Mara van der Kamp | directeur ngo in Jemen De oplaaiende strijd tussen de Houthi’s en Saoedi-Arabië leidt in Jemen tot vele doden, gewonden en vluchtelingen. Als directeur van een antilandmijnorganisatie probeert de Nederlandse Mara van der Kamp er zicht te krijgen op de situatie. „De oorlog is weer deel van het dagelijks leven geworden.”
Gevluchte inwoners uit Mokka, dat de Houthi’s onlangs heroverden, komen aan bij een vluchtelingenkamp aan de rand van de stad Aden in het zuiden van Jemen.
De wereldwijde aandacht ging deze week uit naar de Houthi-aanvallen op het vliegveld van de Saoedische hoofdstad Riad, waarbij dertien doden vielen. Dinsdag viel de Jemenitische groepering ook het hoofdkantoor aan van Saudi Aramco, de staatsoliemaatschappij. Wereldwijd spraken regeringsleiders hun afkeuring uit over deze aanvallen, die geen duidelijk militair doel hebben en daarom in strijd zijn met het internationaal recht.
In Jemen eist dezelfde oorlog intussen een veelvoud aan slachtoffers. De Houthi’s, die de facto de macht hebben in het noordwesten van het land, vechten tegen regeringstroepen, die het zuiden beheersen. De strijdkrachten van de regering worden ondersteund door Saoedische bombardementen in Houthi-gebied. De gemelde dodenaantallen als gevolg daarvan zijn moeilijk te verifiëren, maar lopen in elk geval in de honderden.
Er zijn ook duizenden gewonden. Het Rode Kruis meldde woensdag dat ziekenhuizen en doktersposten aan de frontlinie overstelpt worden met slachtoffers van het geweld. Sommige instellingen moesten in een week tijd zevenhonderd nieuwe patiënten opvangen. Bedden zijn schaars en de voorraden chirurgisch materiaal, verdovingsmiddelen, zuurstof en medicijnen beperkt.
De frontlinie tussen de Houthi’s en het regeringsleger liep de afgelopen jaren dwars door de stad Ta’izz, in het zuiden van Jemen, waar bijna een miljoen mensen wonen. Inmiddels hebben de Houthi’s deze stad omsingeld, waardoor het andere deel van de stad geïsoleerd is. Voor essentiële zaken als drinkwater zijn de inwoners afhankelijk van aanvoer uit het zuiden, en die route hebben de Houthi’s nu afgesloten.
Mara van der Kamp
Mara van der Kamp houdt de situatie in Ta’izz nauwlettend in de gaten. Als hoofd van de humanitaire organisatie HALO Trust in Jemen, die landmijnen en explosieven opruimt, draagt de 34-jarige Nederlandse de zorg voor medewerkers in de omsingelde stad. Zelf woont en werkt ze in de zuidelijke stad Aden, waar NRC haar sprak via een videoverbinding.
„Ons personeel ter plaatse meldt nog geen gevechten in Ta’izz. Wel is er een tekort aan medicijnen. Maar het is, ook voor onze medewerkers, moeilijk om de situatie in te schatten. Informatie is lastig te krijgen en er zijn veel tegenstrijdige berichten. En de media staan vaak aan de kant van een van de strijdende partijen.”
Saoedi-Arabië en de Houthi’s zijn al sinds 2015 met elkaar in oorlog. In de eerste zeven jaar vielen daarbij enkele honderdduizenden doden, en was de humanitaire ramp amper te overzien. In 2022 bracht een wapenstilstand opluchting, maar de strijdende partijen sloten geen vrede.
Afgelopen juli viel Saoedi-Arabië een vliegveld in de door de Houthi’s beheerste hoofdstad Sanaa aan. De Houthi’s, in de beeldvorming vaak weggezet als mannen op sandalen met een machinegeweer, bleken het staakt-het-vuren gebruikt te hebben om zich te reorganiseren, versterken en herbewapenen.
Na de aanval op Sanaa besloten ze hard terug te slaan. Behalve op vliegvelden en olieopslagplaatsen in het noordelijke buurland vuren ze op Saoedische schepen in de Rode Zee, waardoor de olie-export van Saoedi-Arabië ernstig beperkt wordt. Dat draagt bij aan de hoge brandstofprijzen.
Vanwege de opgelaaide strijd zijn honderdduizenden naar het zuiden gevlucht. Ook andere Jemenieten merken de gevolgen van de escalatie, zegt ngo-directeur Van der Kamp. „Mensen hebben bijvoorbeeld familieleden in het regeringsleger. De oorlog is weer deel van het dagelijks leven geworden.”
Een meerderheid van de vluchtelingen komt naar Aden. Aan de rand van de stad zijn enkele vluchtelingenkampen opgericht. Het leger heeft daar ook checkpoints opgezet, waar de meesten de toegang tot de stad ontzegd wordt. Of alleen vrouwen mogen erdoor. Sommige vluchtelingen slagen er wel in om in Aden een woning te vinden.
Landmijnen en onontplofte bommen en granaten zorgen voor gevaarlijke situaties in Jemen. De helft van de slachtoffers is kind.
Dat levert gevaarlijke situaties op met betrekking tot landmijnen, zegt Van der Kamp. „Die mensen kennen hun nieuwe omgeving nog niet en weten dus ook niet waar ze weg moeten blijven. In 2022, toen veel gevluchte mensen na het staakt-het-vuren juist terugkeerden naar hun huizen, nam het aantal ongelukken met landmijnen en onontplofte bommen en granaten met 160 procent toe.”
Soms gaat het om zelf geknutselde explosieven, bijvoorbeeld in de vorm van een kleurrijke waterfles. „Kinderen zien dat liggen en pakken het op om ermee te spelen. De helft van de slachtoffers van landmijnen en explosieven is kind.”
De HALO Trust heeft een kantoor in Mokka, het westelijke havenstadje dat onlangs door de Houthi’s werd veroverd. „Daar hadden we net de omgeving van een school landmijnvrij gemaakt. Maar nu zijn al die families gevlucht, en wij kunnen er niet meer werken.”
Voor haarzelf is de situatie in Aden nog niet heel onveilig, zegt Van der Kamp. „De Houthi’s vielen wel het vliegveld hier aan, maar dat was gericht op het militaire gedeelte. Je merkt wel dat de mensen alert zijn.”
Jemen krijgt volgens de directeur structureel minder aandacht dan oorlogsgebieden als Gaza en Oekraïne. „Dat heeft gevolgen voor de financiering van de hulpverlening. Er treedt donorvermoeidheid op. Maar Jemenieten willen ook gewoon naar school, naar hun werk, ze hebben vriendschappen en familieproblemen.”
„Een tijdje terug werd in Aden een nieuw winkelcentrum geopend met onder meer een bowlingcentrum, voor Jemenitische begrippen nogal een attractie. Daar gaan mensen nog steeds heen voor een kopje koffie of een hapje eten. De situatie aan de frontlinie is heel zorgwekkend, maar soms wordt er gedaan alsof heel Jemen één groot rampgebied is. Dat is niet het geval.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie