Aanslagen 9/11 25 jaar na de aanslagen van 11 september 2001 laten nieuw vrijgegeven topgeheime presidentiële briefings over Bin Laden zien dat de dreiging bekend was, maar dat de aanwijzingen nooit echt concreet werden.
De zuidelijke toren van het World Trade Center stort in op 11 september 2001 in New York.
Al-Qaida-oprichter Osama Bin Laden is „kundig en flexibel”, kapitaalkrachtig en vastberaden om toe te slaan in de Verenigde Staten. Hij is al jaren op zoek naar onconventioneel wapentuig. Zelfs vliegtuigkapingen schuwt hij daarbij niet.
Het beeld dat de Amerikaanse oud-presidenten Bill Clinton en George W. Bush via geheime inlichtingenbulletins krijgen van het latere meesterbrein achter de aanslagen van 11 september 2001 lijkt scherp, maar was uiteindelijk te onsamenhangend om de aanval op Amerikaans grondgebied te kunnen voorkomen.
Vrijdag, 25 jaar na de dramatische aanslagen, gaf de Amerikaanse inlichtingendienst CIA 101 pagina’s aan zogenaamde presidential daily briefs vrij. Niet eerder werd zoveel topgeheime informatie gepubliceerd, meldde de CIA in een persbericht. De vrijgave van de presidentiële bulletins is onderdeel van president Donald Trumps „historische transparantie initiatieven”, aldus de dienst. Desondanks zijn veel teksten zwartgelakt om namen en bronnen te beschermen.
Na de aanval concluderen de Amerikaanse 9/11-onderzoekscommissie al dat de dreiging van Bin Laden weliswaar gezien werd, maar onderschat. De dreiging lag vooral overzees. De mogelijkheid dat terroristen – in de woorden van topadviseur Condoleezza Rice – „vliegtuigen als raketten” zouden gebruiken voor een aanslag om Amerikaanse grondgebied was ondenkbaar.
De vrijgegeven documenten laten dat spoor zien. De bulletins beginnen met waarschuwingen van de CIA over Bin Laden en Al-Qaida vanaf februari 1998, toen hij volgens de analisten met andere islamitische extremisten afsprak om chemische, biologisch en nucleair materiaal te kopen om massavernietigingswapens te ontwikkelen. De laatste vrijgegeven publicatie dateert van 12 september 2001, een dag na de aanslagen, en gaat over de sporen die Bin Laden naliet.
In de periode tussen het eerste en het laatste vrijgegeven document is de dreiging vanuit Bin Laden constant. Al in 1998 zou hij volgens de briefings van plan zijn geweest om een winkelcentrum in New York of Washington aan te vallen. De CIA-analisten brengen verslag uit van zijn pogingen om aan onconventionele wapentuig te komen via „legale bedrijven, zakelijke relaties en financiële imperium”.
Ook het kapen van vliegtuigen werd door de analisten eind 1998 al gezien als een mogelijkheid. Bin Laden had volgens een CIA-bron zelfs al succesvol een „trial run”, een test, uitgevoerd. Het doel van de vliegtuigkaping zou de vrijlating van onder andere Ramzi Yousef zijn, die in 1993 een explosief lieten ontploffen in de parkeergarage van het World Trade Centrum.
Maar hoe, wat en waar A-Qaida toe gaat slaan blijft onduidelijk. Drie maanden voor de aanval van 11 september 2001 kreeg president Bush een tabel met mogelijke doelwitten onder ogen. Al-Qaida had volgens het document dan doelwitten die variëren van Qatar tot de naderende G8-top in Italië, maar de VS zitten er niet bij.
Een maand voor de aanslag meldde de CIA dat Bin Laden „vastbesloten is” de VS zelf aan te vallen. Ze zien „patronen van verdachte activiteit” ter voorbereiding van kapingen of „ander soorten aanvallen”. Zeventig federale onderzoeken houden inmiddels verband met Bin Laden en Al-Qaida. De CIA zelf onderzoekt de mogelijkheid van een bomaanslag. Maar in hetzelfde bericht wordt ook gemeld dat oudere „sensationele dreigingsberichten” dat Bin Laden vliegtuigen zou gaan kapen niet bevestigd kunnen worden.
Twee weken voor de aanslag, in het laatste vrijgegeven bericht voor 9/11, waarschuwen de analisten opnieuw voor Bin Laden. Zelfs in de huidige staat van verhoogde waakzaamheid, zou hij nog een bedreiging vormen voor de Verenigde Staten.