Obligatiemarkten De euro zakte de afgelopen maanden weg tegenover de dollar. Niet omdat Amerika er zo goed voorstaat, maar vooral omdat Europa lijdt. De belangrijkste oorzaak daarvan ligt in Frankrijk. Hoe moet voorkomen worden dat het Franse gebrek aan begrotingsdiscipline de eurozone meesleurt?
Een uithangbord van een geldwisselkantoor in het Poolse Krakau. De euro verzwakt ten opzichte van de dollar.
Een verzwakking met een procent of zes: dat verwachtten de grote banken en beleggers begin dit jaar nog van de koers van de Amerikaanse dollar tegenover de euro. Het liep anders. Deze week bereikte de dollar een koers 1,12 dollar per euro. En dat is, met een stijging van bijna 5 procent sinds begin 2026, juist het hoogst sinds anderhalf jaar. Het ging, kortom, precies de andere kant op dan begin dit jaar werd verwacht.
Nu is voor economen het voorspellen van valutakoersen misschien wel een van de ondankbaarste taken. Er komen in een wisselkoers te veel invloeden samen om rekening mee te kunnen houden, laat staan een prognose te doen. Rentestanden, inflatie, verschillen in economische kracht, kapitaalstromen, onverwachte gebeurtenissen en niet te vergeten verschillen in (geo)politiek beleid: allemaal spelen ze een rol bij de verhouding tussen euro en dollar. En vrijwel al deze factoren gedragen zich in 2026 niet alleen anders dan gedacht, ze zijn nog wispelturiger dan normaal al het geval is.
De grootste verschillen met begin dit jaar: als eerste een blijvend grote kapitaalstroom van Europese beleggers naar de Amerikaanse aandelenmarkt, die zorgt voor een forse vraag naar dollars. Een verrassend sterke Amerikaanse economie, waarbij de mega-investeringen rond kunstmatige intelligentie een enorme stempel drukken op de economie en de beurzen. Dan is er nog de nieuwe topman van de Amerikaanse centrale bank, Kevin Warsh, die zijn oren vooralsnog niet naar president Trump laat hangen en zijn eerste renteverhoging al heeft doorgevoerd – zeer tegen de zin van de Amerikaanse president.
Los daarvan zijn er de meevallende economische effecten van Trumps tarievenoorlog met het buitenland, waarbij sommige tarieven door Amerikaanse rechters illegaal zijn verklaard en deels vervangen door andere. En de laatste, maar zeker niet de minste: de chaotische gevolgen van de al even chaotische oorlog die de VS samen met Israël begonnen met Iran. De inflatie is wereldwijd opgelopen door hoge energiekosten, waarbij de VS als netto-exporteur van olie vrij goed wegkomen.
Daar wegen de Amerikaanse nadelen, en dan vooral de torenhoge en oplopende staatsschuld, kennelijk niet tegenop. Al is de rente op die staatsschuld wél fors gestegen, en hoger dan in Europa. Maar voorlopig lijken de markten daar niet bang voor. Was de valutamarkt een schoonheidswedstrijd, dan winnen de VS op dit moment. Niet omdat de dollar per se de mooiste is, maar voorlopig wel de minst onaantrekkelijke.
Andere grote munten, zoals de Japanse yen, zijn stabiel ten opzichte van het begin van dit jaar, of dalen niet zo hard als de euro. Maar aan Europa worden groeiende problemen toegedicht, die kunnen neerslaan in de koers van de Europese munt. En die moeilijkheden zijn op de financiële markten samen te vatten in één naam: Frankrijk.
Want terwijl de straten in Frankrijk dagelijks volstromen met demonstrerende studenten die roepen om méér overheidsbestedingen, voeren de obligatiemarkten de druk op de Franse regering op om de geldkraan juist dicht te draaien. Net als veel andere landen kampt Frankrijk met oplopende rente op de staatsschuld. Maar in Frankrijk loopt de rente veel harder op dan elders. De cocktail van hoge inflatie, maatschappelijke onrust en naderende verkiezingen maken dat de regering van Emmanuel Macron het niet voor elkaar krijgt de begroting onder controle te houden. Niet echt een verrassing: sinds de invoering van de euro in 1999 heeft het land op drie jaar na nog nooit aan de regels van het Stabiliteits- en Groeipact voldaan. Het begrotingstekort is nagenoeg altijd hoger dan 3 procent geweest, en als gevolg is de staatsschuld gestegen tot 119 procent van het bbp. Ter vergelijking: Nederland heeft een schuld van 45 procent, het gemiddelde in de eurozone is 87,6 procent.
