Home

Na een conflict trok Renny de stekker uit het A.F.Th. van der Heijden-huis: ‘Ik ben in boosheid blijven hangen’

Honderden uren stak Renny de Bruyn in de oprichting van een A.F.Th. van der Heijden-huis, een museum annex ontmoetingsplek. Maar na een meningsverschil met de stuurgroep blies hij het voor de opening af – in een opwelling. In deze serie spreekt Barbara van Beukering mensen die spijt hebben van een beslissing.

Barbara van Beukering is journalist. Voor Volkskrant magazine interviewt zij wekelijks mensen over spijt.

Renny de Bruyn (78, osteopaat):

‘Begin jaren tachtig las ik De tandeloze tijd van A.F.Th. van der Heijden, waarin de auteur zijn jeugd in Geldrop beschrijft, het dorp waar ik nog steeds woon. We zaten op dezelfde middelbare school, maar hij is een aantal jaar jonger dan ik, dus onze levens hebben elkaar vroeger niet gekruist.

Ik ben hem als schrijver vanaf het eerste begin gaan volgen. De tandeloze tijd is een romancyclus die uit meerdere delen bestaat en het zijn heel interessante boeken. Bovendien zijn ze bijzonder mooi geschreven. In het dorp heb ik een paar vrienden die ook van zijn boeken houden, met wie ik graag over zijn werk praat en discussieer.

A.F.Th. van der Heijden-wandeling

Ik vond dat Van der Heijden door het gemeentebestuur van Geldrop te weinig erkend en gerespecteerd werd. Met zes gelijkgestemden heb ik een werkgroep samengesteld om een A.F.Th. van der Heijden-wandeling door het dorp te maken. Langs plaatsen waar hij heeft gewoond, op de lagere school heeft gezeten en waar passages uit zijn boeken zich afspelen.

Toen de wandeling in 2017 klaar was, is Van der Heijden met zijn vrouw Mirjam naar Geldrop gekomen om haar te openen. Dat vond plaats in café De Muis, het café waarover hij ook in De tandeloze tijd heeft geschreven. Als kind moest hij van zijn moeder altijd zijn vader uit café De Muis halen, want die was vaak dronken. Het was een mooie opening die werd verslagen door de plaatselijke radio en televisie.

Nog meer respect en waardering

De wandeling bleek een succes, dus hebben we daarna een fietsroute door Eindhoven gemaakt, waar Adri ook een deel van zijn jeugd heeft doorgebracht. Toen de wandeling en de fietsroute goed liepen, dacht ik: deze grote schrijver verdient nog meer respect en waardering. Weet je wat ik ga doen? Ik ga een A.F.Th. van der Heijden-huis oprichten, een museum annex ontmoetingsplek. Niet dat Adri zelf per se een huis of een museum wilde hebben, hij is helemaal niet ijdel, maar hij was wel bereid om mee te werken. Adri en Mirjam zijn naar Geldrop gekomen om naar een geschikte locatie te zoeken. Maar de gemeente Geldrop toonde geen greintje belangstelling en was niet bereid er geld in te steken, waardoor we uitweken naar Eindhoven.

Midden in Eindhoven, in het hart van de stad, staat een voormalig klooster met daarnaast De Paterskerk. Het hele complex is door de paters Augustijnen verkocht aan een grote uitvaartmaatschappij. Het is een schitterend gebouw waarbij de oude elementen van het klooster en de kerk zijn behouden en waaraan nieuwe zijn toegevoegd.

In het hart van dat gebouw stond een prachtige grote ruimte leeg die nog geen bestemming had. De directeur van de uitvaartonderneming bleek ook fan van A.F.Th. en was geïnteresseerd in mijn idee om daar het Van der Heijden-huis te vestigen. We wilden niet alleen een museum maken, maar vooral een literair centrum waar allerlei activiteiten zouden worden georganiseerd. Voor schrijvers, lezers, scholieren en studenten. In mijn hoofd had ik cultureel centrum De Balie in Amsterdam voor ogen, maar dan kleiner.

Wrijving

We stelden een stuurgroep samen met allemaal gerenommeerde mensen om het plan te realiseren. Daarin zat naast de directeur van de uitvaartonderneming ook een ex-burgemeester, een directeur van een groot museum, een oud-hoogleraar en een directeur van een boekhandel. Het netwerk van de leden van de stuurgroep was belangrijk voor het zakelijke gedeelte en om sponsors te werven.

