Op een braakliggend dijkje naast een treinstation hebben twee Londenaren een wijngaard aangelegd. Door klimaatverandering wordt ook Engeland steeds warmer; het is inmiddels de snelst groeiende wijnregio ter wereld. ‘Er is zon genoeg tegenwoordig.’
is correspondent Groot-Brittannië van de Volkskrant. Hij woont in Londen.
Wie aan een wijngaard denkt, hoort krekels en ziet glooiende heuvels. Dat is anders bij de wijngaard langs perron 1 van het Zuid-Londense station Denmark Hill, waar de akoestiek bestaat uit een omroepstem die reizigers informeert over een vertraagde trein naar Victoria.
‘Een stukje Provence in Londen’, zegt Nick Mair, wiens idee het was om op deze plek 22 wijnranken te planten, plus lavendel en olijfbomen. ‘Komend najaar planten we citroenbomen, de noordelijkste in Europa. Er is zon genoeg tegenwoordig.’
Dat laatste klopt zeker. De Britse hoofdstad, en Engeland in bredere zin, zijn aan het bijkomen van de heetste zomer sinds het begin van de systematische metingen in 1884. Verspreid over vijf hittegolven waren er meer dan veertig dagen waarin het kwik de grens van 30 graden passeerde, en soms richting de 40 graden kroop. Volgens Britse meteorologen heeft deze hitte te maken met een veranderend klimaat door menselijk handelen. Vergeleken met Nederland is het zuiden van Engeland ’s zomers sowieso iets warmer en droger.
Parken en weilanden veranderen in woestenijen, zelfs de tuinen van Buckingham Palace kregen een beige kleur. Al vrij vroeg in de zomer kregen de eilandbewoners door watergebrek te maken met een sproeiverbod, mede door een chronisch gebrek aan investeringen in waterreservoirs door de overheid en private waterbedrijven. Buschauffeurs en verpleegkundigen werden het zwaarst getroffen door een gebrek aan airconditioning op werkvloeren. Enkele treinen ontspoorden door kromgetrokken rails.
‘Zelfs wij zaten op een gegeven moment verlegen om een regenbui’, zegt Tony Coleman, de gepensioneerde ingenieur die de wijngaard van Denmark Hill heeft ontworpen. ‘Maar ons eerste wijnjaar begint een succes te worden.’ Samen met Nick Mair, een docent Frans, mikt hij op 25 flessen ‘Château Denmark Hill’. Drie jaar geleden hadden deze bestuurders van de plaatselijke Camberwell Society van de spoorwegen toestemming gekregen om de wijngaard aan te leggen op een met zwerfvuil bezaaide dijk naast het perron.
Het idee om in de Britse hoofdstad wijn te verbouwen zou jaren geleden ondenkbaar zijn geweest. ‘Châteauneuf-du-Pape!’, was de bekende uitroep van ongeloof van de volkse scharrelaar Del Boy in tv-serie Only Fools and Horses, dat zich in dit deel van Londen afspeelt.
Voor Mair, een wijnliefhebber van Franse komaf, was de combinatie ‘Londen’ en ‘wijnbouw’ minder gek. ‘We hebben steeds hetere zomers en de bodem van Zuid-Engeland is grotendeels hetzelfde als in Noord-Frankrijk’, zegt de 67-jarige.
Alvorens wijnstokken neer te zetten, plantten de twee zonnebloemen als test. ‘Die schoten vervolgens de grond uit, dus dat zat goed.’ De twee volgden een cursus wijnbouw in Kent, het graafschap waar een kwart van de bijna 1.200 Engelse wijngaarden liggen. Bij het maken van de wijn maakt Mair gebruik van de wijnpers van zijn grootvader, een Oekraïner die tijdens de Russische Revolutie naar Frankrijk vluchtte. ‘Hij had hem gemaakt van het eenpersoonsbed van mijn vader nadat die was getrouwd.’
Waar het voor Nick en Tony een hobby is, is de Engelse wijnindustrie de snelst groeiende ter wereld. Het aantal wijngaarden is sinds de eeuwwisseling verviervoudigd. Er zijn zelfs kostscholen die hun eigen wijn verbouwen. De Engelse jaarproductie ligt rond de zestien miljoen flessen – bescheiden vergeleken met de zes miljard flessen in Frankrijk. Daarbij gaat het vooral om witte wijn en bubbeltjeswijn, al begint het klimaat ook geschikt te worden voor rode druiven. De eerste wijn op Engelse bodem werd door de Romeinen geproduceerd, maar dat was geen groot succes.
Voor de traditionele boeren was het echter een zware zomer. Vooral de aardappeloogst dreigt een drama te worden, maar ook andere gewassen hebben geleden onder de hitte. Een akkerbouwer in Kent heeft zijn appelbomen zelfs bespoten met porseleinklei. Deze vorm van ‘zonnebrandcrème’ moest voorkomen dat de appels gaar werden. In Schotland is de opwarming een gevaar voor de schelpdierindustrie. Het opwarmende kustwater zorgt voor een algenbloei die slecht is voor oesters en mosselen.
De klimaatverandering biedt ook kansen. Geïnspireerd door de wijnbouw heeft boer Mark Wyatt in Sussex, een graafschap in het diepe zuiden van Engeland, een plantage met 8.500 theeplanten aangelegd. ‘De natuur is aan het veranderen’, vertelde Wyatt aan de BBC. ‘We zoeken naar nieuwe manieren om het land te benutten, maar het verbouwen van thee blijkt erg moeilijk.’ Net als de Engelse wijn, behoort deze Engelse thee meteen tot de hoogste prijsklasse, maar de hoop is dat schaalvergroting de prijs in de toekomst zal doen dalen.
Prijsbeleid is geen zorg voor de makers van de stationswijn. De Château Denmark Hill komt niet op de markt, zelfs niet op de kaart van het Victoriaanse stationsrestaurant dat van de ondergang is gered door dichter John Betjeman en wijlen Terry Jones, een van de Monty Pythons. Het spoorwegbedrijf wil immers niet verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit. De wijn is voor eigen gebruik en voor vrijwilligers van het Camberwell-genootschap. ‘We geven ook een fles aan de stationschef’, zegt Coleman, ‘die zo goed mogelijk een oogje in het zeil heeft gehouden bij onze druiven.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant