Het kabinet moet de komende jaren miljarden euro’s extra investeren in de Nederlandse delta. Klimaatverandering en de extreme weersomstandigheden die daarbij komen kijken, vragen om een nieuwe trits aan maatregelen.
‘Doorgaan op de huidige koers is geen optie. Wij zijn niet klaar voor de toekomst’, zegt deltacommissaris Co Verdaas.
Die conclusie trekt hij op basis van onderzoek door het Nationaal Deltaprogramma naar de houdbaarheid van de Nederlandse wateraanpak. Elke zes jaar kijkt de onafhankelijke wateradviseur van het kabinet of het beleid moet worden aangepast. Maandag presenteerde Verdaas de resultaten aan minister Karremans van Infrastructuur en Waterstaat.
De zoetwatertekorten van afgelopen zomer zijn een voorbode van wat we in de toekomst steeds vaker gaan zien als het kabinet niet fors investeert, zegt Verdaas. ‘Wat we nu nog bestempelen als een extreem droge zomer, is in 2050 het nieuwe normaal.’ De zoetwatervoorraad van het IJsselmeer, waarvan de helft van het land afhankelijk is, komt bij dat soort droogte in gevaar.
Tegelijkertijd krijgt Nederland naar verwachting ook vaker te maken met extreem natte periodes. Regen valt steeds minder gelijkmatig. In combinatie met de stijgende zeespiegel, waardoor water vanuit de polders en de rivieren wegpompen moeilijker wordt, maakt dit de delta kwetsbaar. Bij wateroverlast bestaat het risico dat belangrijke voorzieningen zoals ziekenhuizen en elektriciteitspunten niet meer bereikbaar zijn.
Om de kans op zulke scenario’s te verkleinen, adviseert het Nationaal Deltaprogramma het kabinet het percentage van het bruto binnenlands product dat nu wordt uitgegeven aan de waterhuishouding te verdubbelen. Dat komt neer op structureel 11 miljard euro aan extra investeringen.
Dat geld is onder meer nodig om het gemaal bij IJmuiden te vernieuwen. Ook op de Afsluitdijk moeten nieuwe pompen komen om overtollig water vanuit het IJsselmeer naar de Waddenzee te kunnen afvoeren. Om droge periodes beter op te vangen, moet de zoetwaterbuffer van het IJsselmeer bovendien juist worden vergroot.
‘Aanpassen van het peil heeft gevolgen voor de omgeving van het IJsselmeer’, aldus Verdaas. 'Zo zullen de waterschappen de inlaten moeten aanpassen en zijn er ook aanpassingen nodig voor de jachthavens, zodat boten ook bij laag water de steigers kunnen bereiken. Er kan ook niet te veel water in het IJsselmeer komen, omdat dan de waterveiligheid in steden als Zwolle in het geding kan komen.’
Maar met extra spuien en pompen alleen redt Nederland het volgens Verdaas niet. ‘We zitten aan de grenzen van wat we met techniek kunnen organiseren. Dat is geen prettige boodschap.’ Het vraagt om een aanpak waarbij ‘wordt meebewogen met het natuurlijke systeem’.
Om Nederland te beschermen tegen de stijgende zeespiegel moet gebruik worden gemaakt van de natuurlijke dynamiek in de kustgebieden. Door zand en slib op te vangen kan er langs de kust een ‘stootkussen’ ontstaan, dat bescherming moet bieden bij hoog water. Ook moeten rivieren worden verbreed, zodat ze meer water kunnen vasthouden. ‘Bij extremen hebben rivieren meer ruimte nodig’, aldus Verdaas.
Volgende week op Prinsjesdag moet duidelijk worden wat het kabinet met het advies van het Nationaal Deltaprogramma gaat doen. De Deltacommissaris benadrukte maandag dat de maatregelen zich uitbetalen. In de afgelopen jaren zijn op veel plekken ingrepen gedaan om de aanvoer van zoetwater in droge periodes te verbeteren, zoals het laten meanderen van beken en de aanleg van waterbuffers. ‘Zonder deze ingrepen waren de problemen in de droge zomer van 2026 aanzienlijk groter geweest.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant