuk zijn gaan klauteren over rotsachtige stukken. Bijna 13 kilometer, laat Leleux op zijn telefoon zien. Hij had ook een papieren kaart bij zich, in de heuvels is amper bereik.

Mills vertelt wat ze van haar vriend heeft opgestoken: „Hier ontstond het recht op rondzwerven. Een of andere rijke man van adel had hekken neergezet. Honderden mensen gingen uit protest de heuvel op en uiteindelijk kregen zij gelijk.” Leleux weet niet meer precies waar hij dat heeft gehoord. „Misschien heb ik het van m’n pa geleerd, het kan ook dat ik het op sociale media zag langskomen.”

Theo Leleux en Sophie Mills zijn op de terugweg uit de heuvels van Kinder Scout. Eens in de paar maanden maken ze een lange wandeling.

Ze hebben het over een historisch protest op 24 april 1932, gericht tegen de hertog van Devonshire. Die wilde zijn grond maar zeer beperkt openstellen, alleen voor lokale landeigenaren en voor de jacht. Honderden arbeiders uit Manchester maakten bezwaar en besloten de heuvels van Kinder Scout met zijn allen illegaal te betreden. Jachtopzieners en wandelaars raakten slaags en de politie arresteerde een handvol activisten, wat tot grote landelijke ophef leidde.

Het is een van de bekendste natuurprotesten uit de Engelse geschiedenis, dat Right to Roam gebruikt als hét voorbeeld van het succes van massaprotesten. Naar aanleiding van ‘Kinder Scout’ ontstonden de eerste nationale parken in Engeland, in 1949 nam arbeiderspartij Labour daar een wet over aan. Het Peak District werd het eerste nationale park, gevolgd door het beroemde Lake District, verder naar het noorden. Voor het eerst in eeuwen werden stukken privé-natuurgebied weer vrij toegankelijk.

Dit soort hervormingen kwam in Engeland alleen tot stand als Labour aan de macht was, vertelt David Toft. Hij is voorzitter van de Hayfield Kinder Trespass Group, die is opgericht om de herinnering aan het Kinder-protest levend te houden. Hij is ook aangesloten bij Right to Roam. In het Britse tweepartijenstelsel is die andere regeringspartij, de Conservatieve Partij, van oudsher verweven met de aristocratie. Toft: „Al gaat het hen niet alleen om de grootgrondbezitters. Ze willen het principe van privé-eigendom, van bezit, beschermen.”

Een historisch protest in april 1932 in Kinder Scout, van honderden arbeiders tegen de hertog van Devonshire, was aanleiding voor het uitroepen van nationale parken in Engeland.

Die houding ziet Nadia Sheikh ook terug bij sommige Engelsen die niet begrijpen waarom Right to Roam toegang tot privégebied opeist. „Er heerst nog een soort romantisch idee over de adel met hun grote landgoederen, waar je je pet voor afneemt. In de sfeer van Downton Abbey.” Die succesvolle dramaserie speelt begin vorige eeuw en gaat over een Engelse aristocratische familie met een kasteel, bedienden en vele hectares eigen grond. „Dat narratief moet veranderen.”

Toft verwacht niet dat er deze regeertermijn nog versoepelingen komen – Labour is aan de macht sinds juli 2024, de volgende verkiezingen zijn uiterlijk in 2029. Ondanks al hun campagnes en lobbywerk bij Lagerhuisleden. „Ik heb geen hoop meer voor deze termijn. Labour is op veel vlakken de weg kwijt.” Premier Burnham schijnt wel sympathie te hebben voor hun doel, zegt hij, maar dat heeft zich nog niet vertaald in actie of een wetsvoorstel.

Hekken blijven open, honden lopen los

Er zijn al zó veel wandelroutes en paden in Engeland dat je die nooit allemaal uit kunt lopen, zegt Rob Latimer. Zelf wandelt hij vaak dezelfde routes. „Dat werkt het beste voor mijn brein. Maar het hoeft niet, er is keuze genoeg.” Hij is fanatiek wandelaar en komt bij Kinder Scout voor de mooie uitzichten. „Je wint hier vrij gemakkelijk hoogte en Kinder is de hoogste piek in de omgeving.” Het protest uit 1932 kent hij uit de pub in het dorpje Edale, aan de andere kant van de heuvels, waar foto’s aan de muur hangen.

Fanatiek wandelaar Rob Latimer loopt vaak bij Kinder Scout. Volgens hem zijn er in Engeland genoeg wandelroutes en paden.

Verdere uitbreiding van de rechten van wandelaars, dat hoeft van Latimer niet. Hij begrijpt goed dat landeigenaren hun grond willen beschermen. „Lang niet iedereen is te vertrouwen. Ik zie zo vaak honden los lopen terwijl er bordjes staan dat honden aan de lijn moeten. Mensen laten de hekken open staan, laten afval achter of gaan barbecueën tijdens droogte.” Tussen 1 maart en 31 juli moeten honden volgens de landelijke regels altijd aan de lijn, om broedende vogels te beschermen.

Het onderwijs over hoe je je moet verhouden tot natuur kan beter, dat vindt ook David Toft. Basisscholen zouden verplicht een uur ‘buitenonderwijs’ in hun curriculum moeten opnemen, zegt hij. „Wat voor kleren en materiaal heb je nodig, hoe kom je met het openbaar vervoer bij het groen bij jou in de buurt, dat soort dingen.” Bij Kinder Scout komt de reddingsdienst geregeld in actie omdat mensen verdwaald zijn of slecht uitgerust op pad zijn gegaan, zegt hij. „Ze denken dat het Peak District een stadspark is.”

In Makerfield, het kiesdistrict dat Burnham in het Lagerhuis vertegenwoordigt, geldt voor 1 procent van het natuurgebied het recht op vrije toegang.

Nederland Hoe zit het met het recht op toegang?

In Nederland geldt geen allemansrecht, zoals in Scandinavische landen, en het kent ook geen historisch recht van overpad, zoals Engeland. Grondeigenaren hebben het recht om hun privé-eigendom gesloten te houden voor bezoekers.

Nederland bestaat voor bijna 20 procent uit beschermd natuurgebied, overwegend in handen van Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, provincies of gemeenten. Die hebben elk hun eigen toegangsregels. Meer dan de helft van het oppervlakte (54 procent) bestaat uit landbouwgrond, vooral in bezit van particuliere eigenaren. Die mogen hun gebied dus afsluiten, al gebeurt dat lang niet altijd. Organisaties als Wandelnet maken zich hard voor meer toegang voor wandelaars tot landelijk gebied, met meer „boerenlandpaden” in het „agrarische cultuurlandschap”.

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Natuur en milieu

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next