Ikzelf stelde een grote groep van 25 vrijwilligers samen die zich meer met de inhoud zou gaan bezighouden. Iedereen had zijn taak en was geweldig gemotiveerd. Met mijn maat Jos Geevers, oud-directeur van de Eindhovense bibliotheek, scheurde ik het hele land door om sympathie te werven voor ‘het huis’. We schreven een artistiek en zakelijk plan, en maakten een bidbook om subsidieverstrekkers en sponsoren te overtuigen. Het idee was om op 15 oktober 2021 open te gaan, de verjaardag van Adri.

Maar tijdens het proces ontstond wrijving tussen de stuurgroep en de vrijwilligers. Wij wilden van die gigantische ruimte een derde museum en twee derde ontmoetingsruimte maken. Het museum zou digitaal worden met filmpjes en toeters en bellen, zoals dat tegenwoordig gaat. In de ontmoetingsruimte wilden wij literaire programma’s organiseren. Maar de stuurgroep wilde een groter museum en een kleinere ontmoetingsruimte. De leden wilden dat het museum ook religieuze aspecten zou bevatten als verwijzing naar het verleden van de Augustijnse kerk en het klooster. Terwijl dat niets met de literaire invulling te maken had. We werden het niet eens en de twee verschillende inzichten leidden tot een botsing.

Emotionele opwelling

Kort voor de geplande opening kreeg ik per mail een brief van de directeur waarin hij benoemde dat de samenwerking nogal moeizaam verliep. Hij schreef dat de activiteiten van de vrijwilligers waren gestoeld op veel enthousiasme, maar dat we alle kanten opgingen en de mensen van de stuurgroep voor de voeten liepen. Hij vond dat wij ons alleen moesten bezighouden met de lezingen en de rest moesten overlaten aan de professionals. Ik was daar zo boos over, zó kwaad. Ze erkenden en respecteerden ons niet, ze schoffeerden ons. In de vrijwilligersgroep zaten mensen met heel veel kennis van en deskundigheid over A.F.Th. van der Heijden, en dat werd totaal niet gewaardeerd.

Toen heb ik een grote fout gemaakt. Ik was zo diep in mijn ziel geraakt dat ik zei: ‘Zoek het maar uit, ik stop ermee. Ik trek al mijn vrijwilligers terug uit dit huis.’ In een emotionele opwelling van boosheid, teleurstelling en verdriet, heb ik de stekker eruit getrokken. De vrijwilligers volgden mij. Ik was kennelijk zo overtuigend dat het afgelopen moest zijn, dat ze mij niet tegenspraken. Ze voelden aan dat het geen zin had om me te proberen over te halen. Ik was eigenwijs. Eigenwijs is je eigen iets wijsmaken, dat is heel iets anders dan eigenzinnig.

Hele huis in puin

Ik ben veel te lang in die woede blijven hangen. Na een aantal maanden, toen ik afstand had genomen en beter kon relativeren, dacht ik: De Bruyn, wat heb je gedaan? De stuurgroep was met het hele project gestopt omdat zij niet zonder vrijwilligers konden. Nu was er helemaal niets. Het hele huis lag in puin. De stuurgroep, de denktank, de vrijwilligers, iedereen had afstand genomen van het hele project, en het was niet meer mogelijk om het op te pakken.

De les die ik hieruit heb geleerd is dat woede, gekwetstheid en verdriet saboteurs zijn. Zij hebben mij gesaboteerd met gedachten als: je gaat toch niet verder met mensen die jou zo op je ziel trappen? Houd de eer aan jezelf, houd ermee op. Daardoor ben ik in die boosheid blijven zitten. Dat neem ik mezelf kwalijk. Als ik over mijn eigen schaduw heen had kunnen stappen, dan was het huis er gewoon wel gekomen. We hadden als vrijwilligersgroep de andere partij moeten overtuigen van ons standpunt, en er op z’n minst over kunnen discussiëren. En ik had moeten vechten voor de positie van de vrijwilligers. Dat heb ik niet gedaan, en dat spijt me enorm.

Ik heb ervan geleerd om me, als ik nu een conflict heb, niet meteen op mijn tenen getrapt te voelen. Maar om eerst afstand te nemen, even tot rust te komen, mijn saboteurs tot kalmte te manen en juist wijsheid een podium te geven. Het A.F.Th. van der Heijden-huis was mijn levenswerk, jaren ben ik ermee bezig geweest. Honderden uren heb ik erin gestopt. We stonden nota bene voor de deur van de opening. Ik heb mijn kind met het badwater weggegooid.’

Kampt u ook met gevoelens van spijt en wilt u daarover in deze rubriek praten, stuur dan een mailtje naar b.vanbeukering@gmail.com.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next