Binnenvaartschepen op de Rijn.
Na een historisch hete zomer volgt geen stortvloed aan klimaatmaatregelen, blijkt uit de Miljoenennota. Verreweg het belangrijkste (al eerder uitgelekte) besluit is dat het kabinet 1,3 miljard euro reserveert voor CO2-opslag onder de Noordzee. Dat komt nu slecht van de grond en is belangrijk om de CO2-uitstoot van grote afvalbranders af te vangen.
Verder komt het kabinet tegemoet aan de hogere brandstoffenprijzen als gevolg van de vrijwel volledig afgesloten Straat van Hormuz. Zo trekt het kabinet 750 miljoen euro uit voor het langer in standhouden van de lagere brandstofaccijns; een maatregel die sinds de energiecrisis van 2022 elk jaar wordt verlengd. Ook een compensatie voor stroomkosten voor de industrie wordt een jaar vervroegd.
Opvallend is verder dat het kabinet de vliegbelasting op langere vluchten vermindert, zodat vluchten vanaf Duitse luchthavens niet goedkoper zijn dan de Nederlandse. Dat scheelt op een vlucht een tientje. Daarmee kiest het kabinet ervoor geen strengere klimaatregels te hanteren dan in de buurlanden, een ambitie uit het coalitieakkoord.
Hoewel de klimaatplannen beperkt blijken, maakte het kabinet vrijdagmiddag wel bekend de problemen met het stroomnet aan te pakken. De „crisis”-maatregelen gaan over simpelere bouwregels voor bijvoorbeeld hoogspanningsstations en het beperken van bezwaarprocedures. Ook wil het kabinet het stroomnet intensiever gebruiken en bedrijven vaker flexibele stroomcontracten aanbieden. Een deel van de maatregelen wilde het vorige kabinet al uitvoeren.