Home

Veel meer geld naar Defensie, weinig klimaatmaatregelen en afstel en uitstel op sociale zekerheid: dit zijn de plannen van kabinet-Jetten

Miljoennota Van asiel tot zorg: NRC bespreekt de opvallendste plannen uit de uitgelekte Miljoenennota.

Eelco Heinen, toenmalig demissionair minister van Financiën met zijn koffertje tijdens het aanbieden van de Miljoenennota aan de Tweede Kamer in 2025.

Financiën

Volgend jaar daalt de koopkracht voor de meeste mensen licht: met zo’n 0,1 procent. Dit komt door de hogere inflatie, te wijten aan het conflict in het Midden-Oosten en bepaalde kabinetsmaatregelen.

Zo wordt de inkomensgrens waarboven mensen het hoogste belastingtarief betalen niet verhoogd in 2027. Daardoor betalen mensen met de hoogste inkomens eerder het hoogste tarief. Ook wordt leidingwater extra belast en de ouderenkorting, een belastingvoordeel voor pensioengerechtigden, met 100 euro verlaagd.

Het kabinet heeft 1,5 miljard euro uitgetrokken om die koopkrachtpijn te verzachten: het verhoogt de arbeidskorting voor werkenden, waardoor je netto iets meer loon overhoudt. Ook gaat het belastingtarief in de eerste en de tweede schijf iets omlaag: met 0,06 procent. Wel daalt de kinderarmoede licht, van 2,4 procent in 2026 naar 2,3 procent in 2027.

Het kabinet gooit er een boel fiscale voordelen uit. Onder meer ballonvaarten, bier en bloemen worden duurder. Veel van deze maatregelen werden eerder door het ministerie van Financiën negatief geëvalueerd. Dat wil zeggen: ze zijn niet effectief of bereiken tegen te hoge kosten hun doel, maar bleven na een sterke lobby toch overeind.

Zo gaat het tarief op de ballonvaart en bloemen en planten van 9 naar 21 procent. Ook een glas bier of wijn gaat meer kosten, omdat de alcoholaccijnzen vanaf komend jaar automatisch meestijgen met de inflatie. Daarnaast verliezen kleine bierbrouwers hun accijnsvoordeel. Zij betalen nu een verlaagd accijnstarief, waardoor de accijns per glas bier ongeveer één à twee cent lager uitvalt dan bij grotere brouwers.

Ook de belastingvrije personeelskorting wordt afgeschaft. Met deze regeling kunnen werkgevers hun werknemers nu maximaal 20 procent korting geven op producten of diensten van het eigen bedrijf. Ook de WKR wordt afgeschaft. Via deze regeling kunnen werkgevers belastingvrij extraatjes aan hun personeel geven, zoals een kerstpakket.

Daarnaast wordt de korting voor beginnende ondernemers, de startersaftrek, afgeschaft en mogen starters niet langer via de willekeurige afschrijving voor starters zelf bepalen wanneer ze kosten aftrekken.

Ook de bosbouwvrijstelling, een belastingregel voor ondernemers die een bosbouwbedrijf hebben, houdt op te bestaan.

Belastingen

Het is het kabinet niet gelukt om een politiek besluit over de toekomst van de vermogensbelasting (Box 3) te nemen, waarover de discussie vlak voor de zomer vastliep in de Eerste Kamer. Dat staat in een aparte brief die met de Miljoenennota werd meegestuurd. Het kabinet wil zichzelf nog een halfjaar geven voor een oplossing voor een nieuwe belasting op sparen en beleggen.

Nu is het kabinet voornemens om daar samen met de Tweede Kamer en de senaat een besluit over te nemen en zegt open te staan voor „nieuwe inzichten” en ”breed politiek draagvlak” te willen. Als het kabinet er niet in slaagt komend voorjaar met een oplossing te komen, loopt het kabinet in 2028 2,4 miljard euro aan inkomsten mis.

De Box 3-wet ligt nu bij de Eerste Kamer, maar het kabinet wil van die wet af. Daarin wordt vermogen belast over de ‘papieren winst’. Bij een winstbelasting heft de staat pas op het moment dat de aandelen zijn verkocht. Minister van financiën Eelco Heinen (VVD) besloot dat die wet ’terug naar de tekentafel’ moest nadat bedrijven en ondernemers in het geweer kwamen.

Zorg

De verhoging van het eigen risico in de zorg met 60 euro wordt minimaal één jaar uitgesteld. Het gaat nu op z’n vroegst per 1 januari 2028 in. Het eigen risico is al jaren bevroren op 385 euro.

Toch gaat iedereen die zorg gebruikt vanaf volgend jaar meer betalen. Zo wordt de jaarlijkse indexatie, die sinds 2016 niet meer wordt doorgevoerd, hersteld. Het kabinet schat dat het eigen risico daardoor volgend jaar stijgt naar zo’n 400 euro. Met de nu uitgestelde extra verhoging was het eigen risico volgend jaar al op 460 euro uitgekomen.

Ook houdt het kabinet er rekening meer dat de gemiddelde zorgpremie voor iedereen met ongeveer 12 euro per maand zal stijgen. Of dat inderdaad zo is, moet blijken. Zorgverzekeraars stellen die vast en moeten de premie uiterlijk 12 november bekendmaken.

Het uitstel van de extra verhoging van 60 euro, dat een gat van 1 miljard euro in de begroting slaat, komt niet uit de lucht vallen. De verhoging van het eigen risico was zeer omstreden. Het wetsvoorstel van minister Sophie Hermans (Volksgezondheid, VVD) van mei dit jaar dreigde in de Tweede dan wel Eerste Kamer te sneuvelen. Het debat werd uitgesteld op verzoek van de Kamer, die eerst een onderzoek naar de ‘financiële effecten van de stapeling van de maatregelen’ wil afwachten, iets waar ook Hermans achterstond. Zelf had ze de deadline voor behandeling van het voorstel al uitgesteld van „voor het zomerreces” tot „1 oktober”.

Het kabinet trekt vanaf 2028 tevens geld uit, 100 miljoen euro per jaar, voor een inhaalcampagne voor gordelroosvaccinaties voor 61- tot 69-jarigen, een gebaar richting 50Plus. Eerder reserveerde het kabinet al geld (vanaf 2027) voor de vaccinatie van mensen die zestig worden. Voor mensen van zeventig jaar en ouder blijft de vaccinatie voor eigen kosten.

Wonen

Naast een belastingvoordeel voor woningcorporaties komt het kabinet ook particuliere beleggers tegemoet op Prinsjesdag. Er wordt tussen 2029 en 2033 jaarlijks 100 miljoen euro gereserveerd voor zogenaamde ‘objectsubsidies’. Voor elke middenhuurwoning die particuliere beleggers laten bouwen, kunnen ze een bedrag krijgen dat kan oplopen tot 10.000 euro.

Dit moet particuliere beleggers helpen om meer middenhuurwoningen te bouwen, die zonder subsidie nog vaak verlieslatend zijn. De hoge bouw- en ontwikkelkosten kunnen vaak niet worden opgevangen door de huuropbrengst, die dankzij de Wet betaalbare huur een plafond heeft.

Woningcorporaties komen niet in aanmerking voor de objectsubsidie om middenhuurwoningen te bouwen. Door wetswijzigingen in EU-wetgeving kunnen zij vanaf 2028 dankzij staatsgaranties zeer goedkoop lenen, waardoor zij ook middenhuurwoningen kunnen bouwen.

Daarnaast wordt in de begroting van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening verder vooruitgekeken. De 1 miljard euro uit het coalitieakkoord die elk jaar is bestemd voor het versnellen van woningbouw, wordt in de begroting tot 2035 doorgetrokken.

Met dat geld zet het kabinet onder meer in op de bouw van betaalbare woningen – ook wel bekend als de Realisatiestimulans. Hiervoor wordt tussen 2031 en 2035 jaarlijks rond de 380 miljoen euro gereserveerd. Ook wordt tot 2032 het bouwen van financieel lastig haalbare projecten gesteund met jaarlijks 125 miljoen euro.

Woningcorporaties krijgen een belastingvoordeel dat 425 miljoen euro per jaar oplevert om in de bouw en verduurzaming van woningen te investeren. Met deze miljoenen als onderpand kunnen corporaties tot 6 miljard euro extra lenen, wat volgens corporatiekoepel Aedes gelijkstaat aan de bouw van 22.000 extra sociale huurwoningen.

Eerder lekte dit al uit via RTL Nieuws. Het kabinet laat voor corporaties vanaf 2028 de strenge toepassing van een EU-richtlijn los. Die ATAD-regel (anti tax avoidance directive) is bedoeld om belastingontwijking door multinationals tegen te gaan. Het houdt in dat bedrijven die veel met geleend geld werken, hun rentekosten maar zeer beperkt mogen aftrekken van de winstbelasting. Doordat Nederland deze regel in vergelijking met andere EU-landen zeer streng toepast, vallen ook woningcorporaties en ontwikkelaars daaronder.

Woningcorporaties zijn het daarmee oneens: ze lenen weliswaar volop, maar maken geen winst en werken uitsluitend in Nederland. Afgelopen maanden voerde corporatiekoepel Aedes intensief campagne tegen de ATAD-regeling voor corporaties.

Onderwijs

Het kabinet-Jetten investeert komend jaar 668 miljoen euro extra in onderwijs, blijkt uit de gelekte begroting. Voor een groot deel gebruikt het kabinet dat geld om de bezuinigingen terug te draaien die het kabinet-Schoof had gepland op met name het hoger onderwijs, maar ook op subsidieregelingen om achterstanden bij kinderen weg te werken.

Daarnaast is er geld beschikbaar voor investeringen, onder meer voor wetenschappelijk onderzoek en praktijkgericht onderzoek in het beroepsonderwijs. Ook steekt het kabinet extra geld in de ontwikkeling van een nieuwe nationale supercomputer met grote rekenkracht en in een Einstein Telescope R&D-centrum. Ook voor kennisveiligheid en cyberweerbaarheid van universiteiten, hogescholen, ziekenhuizen en wetenschapsinstituten KNAW en NWO is geld gereserveerd.

In april werd al bekend dat de basisbeurs voor uitwonende studenten met 50 euro wordt verhoogd. Maar dat gebeurt pas in 2028.

In de begroting staan meer maatregelen die al waren bekendgemaakt. Zo willen minister Rianne Letschert (D66) en staatssecretaris Judith Tielen (VVD) op termijn 346 miljoen euro structureel investeren in de bijscholing van onderwijspersoneel.

Zo ver is het in 2027 nog niet. Voor het primair onderwijs is 3,7 miljoen euro beschikbaar en voor het voortgezet onderwijs 2,3 miljoen euro. Daarnaast komt er vanaf komend jaar structureel geld voor het aantrekkelijk maken van zij-instroom in het onderwijs. In 2027 is dat 79,3 miljoen euro, vanaf 2028 88,1 miljoen euro.

Algemene Zaken

Het eerste hoofdstuk van de Rijksbegroting gaat altijd over de uitgaven voor de Koning, is het kleinste wat euro’s betreft en bevat maar zelden verrassingen. De uitgaven voor 2027 stijgen van 60,8 miljoen naar 62,1 miljoen euro. Het overgrote deel zijn de ‘functionele uitgaven’, onder meer de salarissen voor het paleispersoneel (240 fte).

Van de tien leden van het Koninklijk Huis krijgen koning Willem-Alexander, koningin Máxima, prinses Beatrix en prinses Amalia een inkomen van de staat, samen dit jaar 2,7 miljoen euro (was 2,6 miljoen euro), waarvan 1,197 miljoen euro voor de koning. Die verhoging komt doordat hun uitkering is gekoppeld aan het salaris van de vicepresident van de Raad van State, dat stijgt in lijn met de cao voor rijksambtenaren. En die kregen afgelopen jaar 0,3 procent bruto extra.

Prinses Amalia stort opnieuw het inkomensdeel van haar uitkering (355.000 euro) terug zolang ze studeert. Ze doet een bachelor Nederlands recht aan de Universiteit van Amsterdam en volgt het opleidingsprogramma van Defensity College, waarvoor ze donderdag begon als werkstudent bij de marine. Het deel dat is bedoeld voor onkosten, 1,67 miljoen euro, gebruikt ze voor „een secretariaat en reserveringen voor een woon- en werkverblijf”, zoals ze eerder liet weten. Ook de andere drie krijgen geld voor onkosten, samen 8,5 miljoen euro.

Binnenlandse Zaken

De verhouding tussen landelijke en lokale overheden was, als het om financiën ging, de afgelopen jaren stroef. Er was zelfs kans op gerechtelijke stappen omdat gemeenten volgens hun berekeningen structureel te weinig geld kregen voor taken die zij wettelijk verplicht namens het Rijk moesten uitvoeren. Het kabinet-Schoof bood vorig jaar gemeenten tijdelijk wat lucht door hen vanaf 2026 414 miljoen euro per jaar extra te geven voor jeugdzorg.

Maar duidelijk werd in het voorjaar al dat de totale groei van het Gemeentefonds, waarin het Rijk geld stort voor de 342 gemeenten, terugloopt. In de begroting voor 2027 worden de uitgaven geraamd op 49,96 miljard euro (van 48,3 miljard euro in 2026), gemiddeld 2.741 euro per inwoner. Daarna loopt de groei structureel terug naar 45,8 miljard euro in 2031.

Dat is wat gemeenten al vreesden: al in 2027 is er geen compensatie meer voor de jeugdzorg en wordt er 1,01 miljard euro bezuinigd op de Wmo (waaronder huishoudelijke hulp valt).

En dan zijn er nog potjes waarmee is geschoven. Zo valt op dat Beschermd Wonen niet meer op de begroting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport staat – en daar dus een bezuiniging is – maar de bijna 95 miljoen euro terechtkomt als uitgaven in het Gemeentefonds. Voor de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen die dit jaar in is gegaan en waardoor gemeenten verplicht zijn een bieb „binnen redelijke afstand” te hebben, krijgen ze alleen in 2027 62 miljoen euro.

Waar gemeenten wel blij om zullen zijn, is dat nadrukkelijk wordt geschreven dat het kabinet „het inzicht in en overzicht van” taken wil krijgen. Dat is een van de grootste frustraties: niemand weet precies wát lokale overheden doen en of het geld dat zij van het Rijk krijgen daarvoor voldoende is.

Minister Pieter Heerma (Binnenlandse Zaken, CDA) kwam eerder dit jaar ook al met lucht: de voorgenomen herziening van het Gemeentefonds wordt uitgesteld. Die herziening leidde tot grote onrust: sommige gemeenten noemden het „volstrekt onduidelijk” wat een nieuwe verdeelsleutel zou inhouden, terwijl zij gebaat zijn bij stabiliteit. Zo betalen gemeenten uitkeringen uit, zijn ze verantwoordelijk voor de uitvoer van de energietransitie, onderhoud van infrastructuur en andere structurele uitgaven.

Heerma diende verder een wetsvoorstel in dat een einde moet maken aan de „wildgroei” van specifieke uitkeringen. Gemeenten krijgen via zo’n uitkering tijdelijk geld voor een specifieke taak, zoals voor de aanpak van laaggeletterdheid (tot en met 2028 5 miljoen euro) of ‘digitale tweedeling’ (in 2027 108.000 euro). Voor het Rijk is het een manier om grip te houden op uitvoer, gemeenten klaagden juist over strenge landelijke bemoeienis, en over het feit dat ze soms meer geld kwijt zijn aan de verantwoording van hoe ze het geld besteden dan ze krijgen.

Naast het Gemeentefonds kunnen gemeenten ook door lokale belastingen, zoals de onroerendzaakbelasting (ozb) inkomen genereren. De begrote opbrengsten daarvan zullen in 2026 15,3 miljard euro bedragen, een stijging van 6,5 procent ten opzichte van 2025.

Het kabinet wil nog eens 400 miljoen euro bezuinigen op de rijksoverheid, door met name regels te schrappen en/of te vereenvoudigen en het ambtenarenapparaat te verkleinen. In de Miljoenennota schrijft de regering dat de eerste 200 miljoen euro al in 2028 vrijkomt. Deze maatregel komt boven op een bezuiniging op de rijksoverheid die vanaf 2030 structureel 1 miljard bedraagt.

In het coalitieakkoord werd geambieerd deze bezuiniging vanaf 2029 in werking te stellen. Maar in de nota maakt het kabinet kenbaar dat ze de bezuiniging wil versnellen, waardoor dus die 400 miljoen extra vrijkomt.

Er wordt voor deze bezuiniging een taskforce opgericht, de ‘Slagvaardige Overheid’. Dit team gaat regels en banen schrappen om de overheid efficiënter te maken. In een persbericht schrijft de overheid dat ze met name het aantal ondersteunende overheidsfuncties en managementposities kleiner wil maken. Deze ‘overhead’, nu de helft van de functies bij de ministeries, moet verlaagd worden naar 35 procent. Het werk moet deels worden vervangen door AI. Ook wil de regering de externe inhuur verminderen naar 10 procent van de totale personele uitgaven.

Sociale Zekerheid

Van de voorgenomen maatregelen in de sociale zekerheid blijft niet veel meer over in de begroting van Sociale Zaken. Uitstel en afstel voeren de boventoon en dat heeft een duidelijke reden, meldt het kabinet: „Het gaat over grote vraagstukken waarvoor breed draagvlak van belang is.” En: „Het kabinet gaat hier dan ook graag over in gesprek met uw Kamer en sociale partners.”

Met name de algemene verlaging van de uitkeringen, die in het coalitieakkoord werd bekendgemaakt, kreeg veel kritiek. Die korting is geschrapt. Werklozen en arbeidsongeschikten zouden worden geraakt, maar ook mensen met ouderschaps- of zwangerschapsverlof. In totaal bleek dat voor ruim 160.000 ontvangers van uitkeringen een maandelijkse inkomensval van ruim 900 euro dreigde. Voor het kabinet betekent het schrappen wel een tegenvaller van ruim 800 miljoen euro.

Ook de voorgenomen verhoging van de AOW-leeftijd oogstte veel kritiek. Die maatregel had minister Hans Vijlbrief (D66) al eerder van tafel gehaald. Daarmee valt weliswaar een bezuiniging van 2,8 miljard euro weg, maar die verhoging zou pas vanaf 2033 gaan gelden.

De halvering van de maximale duur van de WW-uitkering tot twaalf maanden wordt met een jaar uitgesteld. Dat betekent dat die inkorting pas ingaat vanaf 2029. Niet alle beoogde ingrepen in de WW worden uitgesteld. Werknemers gaan bijvoorbeeld minder snel rechten opbouwen om in aanmerking te komen voor een werkloosheidsuitkering. Nieuw is ook dat de uitkering de eerste maanden hoger uitvalt, daarna lager in vergelijking met de huidige situatie. Deze maatregelen gaan zoals gepland vanaf 2030 gelden.

Klimaat

Na een historisch hete zomer volgt geen stortvloed aan klimaatmaatregelen, blijkt uit de Miljoenennota. Verreweg het belangrijkste (al eerder uitgelekte) besluit is dat het kabinet 1,3 miljard euro reserveert voor CO2-opslag onder de Noordzee. Dat komt nu slecht van de grond en is belangrijk om de CO2-uitstoot van grote afvalbranders af te vangen.

Verder komt het kabinet tegemoet aan de hogere brandstoffenprijzen als gevolg van de vrijwel volledig afgesloten Straat van Hormuz. Zo trekt het kabinet 750 miljoen euro uit voor het langer in standhouden van de lagere brandstofaccijns; een maatregel die sinds de energiecrisis van 2022 elk jaar wordt verlengd. Ook een compensatie voor stroomkosten voor de industrie wordt een jaar vervroegd.

Opvallend is verder dat het kabinet de vliegbelasting op langere vluchten vermindert, zodat vluchten vanaf Duitse luchthavens niet goedkoper zijn dan de Nederlandse. Dat scheelt op een vlucht een tientje. Daarmee kiest het kabinet ervoor geen strengere klimaatregels te hanteren dan in de buurlanden, een ambitie uit het coalitieakkoord.

Hoewel de klimaatplannen beperkt blijken, maakte het kabinet vrijdagmiddag wel bekend de problemen met het stroomnet aan te pakken. De „crisis”-maatregelen gaan over simpelere bouwregels voor bijvoorbeeld hoogspanningsstations en het beperken van bezwaarprocedures. Ook wil het kabinet het stroomnet intensiever gebruiken en bedrijven vaker flexibele stroomcontracten aanbieden. Een deel van de maatregelen wilde het vorige kabinet al uitvoeren.

Landbouw

De in deze zomer gepresenteerde stikstofaanpak domineert de begroting van het ministerie van Landbouw en Visserij, Voedselzekerheid en Natuur. Minder stikstofuitstoot leidt niet alleen tot een gezondere natuur, maar moet Nederland ook van het slot halen. Veel bouwers, energiebedrijven en ook boeren krijgen geen vergunning om te investeren, omdat die tot nieuwe uitstoot leidt. Deze impasse remt de economische ontwikkeling. 

Met het nieuwe stikstofbeleid, schrijft minister Jaimi van Essen in de begroting, „helpen we Nederland vooruit: de natuur herstelt en stapsgewijs ontstaat er meer ruimte voor vergunningverlening.”

In de Miljoenennota is voor het eerst sprake van een fiscale maatregel die boeren moet ondersteunen bij het investeren in dierenwelzijn en natuurbevordering. Deze zogeheten fiscale investeringsreserve zou tot 2035 moeten lopen. De komende zes maanden onderzoekt het kabinet hoe realistisch het plan is: zo mag het niet tot ontoelaatbare staatssteun leiden.

In het voorjaar van 2027 wordt duidelijk of het fiscale instrument aan de boeren zal worden aangeboden. Nu het boven de markt hangt, zou het de samenwerking met oppositiepartij BBB kunnen vergemakkelijken. Steun van de partij van Henk Vermeer zou het minderheidskabinet bijna aan een meerderheid in de Eerste Kamer kunnen helpen, maar tot nu toe staat BBB uiterst negatief tegenover de stikstofaanpak.

Asiel & Migratie

Het klinkt hoopvol, maar weinig Tweede Kamerleden zullen het heel serieus nemen: volgens het kabinet-Jetten is er de komende jaren fors minder geld nodig voor asiel en migratie. In de Miljoenennota staat dat er in 2026 zo’n 8 miljard aan wordt uitgegeven, en vanaf 2031 rond de 5 miljard. Het kabinet rekent op een „aflopend budget” voor de opvang van Oekraïners, al is lang niet zeker dat het echt gaat ‘aflopen’, en op minder crisisopvang: ‘noodlocaties’.

Dat minister van Asiel en Migratie Bart van den Brink (CDA) gemeenten die nog niets aan opvang van vluchtelingen doen onder druk zet, hij heeft een ‘zwarte lijst’ en dreigt met ingrijpen, heeft ook met geld te maken. Vaste locaties zijn veel goedkoper.

Wat verder opvalt: het kabinet wil al vanaf volgend jaar extra geld vrijmaken voor opvanglocaties buiten de EU, waar afgewezen asielzoekers naartoe worden gebracht. Met om te beginnen, in 2027 en 2028, 22 miljoen euro vanuit de begroting voor Ontwikkelingssamenwerking. Al is nog onduidelijk waar die uitzetcentra zouden moeten komen en wanneer mensen er terechtkunnen. De Deense minister van asiel zei vorige week dat het volgend jaar al zover zou moeten zijn, Van den Brink was er minder duidelijk over.

Er komt in 2027 ook extra geld, 6 miljoen euro, om overlastgevende asielzoekers onder te brengen, en 19,5 miljoen voor extra plekken in de vreemdelingenbewaring. Het kabinet denkt ook dat de dienst die de terugkeer regelt meer werk krijgt: daar gaat vanaf volgend jaar, en daarna elk jaar, 6 miljoen euro extra naartoe.

Bij asiel en migratie zijn de bedragen volgens Haagse politici heel vaak een slag in de lucht: in de loop van het jaar moet er vaak toch extra geld naartoe.

Defensie

Het kabinet geeft uitvoering aan de afspraak uit het coalitieakkoord om in de komende jaren véél meer aan Defensie uit te geven. De vele miljarden die hiermee zijn gemoeid worden tot en met 2031 overgeheveld van de ‘Aanvullende Post’ op de Rijksbegroting (waar geld staat dat nog geen bestemming heeft) naar de Defensiebegroting. In 2035 moeten de Nederlandse Defensie-uitgaven zijn gestegen van 2,0 tot 3,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

In het komende jaar investeert het kabinet slechts 600 miljoen extra in Defensie, maar in de jaren daarna lopen die bedragen snel op met miljarden per jaar. In deze begroting voor 2027 bedragen de totale geraamde defensie-uitgaven 28,9 miljard euro. Dit is inclusief 3,1 miljard voor militaire steun aan Oekraïne. Als je de steun voor Oekraïne meetelt – zoals het kabinet doet – geeft Nederland het komend jaar 2,36 procent van het bbp uit aan Defensie. Daarmee voldoet Nederland ruimschoots aan de huidige NAVO-norm van 2 procent. Zonder de Oekraïne-steun bedragen de uitgaven 2,12 procent.

Het kabinet-Jetten legt in de begroting ook de steun voor Oekraïne in de komende jaren vast. Al eerder werd er geld via een ‘kasschuif’ naar de begroting van 2026 gehaald om de steun op peil te houden. Met deze begroting wordt er opnieuw 250 miljoen naar voren gehaald, die nog dit jaar zal worden uitgegeven. In 2027 heeft het kabinet 2 miljard begroot voor militaire hulp; in 2028 en 2029 is dat respectievelijk 2,4 en 2,2 miljard.

Ontwikkelingssamenwerking

Komende drie jaar trekt het kabinet ongeveer 400 miljoen euro per jaar extra uit voor ontwikkelingssamenwerking. Dat komt boven op het geld dat hiervoor al in het regeerakkoord werd uitgetrokken, waarmee ongeveer een kwart van de bezuinigingen van het kabinet-Schoof ongedaan worden gemaakt.

Het extra geld voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking is bedoeld om onder de linkse oppositiepartijen steun te winnen voor de kabinetsplannen. De vraag is of het volstaat: deze partijen willen dat de bezuinigingen volledig én structureel worden teruggedraaid: niet alleen voor de komende drie jaar.

Daarbij wordt ook geen gehoor gegeven aan de wens van Pro en andere partijen om het budget voor ontwikkelingssamenwerking weer te koppelen aan de omvang van de Nederlandse economie. Deze norm werd in 1972 afgesproken door de OESO – de club van industrielanden – en bepaalt dat 0,7 procent van het bruto nationaal inkomen wordt besteed aan ontwikkelingssamenwerking.

Hoewel Nederland al jarenlang niet meer dan 0,7 procent hieraan uitgeeft, groeide het budget voor ontwikkelingssamenwerking nog altijd mee. Het kabinet-Schoof beëindigde dit, iets wat slechts gedeeltelijk door het huidige kabinet is hersteld.

Politiek Den Haag

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next