Haar werk doet het zo goed op sociale media dat je op een gegeven ogenblik denkt dat je Yayoi Kusama nu wel uitgespeeld hebt. Maar de overzichtstentoonstelling in het Stedelijk Museum is een openbaring.
schrijft voor de Volkskrant over hedendaagse beeldende kunst.
Kusama-moe. Misschien ben ik dat wel, in aanloop naar mijn bezoek aan de grote overzichtstentoonstelling die het Stedelijk Museum dit najaar aan de Japanse kunstenaar wijdt. Yayoi Kusama, die in augustus op 97-jarige leeftijd overleed, was een van die zeldzame kunstenaars die uitgroeiden tot een merk.
Haar spiegelkamers werden Instagramdecor, haar stippenpatronen sierden luxe handtassen. Bij het zien van de honderden kleurrijke stippen op de gevel van het Stedelijk Museum zinkt de moed me even in de schoenen. Wat valt er nog te ontdekken aan zo’n alomtegenwoordig icoon?
Veel, zo blijkt. Dit uitgebreide overzicht, het grootste dat het museum ooit organiseerde, slaagt er glansrijk in om de kunstenaar achter de hype te laten zien.
Vooral de eerste drie zalen, gewijd aan Kusama’s veel minder bekende jonge jaren, zijn een openbaring. Stuk voor stuk zijn deze tekeningen en schilderijen op papier van een ongekende schoonheid. Geïnspireerd op haar jeugd als dochter van plantenkwekers zijn er veel organische motieven te zien, verfijnd, in intense kleuren. Soms weet je niet of je naar een hemellichaam kijkt, of juist naar iets onder de microscoop.
Wat ook blijkt: die beroemde polkadots tekent ze al sinds haar vroege jeugd. Een krachtige potloodtekening die ze maakte toen ze nog maar 10 jaar was, toont een portret van een jonge vrouw met gesloten ogen. Over haar gezicht, hals en kimono loopt een patroon van kleine stippen dat doorloopt in de donkere lucht achter haar.
Al vanaf haar vroege jeugd werd Kusama geplaagd door intense angsten en hallucinaties. In die momenten ziet ze lichtflitsen en patronen van bloemen, netten en stippen die zich uitstrekken over de ruimte en haar eigen lichaam. Vanaf 1977 woonde ze vrijwillig in een psychiatrisch ziekenhuis in Tokio. Ze bleef tot het einde van haar leven kunst maken. In haar werk bezwoer ze haar visioenen door ze een tastbare vorm te geven.
Maar meer dan over geestesziekte gaan de stippen en netten over wat Kusama ‘self-obliteration’ noemde: het oplossen van het individu in een groter geheel. Een stipje tussen heel veel andere stipjes worden. Een ervaring die tegelijk angstaanjagend en bevrijdend is.
Die spanning tussen angst en vrijheid krijgt ruim baan in de reeks ‘infinity nets’, die Kusama maakte nadat ze in 1957 uit Japan naar New York verhuisde. Monumentale hypnotiserende olieverfschilderijen zijn het, waarop golvende netten zich tot aan de randen van het doek uitstrekken en je als kijker haast verstrikken.
Ook het droste-effect van Aggregation: One Thousand Boats (1963) doet je duizelen. Een roeibootje bedekt met talloze zachte witte fallusvormen staat in een ruimte met fotobehang waar datzelfde bootje, dat van een afstandje ook op een penis lijkt, talloze keren afgedrukt staat. De knuffellullen zijn verontrustend en lachwekkend tegelijk. Kusama maakte ze dan ook om haar angst voor seks te bezweren. Met haar naakte happenings in de jaren zestig predikte ze juist voor de vrije liefde, als antwoord op oorlog en geweld.
De diversiteit in het Stedelijk is verbluffend. Trippy schilderijen in knalkleuren hangen naast een zachtroze kamer vol delicate etsen. Tegelijkertijd duiken steeds dezelfde vormen op: netten, tentakels. En slaat alles telkens terug op hetzelfde idee, het angstaanjagende en prachtige van de oneindigheid.
Het mooie tentoonstellingsontwerp benadrukt die continuïteit, via doorkijkjes in het chronologische parcours gaan vroege en late werken voortdurend met elkaar in gesprek. Tegelijkertijd is het de vraag hoeveel je daarvan als bezoeker meekrijgt, gezien de drommen publiek die bij deze blockbuster verwacht worden.
Mindere momenten zijn er ook, vooral naar het einde toe. In de allerlaatste zaal moet een bos van knalgele plastic opblaastentakels de rijen bezoekers vermaken die hier straks wachten om de nieuwste ‘infinity mirror room’ uit 2025 te mogen betreden. Door het hoge kermisgehalte slaagt dit werk er niet in te doen wat het belooft: je het gevoel geven dat je onderdeel wordt van Kusama’s kunstwerk.
Toch blijkt het in deze indrukwekkende tentoonstelling haast onmogelijk om Kusama-moe te worden. Achter het clichébeeld van het excentrieke stippenzettende vrouwtje met de rode pruik blijken vele Kusama’s schuil te gaan: schilder, performer, modeontwerper, provocateur en vernieuwer, uitbundig en ingetogen. Een kunstenaar die worstelde met haar demonen én een visionair die haar tijd meermaals ver vooruit was.
Beeldende kunst
★★★★☆
Stedelijk Museum, Amsterdam, 11/9 t/m 17/1.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant