Netflix-serie De nieuwe serie naar de bestseller van Saskia Noort voert twee verbeteringen door: politieverhoren vormen een goed raamwerk, en bleke personages werden geschrapt.
Rifka Lodeizen, Loes Haverkort en Charlie Chan Dagelet in de serie ‘De Eetclub’.
De EetclubRegie: Dana Nechushtan. Met: Loes Haverkort, Rifka Lodeizen, Charlie-Chan Dagelet, Noortje Herlaar. 7 afleveringen van circa 50 minuten.Te zien op Netflix.
Erg hè, van Evert. Hartstikke dood. De brandweer vond ‘m te laat, hij viel niet meer te redden. En je weet wat ze zeggen – dat hij zélf zijn huis heeft afgebrand. Ja, dat zeggen ze. Met Babette en hun twee kinderen erin. Een wonder dat die het hebben overleefd. Stel je voor: zó’n lieve man, zó’n lieve vader. Écht héél líéf. Dat is toch niet te geloven? Dat juist hij zoiets zou doen?
Hoofdpersoon Karin gelooft het wel, niet, wel, niet in de De Eetclub. Met de nieuwe Netflix-serie heeft de gelijknamige bestseller uit 2004 van Saskia Noort een derde leven gekregen. In de tussentijd werd de thriller over een verdoemde vriendengroep in een villawijk ook al eens verfilmd, in 2010. De film had een andere ontknoping dan het boek en werd met aanzienlijk minder enthousiasme ontvangen. Ook door Noort zelf, die op de avond van de première aan RTL Boulevard liet weten dat ze haar eigen einde beter vond. Een even sappig als toepasselijk detail voor een verhaal vol schandalen, opgekropte onenigheid en intiem verraad.
Aan de Netflix-serie heeft Noort nog geen kritische woorden gewijd (in elk geval niet en plein public). Misschien heeft ze een voornemen zich dit keer in te houden, misschien hebben de Boulevard-troepen de schrijfster nog niet gevonden. Maar de meest aannemelijke optie is dat ze simpelweg geen kritische woorden hééft over de serie. Je vermaakt je er namelijk veel beter mee dan met de film en – in alle eerlijkheid – dan met het boek zelf.
Scène uit ‘De Eetclub’.
Dat ligt deels aan de structuur van de serie en deels aan de manier waarop het personagebestand grondig is opgefrist. Wat dat eerste punt betreft: De Eetclub heeft grotendeels de vorm van politieverhoren. De leden van de vriendengroep vertellen de gebeurtenissen rond Evert na aan agenten die zijn zaak onderzoeken (en later nog een zaakje extra; ongeluk komt zelden in enkelvoud). Het is een simpele, maar effectieve manier om – anders dan in de film – vanaf de eerste scène duidelijk te maken wat het doel en de urgentie van het verhaal is, wat de reden is dat je verder moet kijken: hier gaat een mysterie worden opgelost.
In elk van de zeven afleveringen pik je een stukje perspectief mee van een ander eetclublid, Evert uitgezonderd (R.I.P., lieve Evert). Het aantal leden van de eetclub is daarbij teruggebracht van tien tot acht – een welkome opruiming, want het is moeilijk om tien personages uit elkaar te houden die allemaal luisteren naar namen als Angela en Kees en bovendien hingen voornoemde Angela en Kees er in het oorspronkelijke verhaal ook maar een beetje bij. De overgebleven personages kun je nog steeds niet erg gelaagd noemen, maar leven al veel meer dan ze deden in het boek of de film.
De opvallendste karakter-make-over is weggelegd voor Karin en haar man Michiel (ze noemen elkaar helaas ‘Ka’ en ‘Miesj’), die in al hun incarnaties andere beroepen hadden: respectievelijk vormgever en tv-producent in het boek, vertaler en IT’er in de film en nu, in de serie, eindredacteur en boekhouder. Rond deze versie van Michiel hangt intussen geen enkele zweem van machismo meer en van de naïeve mij-overkomt-het-ook-maar-Karin uit de film is ook weinig over. In de serie wordt voortdurend benadrukt dat Karin een harde kant heeft en zelf in staat is om affaires te initiëren.
Brand in ‘De Eetclub’.
Als extra jeu speelt er op de achtergrond een onderzoek naar Karin wegens vermeend grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer. Dat verhaallijntje wil maar niet tot een echte climax komen; het lijkt vooral bedoeld als morele les voor zowel Karin als de kijker. Andere climaxen worden er wel bereikt, al is in De Eetclub nog altijd het geheim van een overtuigende seksscène niet ontrafeld. In het bronmateriaal moest de lezer het doen met harde geslachten die in schaamhaar werden gedreven (ik heb deze zin niet zelf verzonnen), in de serie noemen personages elkaar tijdens het voorspel „Dokter” en „Mevrouw Nooitgenoeg”. Het blijft een moeilijke zit.
Zo zitten er meer scènes in De Eetclub waarvan je je afvraagt wat de aantrekkingskracht er precies van moet zijn. Op geen enkel moment wordt duidelijk waarom nieuwkomer Karin graag met de leden van de eetclub wil omgaan. In de scène die de vriendengroep neer moet zetten als begeerlijk, trekken de vrouwen plotseling hun kleren uit en moedigen ze Karin aan „haar tieten te laten zien”, waarna ze in een privézwembad springen. Daarover zegt ze later, in het politieverhoor: „Soms ontmoet je gewoon mensen en is er meteen herkenning, of zo.”
De hele groep blijft van begin tot eind onuitstaanbaar, het voornaamste dat ze bindt is dure alcohol en het feit dat hun kinderen allemaal op dezelfde basisschool zitten. De paar keer dat andere ouders geërgerde blikken op ze werpen, kun je die ouders alleen maar gelijk geven.
Je hoeft ook niet enorm met de eetclub mee te leven om toch steeds de volgende aflevering aan te zetten: de whodunnit-achtige opzet is daar nieuwsgierigmakend genoeg voor, evenals de intriges die soms doen denken aan de hoogtijdagen van Goede Tijden, Slechte Tijden. Toch is het soms jammer om te beseffen dat het je eigenlijk niet zo veel uitmaakt hoe het afloopt met Karin. Zelfs Evert heb je gauw begraven. Hoe lief hij ook was.