Klimaat Terwijl in Nederland de herfst al begonnen lijkt, kijkt Zuid-Europa uit naar regenval en lagere temperaturen. Hete zomers zijn het nieuwe normaal: „De komende decennia zal de temperatuur niet lager zijn.”
Een gezin koelt eind juni af bij een fontein in Milaan.
Badgasten in het water met een oranje vuurzee op de achtergrond in Bordeaux, uitgebrande auto’s in het Zuid-Spaanse Andalusië en tientallen gewonden door een extreme hagelbui in Noord-Italië, bioscopen die overdag vol zaten omdat mensen de koelte zochten: de zomer van 2026 was alles behalve een doodgewone.
Toen de nationale weerbureaus op 1 september de temperatuurgegevens van de voorgaande zomermaanden analyseerden, regende het records. Onder meer Nederland, België, Oostenrijk, Frankrijk, Spanje, Italië en het Verenigd Koninkrijk registreerden de warmste zomer sinds het begin van de metingen. Volgens donderdag gepubliceerde cijfers van de Europese klimaatdienst Copernicus beleefde de aarde de warmste augustus sinds het begin van de metingen. Met een gemiddelde temperatuur van 16,96 graden deelt deze maand de titel warmste maand ooit met juli 2023, toen het gemiddeld 16,95 graden was. En het werd niet alleen warm op land, ook de temperatuur van de zee was warmer dan ooit, concludeert Copernicus.
Die hoge temperaturen en extreme weersomstandigheden leidden niet alleen tot elkaar opvolgende hittegolven en verwoestende bosbranden die onder meer Spanje, Frankrijk en België teisterden, Italië kreeg ook te maken met noodweer en hagelbuien in het noorden.
En waar in Nederland de zon zich amper nog laat zien, is de hete zomer in het zuiden van het continent nog volop aan de gang. Op 3 september werd in Spanje een tien jaar oud hitterecord gebroken: in de Andalusische gemeente El Granado steeg het kwik tot 45,7 graden. In Rome was het woensdag nog 32 graden, er wordt reikhalzend uitgekeken naar lagere temperaturen en regenval.
Wetenschappers zijn het erover eens dat almaar stijgende temperaturen en extreme weerfenomenen duidelijk wijzen op de invloed van de mens. Het Middellandse Zeegebied is „een hotspot voor deze klimaatverandering”, waarschuwt de Italiaanse klimaatwetenschapper Antonello Pasini, verbonden aan de Nationale Onderzoeksraad (CNR). Dat komt omdat Zuid-Europa dicht bij Afrika ligt, zegt Pasini telefonisch: „Italië en Spanje krijgen te maken met anticyclonen vanuit Afrika.”
Een anticycloon is een stabiel hogedrukgebied waarin het nooit regent, typisch voor de Saharawoestijn. „Als gevolg van de opwarming van de aarde verplaatsen wind en lucht uit tropisch en equatoriaal gebied zich noordwaarts, waardoor er af en toe anticyclonen het Middellandse Zeegebied binnendringen. Italië en Spanje liggen dan in de vuurlinie”, zegt Pasini.
De hitte die de Afrikaanse anticyclonen met zich meebrengen, droogt de grond en de onderbegroeiing sneller uit. Branden – al dan niet aangestoken door de mens – zullen zich daardoor krachtiger kunnen verspreiden.
Volgens Pasini zijn hete zomers het nieuwe normaal: de komende decennia zal de gemiddelde temperatuur niet lager zijn. „Natuurlijke temperatuurschommelingen komen wel voor, maar de trend is duidelijk opwaarts. We staan op een roltrap naar boven, en dat is de menselijke invloed op de opwarming van de aarde.”
In Madrid zoeken mensen verkoeling bij de fonteinen in het Madrid Rio-park aan de rand van het centrum.
Die temperatuurstijging is ook te zien aan de Spaanse kust, zegt Ignacio Guillén, hoogleraar toegepaste natuurkunde aan de Polytechnische Universiteit van Valencia, op de uitgestorven campus van de universiteit. „Begin juli werd al een watertemperatuur van 31 graden gemeten, diep in de zee bij Ibiza.” Dat is niet alleen ongewoon warm, maar ook ongewoon vroeg in het jaar, zegt de hoogleraar.
Die hoge zeetemperatuur heeft twee gevolgen, zegt Guillén. De eerste is dat de zeebries minder krachtig is en minder uren waait, legt hij uit. Dat is vervelend voor Valencia, dat een zeer hoge luchtvochtigheid kent en de wind goed kan gebruiken om af te koelen. „Het tweede effect van de warmere zee is dat de zee meer energie bevat. Daardoor verdampt er meer water dat in de atmosfeer terecht komt. In oktober, als er een koele wind uit de Atlantische Oceaan zal komen, zullen we hevige regenval krijgen.” Pasini vreest hetzelfde voor Italië deze herfst.
Die voorspelling roept de herinnering op aan twee jaar geleden, toen een geïsoleerd lagedrukgebied dat hevige regenval met zich meebracht, grote overstromingen veroorzaakte in de regio Valencia. Daarbij vielen zeker 220 doden. „Dit jaar zijn de condities zorgelijker dan in 2024”, zegt Guillén.
„In Italië lijkt iedereen inmiddels wel te beseffen dat klimaatverandering een feit is”, zegt klimaatwetenschapper Pasini. „Alleen moeten politici dit niet langer als noodsituaties behandelen, maar als structurele problemen op de lange termijn. Italië heeft bijvoorbeeld op papier een nationaal plan voor aanpassing aan de klimaatverandering, maar het is nog altijd niet gefinancierd. Gemeenten doen intussen wat ze kunnen, met beperkte budgetten.”
Zo heeft Milaan een specifiek lucht- en klimaatplan met als doel de CO₂-uitstoot te verminderen en op termijn klimaatneutraal te worden. Het autoverkeer in en naar het stadscentrum wordt al jaren sterk afgeremd via lage-emissiezones en tolheffing. Daarnaast kwamen er vele fietspaden bij, en via het project Forestami wil Milaan tegen 2030 in en rond de stad drie miljoen extra bomen aanplanten om de effecten van hitte-eilanden te beperken.
De woontorens van het project ‘Verticaal Bos’ in Milaan hebben balkons die vol staan met bomen en struiken.
Ook in Valencia worden maatregelen genomen tegen hitte-eilanden. „Het hitte-eilandeffect is het verschil tussen een landelijk gebied en de stad zelf”, zegt Sara Gavilà Lloret, onderzoeker op het gebied van meteorologie en klimatologie bij het Mediterranean Center for Environmental Studies (CEAM) in Valencia. In de stad is de temperatuur over het algemeen veel hoger – onder meer omdat er minder groen is, gebouwen en asfalt de overdag opgeslagen hitte ’s nachts afgeven en mensen met hun eigen gedrag voor hitte zorgen – de stad vormt daarmee het zogeheten hitte-eiland.
Met zeventig meetstations in wijken door heel Valencia proberen Lloret en haar team de temperatuur en luchtvochtigheid op verschillende plekken in kaart te brengen, en die informatie toegankelijk te maken voor de inwoners, scholen en bedrijven van Valencia. Op basis van de data van afgelopen jaar zien ze dat het verschil in temperatuur ’s nachts tot wel zeven graden kan oplopen – het blijft met name koeler aan de kust, dankzij de zeebries.
Guillén is bezig met een soortgelijk project, zij het op een meer bescheiden schaal. In samenwerking met de Universiteit van Nantes in Frankrijk brengen hij en zijn collega’s het „thermisch comfort” van de Polytechnische Universiteit in kaart – dat een ouder en een modern gedeelte kent, waar de temperatuur nogal kan verschillen. Met een mobiel apparaat dat oogt als een golftas op wielen kunnen ze de temperatuur, de stralingstemperatuur, de luchtsnelheid en de richting daarvan meten. „Het is zo gevoelig dat het rekening houdt met het verschil tussen de overgang van de schaduw naar de zon”, zegt Guillén.
Lloret en haar collega’s werken ook aan een Google Maps-achtige tool waarin schaduwrijke routes worden getoond, afhankelijk van het tijdstip op een dag en het seizoen. „De kaart toont ook waar bankjes (in de schaduw) staan, waar fonteinen zijn om af te koelen en waar je klimaatschuilplaatsen kunt vinden”, zegt Lloret.
Barcelona werkt ook met plekken voor ‘klimaatopvang’, zoals bibliotheken en musea, die gratis toegankelijk zijn. Er zijn er inmiddels meer dan vijfhonderd, het doel is dat alle inwoners van de stad binnen tien minuten wandelen een koele opvangruimte kunnen bereiken.
Groene longen in een stad zijn minstens zo belangrijk, zegt klimaatwetenschapper Pasini. Parken en tuinen fungeren als natuurlijke klimaatschuilplaatsen waar mensen de heetste uren van de dag kunnen doorkomen. „Bovendien absorbeert een groene ondergrond ook zeker de helft van het regenwater, terwijl zware regenbuien op asfalt snel tot grote wateroverlast leiden.”
Hij is dan ook teleurgesteld over de heraanleg van het plein voor Roma-Termini, het centraal station van de Italiaanse hoofdstad: „In plaats van een groene oase is het een groot stuk asfalt dat in de zomer gloeiend heet wordt.”
Op het recent heraangelegde plein voor het Romeinse station Termini is weinig groen te zien.