Veel houders van Franse staatsobligaties, zoals institutionele beleggers, vinden de risico’s op wanbetaling te groot worden. Zij dumpen die leningen, waardoor de prijs verder daalt en de effectieve rente verder stijgt. Recent nog werd bekend dat Japanse beleggers grootschalig uit Frans schuldpapier zijn gestapt, en veel meer in Duitse, Nederlandse en Japanse staatsobligaties zijn gaan beleggen.
De rente op een Franse tienjaars-staatsobligatie staat inmiddels op 4,91 procent, de hoogste stand in bijna 25 jaar en zelfs hoger dan wat Italië, een erkend zorgenkind in de eurozone, nu betaalt. De spread, het verschil tussen de Duitse en de Franse 10-jaarsrente, een belangrijke maatstaf, is met 141 basispunten bijna net zo hoog als tijdens de eurocrisis. Niet alleen het verschil in rente maakt de Franse problemen zichtbaar. De kosten om Franse staatsschuld te verzekeren tegen wanbetaling, door middel van verhandelbare ‘credit default swaps’, zijn al een jaar hoger dan die voor het verzekeren van Italiaanse schuld. En dat is uniek.
Obligatiemarkten zijn nu klaar met deze lakse houding van de Franse regering, zegt hoogleraar banking and finance Harald Benink van Tilburg University. „Ze hebben hun begroting jarenlang op zijn beloop gelaten, blijkbaar in de veronderstelling dat als het echt mis zou gaan, de Europese Centrale Bank wel zou ingrijpen, zoals in de eurocrisis met Griekenland en Italië gebeurde.”
Ingrijpen door de ECB zou nu niet aan de orde zijn, zei de president van de Franse centrale bank deze week nog. Dat zou ook onverstandig zijn, meent Benink. „Op papier heeft de ECB de mogelijkheid om Frankrijk te helpen, zonder dat er ook direct geld naar andere landen moet. Daarvoor is in 2022 het TPI (transmission protection instrument) opgericht, specifiek bedoeld om probleemlanden wat extra steun te geven. Destijds dacht men vooral aan het Italië van Giorgia Meloni, nu wordt naar Frankrijk gekeken. Maar het zou zowel voor de geloofwaardigheid van de Franse regering als voor die van de ECB desastreus zijn om dat nu in te schakelen.”
Hulp vanuit Frankfurt haalt namelijk de druk van de Franse regering om daadwerkelijke hervormingen door te moeten voeren om de begroting op orde te krijgen. En hoewel Macron klem zit tussen een boze bevolking en de obligatiemarkten, wil hij hoe dan ook zelf het roer in handen houden. Voor de ECB zou steun aan een land dat structureel weigert zijn uitgavenpatroon aan te passen ook een geloofwaardigheidsprobleem opleveren. De ECB zou hooguit kunnen stoppen met het afbouwen van de berg staatsobligaties die sinds 2012 op de eigen balans staan, om het aanbod niet nog verder te verhogen, de prijs te drukken en dus de rente op te drijven.
De vraag is of dat genoeg is om de crisissfeer op de obligatiemarkten te beteugelen. Frankrijk is één van de 21 eurolanden, en een probleem in het ene land kan alle landen in de muntunie uiteindelijk besmetten, bijvoorbeeld via het bankensysteem, waarschuwt Benink. „Banken in de eurozone hebben ook allemaal staatsobligaties van eurolanden op hun balansen staan. Als de waarde daarvan onder druk komt te staan door oplopende rentes, kunnen ook banken in de problemen komen. De houdbaarheid van de euro als eenheidsmunt zal dan opnieuw getest worden.”
Uiteindelijk kan alleen de Franse politiek het onderliggende probleem van de hoge rentes oplossen door fors in de uitgaven te snijden. Macron realiseert zich dat en stelt een pakket voor van 40 tot 50 miljard euro voor komend jaar. De vraag is of dat genoeg is en of het op tijd komt. Voormalig hoofdeconoom van het IMF Olivier Blanchard publiceerde deze week een paper waarin hij betoogt dat als de onzekerheid over de houdbaarheid van een overheidsschuld maar groot genoeg is, er plotselinge schokken in de rente op kunnen treden. In een wereld waarin macro-economische stabiliteit door geopolitieke schokken steeds verder uit beeld raakt, kan Frankrijk zich dat niet meer permitteren. De eurozone evenmin.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie