Na 9/11 is het land doortrokken geraakt van een angst die moed in lafheid heeft doen omslaan.
is voormalig Amerika-correspondent en commentator van de Volkskrant.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Een van de indrukwekkendste monumenten voor de slachtoffers van 9/11 ligt in Pennsylvania, in de dunbevolkte heuvels van de Appalachen. In een open veld, op de plek van een oude kolenmijn, ligt een marmeren muur die de koers aangeeft van de gekaapte Boeing 757, voordat het toestel neerstortte. Wie de lijn doortrekt, komt in Washington uit. Nu eindigt het vliegpad bij een groot rotsblok, dat de plek van de krater markeert.
Op de wand staan de namen van de veertig passagiers en bemanningsleden die daar stierven, vrijdag precies 25 jaar geleden. Zij waren dat rotsblok.
Vlucht 93 van United Airlines was met vertraging vertrokken van vliegveld Newark, op weg naar San Francisco. Toen het werd gekaapt, waren de torens van het World Trade Center in New York al getroffen. De passagiers die vanuit het vliegtuig hun geliefden belden begrepen al snel wat er aan de hand was.
Het waren dertigers van verschillende afkomst, die achter in het vliegtuig een plan beraamden. Een evangelische christen uit Flint, Michigan. Een vader van vier kinderen uit Minnesota. Een joodse judoka uit New Jersey. Een rugbyende homo uit Californië. Een stewardess geworden boerendochter uit North Carolina. Met andere passagiers overlegden ze even over hun opties om, geloof het of niet, met een stemming de knoop door te hakken. Zelfs toen, daar, in een ultieme noodsituatie, bleef de democratie intact.
Beroemd zijn de laatst gehoorde woorden van Todd Beamer (‘Let’s roll!’), maar even ontroerend zijn die van Tom Burnett aan zijn vrouw: ‘Maak je geen zorgen, we gaan iets doen.’ Die geruststellende daadkracht, hoop op een hopeloos moment: dat was Amerika.
Toen stormden ze op de kapers af. Ongewapende burgers die gewapende terroristen te lijf gaan: dat was het soort onverschrokkenheid dat we konden bewonderen.
Sindsdien is Amerika veranderd. Na 11 september is de helft van het land doortrokken geraakt van een irrationele angst die moed in lafheid heeft doen omslaan. De xenofobie, in eerste instantie alleen gericht op moslims, is uitgebreid naar alle migranten en doorgeslagen in haat jegens iedereen die van welke norm dan ook afwijkt. Eensgezindheid is ingeruild voor vijanddenken. Kijk naar ICE, opgericht na 9/11, en zie hoe de rollen zijn omgedraaid: nu zijn het gewapende en gemaskerde mannen die ongewapende burgers te lijf gaan.
De lafheid wordt gesymboliseerd door een president die de dienstplicht ontweek, die gesneuvelde soldaten ‘zwak’ heeft genoemd, maar wel graag veilig op een schermpje kijkt hoe vermeende vijanden, vaak ongewapend, aan flarden worden geschoten.
Met hun verzet wisten de passagiers van vlucht 93 te voorkomen dat de kapers Washington zouden bereiken, met het Capitool of het Witte Huis als waarschijnlijk doelwit. Zo werd het politieke hart van de Verenigde Staten gespaard. Dat een president twee decennia later een van die symbolen van de democratie zou laten bestormen en het andere ter meerdere eer en glorie van zichzelf zou uitbreiden met een groteske balzaal: het is goed dat de veertig slachtoffers in Pennsylvania dat nooit geweten hebben.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant