Een vrachtwagen rijdt op 6 september van Canada naar de Verenigde Staten via de Gordie Howe International Bridge, die Windsor in de Canadese provincie Ontario en Detroit in de Amerikaanse staat Michigan met elkaar verbindt.
De Amerikaanse regering heeft dinsdag nieuwe handelssancties afgekondigd tegen Canada, waaronder een verbod op de invoer van de meeste alcoholische dranken, sommige zuivelproducten en motorfietsen vanuit het buurland. De maatregelen, die op 29 september moeten ingaan, vormen een scherpe escalatie van het felle handelsconflict tussen de twee traditionele bondgenoten.
De stappen volgen op Canadese vergeldingsheffingen op Amerikaanse goederen, die in de nacht van maandag op dinsdag van kracht werden. Die waren op hun beurt een reactie op de importheffingen van 50 procent die Trump vorige maand instelde tegen Canadese goederen ter waarde van ongeveer 20 miljard dollar (circa 17 miljard euro), nadat handelsbesprekingen tussen beide landen mislukten.
Trump verklaarde dinsdag ook dat Canadese bedrijven worden uitgesloten van grote, langlopende contracten met de Amerikaanse overheid. Maar sommige heffingen die vorige maand ingingen worden vanaf 15 september juist geschrapt, waaronder tarieven op cement en toiletpapier – kennelijk omdat Amerikaanse importeurs die Canadese producten nodig hebben.
Trump richt onophoudelijk zijn pijlen op het buurland, waarmee de VS sinds eind jaren tachtig vrijhandel voeren, onder meer met een ongekende stroom van vernederingen aan het adres van Canada en de Canadese premier Mark Carney op zijn platform Truth Social. Maandag schreef hij dat hij de Canadese vliegtuigbouwer Bombardier wil verbieden toestellen te verkopen in de VS – ondanks dat het concern er vestigingen heeft, onder meer in Kansas.
Voor Canada, dat ongeveer 70 procent van zijn exporten aan de VS levert, ter waarde van 409 miljard dollar in 2025, vormen de aanvallen een ernstige economische bedreiging. In tegenstelling tot andere grote handelspartners van de VS, die overeenkomsten met Trump hebben gesloten rond importheffingen op hun producten, heeft Canada dat niet gedaan. Het vrijhandelsverdrag USMCA tussen de VS, Canada en Mexico, gesloten tijdens Trumps eerste termijn als opvolger van het NAFTA-vrijhandelsakkoord uit 1994, is in principe van kracht tot 2036.
Besprekingen tussen de twee landen onder dreiging van heffingen van 50 procent op Canadese producten leken vorige maand tot een akkoord te leiden, totdat Carney ze op het laatste moment afbrak, volgens hem omdat de Amerikaanse zijde „teveel vroeg en te weinig bood.” De breuk heeft de handelsrelatie van beide landen, die economisch in hoge mate zijn geïntegreerd, ernstig verstoord. Trump vindt dat Canada de VS oneerlijk behandelt; Carney stelt dat Trump Canada met economische druk wil overheersen.
De premier streeft ernaar het land minder afhankelijk te maken van de VS. „We hebben alles wat we nodig hebben om een andere koers te varen en te floreren” zei hij dinsdag in een videoboodschap, nadat de Canadese tegenheffingen van kracht werden. „Die koerswijziging zal kostbaar zijn. Actie ondernemen heeft altijd een prijs. Maar dat valt in het niet bij de kosten van stilstand.”
Hoewel de Amerikaanse heffingen zwaarder wegen voor de Canadese economie dan omgekeerd, zijn de Canadese vergeldingsmaatregelen bedoeld om economische en politieke druk uit te oefenen. Canada is een van de grootste afnemers van Amerikaanse goederen, vorig jaar ter waarde van 333 miljard dollar. Voor zeker de helft van de Amerikaanse staten, waaronder Ohio, Michigan en Maine, is Canada de grootste handelspartner. In die staten, waar Republikeinse Senaatszetels op het spel staan, is Trumps handelsconflict met Canada impopulair.
De termijn van drie weken voordat de nieuwe maatregelen ingaan, suggereert mogelijke ruimte om erover te onderhandelen. Volgens de Canadese zijde zijn er contacten tussen de handelsvertegenwoordigers, maar lopen er momenteel geen actieve onderhandelingen.