Theater Op het Amsterdam Fringe Festival mag theater buiten de gebaande paden treden. Tijdens de twintigste editie van het experimentele theaterfestival tonen eigenzinnige makers zich kwetsbaar op het podium. Van eenzame ooievaars en een Braziliaans adoptieverhaal tot een ‘freakshow’ met zelfspot: absurde en ontroerende voorstellingen.
De Engelse cabaretier Phoebe Perry met ‘The Visitor // A Stork Show’.
De Engelstalige cabaretier Phoebe Perry wijdt haar voorstelling The Visitor aan de ooievaar. Verkleed als dit dier verbeeldt Perry waarom zij te laat is met het afleveren van baby’s. Ze belandt in een trio met een polyamoureus lesbisch stel, werkt vermomd als stewardess in een vliegtuig en rookt sigaretten aan de bar. Telkens wordt de ooievaar uit de situaties gerukt en groeit in eenzaamheid.
Amsterdam Fringe Festival. Gezien: 5, 6 en 7 september, diverse locaties in Amsterdam. Festival t/m 13 september. Info: amsterdamfringefestival.nl.
Transfloratie van Sophia van der Putten
The Visitor van Phoebe Perry:
BOTO story of a birth
This is not a freakshow van Anniko Delvoije & Speelscollectief:
In the way depths van Ratri Notosudirdjo
Perry barst van de energie en laat dat zien in soepele schakelingen tussen vertellen, zingen, dansen en uitbeelden. Maar net wanneer de korte scènes te veel van hetzelfde dreigen te worden, verandert de opgewekte sfeer. Perry schreeuwt herhaaldelijk en wanhopig: „I’m here, I want to go home!” De kreten gaan door merg en been, de ooievaar is te laat en blijft achter. Met het geheel laat de getalenteerde Perry zien hoeveel ze in haar mars heeft.
The Fork is typerend voor Amsterdam Fringe Festival: aan de rafelranden van het gevestigde theater, experimenteel, absurdistisch, geëngageerd, internationaal. Terwijl op de grote Amsterdamse podia gerenommeerde theatermakers nog één keer de beste voorstellingen van het afgelopen seizoen spelen tijdens het Nederlands Theater Festival, staan creatieve, jonge makers in verstopte zaaltjes verspreid door de hoofdstad.
Tot en met 13 september presenteert het Fringe 56 voorstellingen tijdens de twintigjarige jubileumeditie van het theaterfestival. De makers gebruiken dit jaar fantasierijke vormen om hun kwetsbaarheid te tonen.
Net als Phoebe Perry in The Visitor gebruikt ook Sophia van der Putten in Transfloratiede nodige audio-effecten. De bezoeker wordt meegenomen naar een sciencefictionlandschap, geïnspireerd op anime. In een wit pak danst en manoeuvreert Van der Putten door die wereld, zorgvuldig afgestemd op de slijmerige geluidseffecten en pompende beats, fel kleurenlicht en een groen lampje dat verdwijnt in diens lichaam.
Gaandeweg wordt duidelijk dat Van der Putten een verhaal wil vertellen over transidentiteit en de weerstand daartegen. In de eerste, tragere helft blijft het vooral gissen naar dat verhaal. Uit megafoons klinken fragmenten uit de media waaruit genderkritiek klinkt, maar pas aan het einde krijgen die betekenis, als Van der Putten een monoloog houdt over genderacceptatie en roept: „Ik duw mijn identiteit door jouw vieze, vuile strot!”
Transfloratie is op zijn sterkst wanneer Van der Putten zonder woorden een kwetsbare worsteling zichtbaar maakt, met lichamelijke precisie en bewegingen die vloeiend samengaan met licht- en geluidseffecten die diens zus Julia van der Putten ontwierp.
Tweederde van de Braziliaanse moeders voedt haar kind alleen op. Ook de moeder van Fred Raposo was alleenstaand, maar hij werd afgestaan voor adoptie. In BOTO: Story of a Birth vertelt de Braziliaanse acteur in een college over zijn adoptieverhaal. Op een groot scherm verschijnen powerpointslides over zijn levensloop en video-interviews met zijn adoptieouders.
De flauwe grappen met technisch assistent Robin Plenio houden de voorstelling luchtig. Er zijn ook een aantal emotionele momenten. Zo danst Raposo op een Braziliaans nummer en trekt hij daarna zijn kleding uit. Naakt op de grond vertelt hij een anekdote over de verscheurde band met zijn biologische moeder. Kort daarna vraagt Raposo zich hardop af waarom hij zijn verleden gebruikt om empathie op te wekken, en waarom zijn adoptieverhaal hem vaak een plek op het podium oplevert.
Bij iedere voorstelling houdt Raposo een stoel op de eerste rij vrij voor zijn biologische moeder, in de hoop elkaar ooit weer te ontmoeten. Er ligt een bordje op de stoel met ‘gereserveerd’, en dat voelt pijnlijk.
Fred Raposo in ‘Boto: Story of a Birth’.
Ook theatermaker Anniko Delvoije en het diverse, mixed-abled gezelschap Speels Collectief stellen zichzelf de vraag op welke manier ze hun identiteit inzetten op het podium. In This is not a freakshow laten de makers met zelfspot zien hoe mensen met een beperking een andere behandeling krijgen in een ontoegankelijke samenleving. Gedachten als ‘wat goed dat deze voorstelling er is’, worden met de grond gelijk gemaakt: op vooroordelen en betutteling zitten de makers niet te wachten.
In een half uur voeren de makers dialogen en zingen ze liedjes van Lady Gaga, K3 en zelfgeschreven teksten over liefde en zelfbeeld. Korte interacties met het publiek maken het intiem en de voorstelling zet aan het denken over de afwezigheid van mensen met een beperking op plekken zoals media en theater, en vooral over de blik waarmee er naar hen wordt gekeken.
Speels Collectief met ‘This Is Not A Freak Show’.
Vier huisgenoten komen in de voorstelling In the way depths bijeen rond de eettafel vol vieze vaat om de huistaakverdeling te bespreken. Vanuit hun onderlinge frustraties ontstaat een soort bezwering en elke huisgenoot belandt om de beurt in een geestenwereld. Achter de ontwijking om de afwas niet te willen doen, blijkt voor elke huisgenoot een persoonlijk verhaal te schuilen. Eentje vertelt bijvoorbeeld dat haar moeder is gevlucht en ze haar strijdlust om het huishouden in goede banen te leiden van haar heeft meegekregen. Een andere huisgenoot kan de afwas niet op het afgesproken tijdstip doen omdat ze moet ‘reconnecten’ met haar hamster, een van haar weinige vrienden.
Op een wit doek verschijnen schaduwen van poppen die de verhalen uitbeelden en er klinkt spannende pianomuziek, kenmerkend voor schrijver en regisseur Ratri Notosudirdjo en de vijf interdisciplinaire, jonge makers op het toneel. De combinatie van verschillende kunstdisciplines en de gekke wendingen maakt In the way depths onconventioneel en bijzonder creatief, geheel in de geest van het Fringe.
‘In The Way Depths’ van Ratri Notosudirdjo.