Mode Diek Pothoven en Douwe de Boer, de ontwerpers achter Martan, maken mode van afgekeurd hotellinnen, een aanpak waarmee ze dit voorjaar een prijs wonnen. Nu willen ze andere merken helpen hetzelfde te doen.
De meeste hotels wassen hun lakens niet zelf, maar besteden dat uit aan een wasserij. Die zorgt niet alleen dat het beddengoed en tafellinnen wordt opgehaald en schoon en strak weer wordt terugbezorgd, maar haalt ook alles eruit waar een gaatje in zit, of een vlek die er niet uit kan worden gewassen. Dat afgekeurde linnen gaat meestal rechtstreeks de recycling in – tenzij het wordt opgekocht, bijvoorbeeld door Martan, het modelabel van Douwe de Boer (30) en Diek Pothoven (32).De Boer en Pothoven kopen het per pallet van 200 kilo in. Wat ze precies krijgen weten ze nooit, hoogstens dat het bijvoorbeeld ‘grotendeels tafelkleden’ zijn. Ze laten er eerst een sorteerder naar kijken, zodat ze een goed beeld krijgen van wat ze binnen hebben gekregen en wat ze ervan kunnen maken. Om vlekjes en gaatjes wordt als het kan heen gewerkt, als er veel vlekken in de stof zitten wordt die geverfd of laten ze er een dessin op drukken. De lakens en tafelkleden die te slecht zijn, gebruiken ze voor proefmodellen. Sinds 2022 hebben De Boer en Pothoven zo’n 8.000 kilo hotellinnen hergebruikt.
Dat klinkt heel nobel, niet per se heel aantrekkelijk. Maar Pothoven en De Boer maken verrassend uitgesproken, modische kleren: jasjes met overdwars geplaatste losse banen in een contrasterende kleur. Tops die een hoop huid vrijlaten en bijeengehouden worden door nautisch aandoend koord, ook voor mannen. Gemouleerde – op de paspop gemodelleerde – avondjurken, de specialiteit van Douwe de Boer. „Op iedere Nederlandse rode loper” (Pothoven) is Martan inmiddels te zien geweest. Acteurs als Georgina Verbaan, Gaite Jansen, Thijs Boermans, Joy Delima en Jim Bakkum hebben het gedragen, influencer en presentator Nikkie de Jager, influencer Eloise van Oranje, zanger Claude.Douwe de Boer komt uit Tienhoven, een dorp aan de Loosdrechtse Plassen, „een lange straat met links water en rechts water”. Hij was, zegt hij, „altijd tussen het riet, altijd aan het zeilen, een waanzinnige jeugd. Het is nog altijd de plek waar ik het liefst ben als ik vrij heb.” Diek Pothoven, die als kind in Reeuwijk „in zeilbootjes werd geduwd”, leerde op zijn zesde dat Moët & Chandon inferieure champagne is. Zijn grootvader was Frits de Voogt, een van de oprichters van De Voogt Naval Architects, bouwer van superjachten. Als er een nieuw jacht werd gedoopt mocht hij een beetje van de champagne proeven. „Dan zei mijn moeder: deze is eigenlijk niet zo lekker.”
Dat gezamenlijke waterverleden, zegt Pothoven, „voelde als een heel natuurlijke opportunity om een seizoensoverstijgend handschrift te creëren”: het koord komt eruit voort, maar ook een decoratieve variant op de bekende 8-knoop, een stopknoop die wordt gebruikt bij watersport en zeevaart. Pothoven: „We willen dat als je die knoop ziet, je meteen aan Martan denkt. Net zoals een citroen [het Franse modemerk] Jacquemus is.”
Pothoven zal voornamelijk het woord blijven voeren. Dat is zo gegroeid, zegt De Boer. „Ik communiceer met de fabrieken en de leveranciers, Diek doet de communicatie naar buiten. En ik ben er ook later bijgekomen.” Eerst als ontwerper, sinds vier jaar is hij partner.Afgelopen mei won Martan op de Global Fashion Summit in Kopenhagen, een jaarlijkse bijeenkomst over duurzame mode, de Grand Prize van het Visa Young Creators: Recycle the Runway-programma. 650 ontwerpers hadden ingezonden, zegt Pothoven. „Het ging heel erg om: hoe impactvol en schaalbaar is jouw productiesysteem. Je kunt wel superleuk gaan macrameeën, of een couturejurk maken van deadstock materialen, maar dat zet geen zoden aan de dijk.”
Een grote ruimte in het souterrain van een bedrijvengebouw in Amsterdam-West, het eerste permanente adres na jaren van antikraakruimtes, is het verrassend licht. Je kijkt uit over de Admiralengracht. Drie medewerkers, twee van de stagiaires, plus degene die de productie van de kleding begeleidt zitten achter hun computer. Een beetje verscholen achter een van de volle kledingrekken in het atelier staan decorstukken van de show die Martan begin juni in de entreehal van het Rijksmuseum gaf en die werd gesponsord door ijsmerk Magnum: beschilderd doek in hoekige vormen, een verbeelding van de ‘crack’ van een Magnum-ijsje, specifiek een Magnum in de smaak pistache, met op de achterkant de logo’s van Martan en Magnum. Voor de genodigden was er ijs vooraf, na afloop werd aan lange tafels in de Eregalerij weer ijs geserveerd (op borden, met mes en vork).
Een groot deel wordt in productie genomen voor voorjaar 2027. Na de show had Martan voor de vierde keer een showroom in Parijs, en dit keer met succes. Tot nu toe werden de collecties verkocht via pop-ups en de site, plus een winkel in Amsterdam en, sinds kort, een winkel in Madrid. De voorjaarscollectie komt bij zeven nieuwe winkels te hangen.
Martan – een variant op Pothovens tweede naam, Martin – begon tien jaar geleden in een andere samenstelling, en met een andere opzet. In de zomer van 2016 besloten Pothoven en Luuk Kuijf, die allebei mode aan ArtEZ hadden gestudeerd, samen een collectie te maken. Die werd geshowd tijdens de Amsterdam Fashion Week van januari 2017. Vooral, zegt Pothoven nu, als „portfoliostunt”. „Kijken of ik er ergens een toffe baan mee kon krijgen. De kleren waren helemaal niet afgewerkt aan de binnenkant. Het was nooit de bedoeling de kleding daadwerkelijk in productie te nemen.”
Pothoven: „Dat was onze eis: daar of niet. Of, nou ja, bluf, eigenlijk. Ze hadden er al iemand anders geprogrammeerd, voor ons hebben ze het omgegooid.”
„Iedereen van Amsterdam Fashion Week kende me al. Ik had er al zo veel shows geregisseerd, in het Transformatorhuis [een kleine zaal], maar ook grote shows. Het voelde gewoon een beetje lullig om zelf in het Transformatorhuis te gaan staan.”
„Ik regisseerde al shows toen ik op school zat. In het tweede jaar van de academie liep ik als model mee met de eindexamenshow, en daar begon ik de hele backstage te runnen. Kim Vos, die de ArtEZ-shows regisseerde, zag dat en zei: kom jij maar met mij mee, dan gaan we wat externe shows doen. Toen zij op wereldreis ging, heb ik haar klanten overgenomen. Terwijl de rest in de les zat, stond ik op het dak van Centre Pompidou in Parijs een show van Iris van Herpen te regisseren. Soms deed ik alleen de choreografie, andere keren ook decors, muziek, de modellen, gewoon het hele beeld. Ik heb net nog een megaproductie gedaan in Parijs, voor [sportmerk] On, een event van drie dagen voor al hun retailers.”
„Luuk werd met de foto’s in New York toegelaten tot de master van [modeopleiding] Parsons. Ik heb ermee bij Proenza Schouler gesolliciteerd, het was altijd een droom om in New York te wonen en te werken. Ze waren geïnteresseerd, maar visum-wise was het erg gecompliceerd en zo graag wilden ze mij nou ook weer niet. Maar terug in Nederland kreeg ik best veel leuke losse-flodder-opdrachten, dan werd ik bijvoorbeeld gevraagd de Hair Fashion Night voor L’Oréal in de [Amsterdamse] Westerkerk vorm te geven. Ik zag dat er een groot scherm stond ingetekend, dus ik zei: daar moet een heel vette fashion-film in, hebben jullie geen budget om mij een Martan-film te laten maken met onze eerste collectie? Die heb ik voor wat modefilmfestivals ingestuurd, en dan begin je nominaties en awards te ontvangen voor een fashion film van één minuut. Daarna heb ik nog een film gemaakt, maar dan omgekeerd: eerst een heel verhaal voor een short film schrijven, dan voor alle karakters en scènes de collectie ontwerpen. Dat werd House of Salt, twee jaar later. Dat was twee jaar lang subsidie proberen op te halen, wat uiteindelijk maar een keer gelukt is, veel shows voor anderen doen en geld verdienen om in Martan te steken.”De Boer: „Jij deed al die shows en op een gegeven moment zei je: kom je mij helpen?”Pothoven: „Douwe zat in de eerste toen ik in de vierde zat. Voor mijn afstudeercollectie moest hij natuurlijk model zijn – hij is lang en had de goede maten. Ik heb hem weer geholpen bij zijn afstudeershow. Ik vond zijn eindexamencollectie heel goed en ik wist dat ik met hem kon samenwerken. Op de dag dat hij afstudeerde, zei ik: kom bij Martan.”
Uit de collectie voor voorjaar 2024, gefotografeerd voor Oceanista in het Scheepvaartmuseum in Amsterdam (2025) en Ontwerpen voor de modefilm House of Salt (2019)
Pothoven: „Daarom sturen we altijd aan op samenwerkingen. Voor House of Salt hoefden we het filmproductiebedrijf, Czar, niet te betalen, omdat ze in ons geloofden. We hebben bijvoorbeeld ook een show gedaan met het Amrâth Hotel [in Amsterdam].”
Pothoven: „Vorig jaar hadden ze een groot influencers-evenement op [forteiland] Pampus, als surprise-act was er een modeshow, en ik was gevraagd die te regisseren. Daar kwamen toen allemaal mensen van Magnum op mij af: Diek, wij hebben allemaal kleren van Martan in de kast, kunnen we niet eens gaan zitten? Toen heb ik gezegd: zo’n influencers-event staat heel ver af van wie wij zijn.”De Boer: „Het was een mega-grote party met een beachclub en nog veel meer. Daar zouden wij nooit tussen gaan staan.”Pothoven: „Dat hebben we ook zo uitgesproken: wij willen geen surprise-act zijn, maar het hoofdonderdeel waar de rest omheen wordt gebouwd.”
Pothoven: „Dat heeft ruim vierenhalve maand geduurd.”De Boer: „Wij moeten goed bewaken hoe Martan zich naar de buitenwereld presenteert. Elke samenwerking moet een perfecte match zijn.”
Pothoven: „Magnum heeft fantastische dingen gedaan. Kate Moss die in de jaren negentig in een show van Vivienne Westwood een Magnum in haar hand had, Moschino heeft een tassencollectie gemaakt met ze, Iris van Herpen heeft in 2022 een jurk gemaakt van cacaobonen om de vegan Magnum te lanceren. Plus de productiepower, de budgetten, het bereik; we konden een show neerzetten die we anders nooit hadden kunnen doen.”
Pothoven: „Nou, scherven eigenlijk.”
Pothoven: „We zijn overeengekomen dat in de zaal minimaal zes goed zichtbare logo’s zouden zijn. Die zijn in die decorstukken verwerkt.”
Pothoven: „Vier van de zestien kleuren zijn Magnum-kleuren: pistache en perzik, het bruin van de chocolade en crème van de oude smaken. Gelukkig waren dat kleuren die we al eerder hebben gebruikt. En we hebben ook een topje gemaakt dat precies de vorm van het stokje had.”
Pothoven: „Nou, we zijn alweer bezig met dingen, maar die zijn meer internationaal.”De Boer: „Het zorgt ervoor dat we staande blijven.”Pothoven: „Het is leuk om ook een externe inspiratiebron te hebben, die je op een abstracte, poëtische manier moet vertalen. We hebben ook de nieuwe uniformen ontworpen voor theater Carré…”
Pothoven: „Ja, maar daar zet je de namen ook naast elkaar: het handschrift van Martan en de esthetiek van Carré. De directeur wilde na tien jaar nieuwe uniformen en had aan [schrijver en programmamaker] Splinter Chabot gevraagd: van wie zijn toch die kleren die jullie allemaal op de premières aanhebben?”
„Eind 2019 had ik een keer advies gevraagd aan Alvin Williams. Hij is een van de creative directors geweest bij Nationale Opera en Ballet, maar hij heeft ook heel grote evenementen geproduceerd, een NAVO-top, de Dodenherdenking. Ik had het gevoel dat ik niet verder kwam op productievlak en had zijn nummer gekregen. Hij zei: ‘Je kunt niet én mode én productie doen, je moet kiezen. Wat jij nu doet op gebied van productie is al heel bijzonder, dus ik zou dat doen.’ Ik vond het een beetje een ouderwetse mening, dat je niet twee verschillende dingen kunt doen. Maar ik dacht wel: mode is het allerbelangrijkst, dus als ik moet kiezen wordt het dat. Twee weken later belde hij me: hij was bezig een team voor het Songfestival samen te stellen en hij wilde mij als head of fashion – dat was een nieuwe rol, ze vonden dat de kleding er in andere landen niet uitzag. Bij de NOS vonden ze me wel jong, ik was 26, dus ik moest wat referenties opgeven. Eigenlijk zou alles binnen drie maanden af moeten zijn, maar door Covid had ik een jaar extra.”
„Er waren veertig dansers die ieder zeven verschillende outfits nodig hadden, plus nog wat dansers van het Nationale Ballet. En Eefje de Visser, Davina Michelle en Glennis Grace, die optraden. Dat hebben Douwe en ik allemaal als Martan gedaan.”
„De presentatoren aankleden is een groot politiek spel, daar hoefde ik niet als ontwerper tussen te zitten. Maar ik heb wel bepaald wie de ontwerpers waren.”
Collectie najaar 2026
„Ik wist van tevoren dat de presentatoren en artiesten een sterke mening zouden hebben. Maar ik had niet verwacht dat de dansers, die als een geheel om zo’n artiest moesten bewegen, ook allemaal hun persoonlijke wensen zouden hebben en dat ze verwachtten dat daarnaar geluisterd zou worden. De choreografen waren ook echt heel negatief over van alles.”
„De head of show, Gerben Bakker, was wel heel positief en hielp me om onze ideeën over te brengen: dat het ook abstract en bijzonder kon zijn, in plaats van alleen maar sexy. Maar het is vaak genoeg gebeurd dat ik, als ik na zo’n bespreking met de dansers weer in het autootje van mijn grootmoeder stapte, eerst een kwartier heel hard moest huilen. Toen ik klaar was wisten we: nu kunnen we ook de druk van een ready-to-wearcollectie aan.”
Pothoven: „De mode-industrie is een van de vervuilendste ter wereld, je moet wel een heel groot bord voor je kop hebben om nog te willen werken met nieuw materiaal. Maar iets maken van vintage kleding is nog niet echt iets voor ons, dan moet je gaan werken met andermans ontwerpen, dat ligt ons niet zo. Mijn beste vriend, Johannes Offerhaus, had samen met Eugénie Mulier Archivist opgezet, dat klassieke witte overhemden maakte van afgekeurde lakens van vijfsterrenhotels – dat zijn de enige hotels die lakens van 100 procent katoen hebben. Dat stopte vrij snel omdat Johannes iets anders wilde gaan doen en Eugénie geen ontwerper was. Toen zijn we gaan nadenken: we komen net uit Covid, iedereen wil feesten, kunnen we geen party dresses maken van dit materiaal?”De Boer: „De sheets van vijfsterrenhotels zijn van veel betere kwaliteit dan het katoen dat je in de gemiddelde modewinkel tegenkomt, omdat ze honderd tot tweehonderd keer moeten kunnen worden gewassen.”Pothoven: „Met sustainable fashion is het vaak: het moet tijdloos zijn, dus het is zo saai mogelijk. Maar je kunt ook iets tijdloos maken dat speciaal is. Je hebt geen superdure zijden chiffon nodig om een exciting rodeloperjurk te maken. En die rodeloperjurken zijn voor ons een hele goede pr-machine geweest natuurlijk.”De Boer: „Het zijn stukken die veel mensen maar één keer dragen. Dus dan ga je denken: is er een duurzamer alternatief? Dan kom je snel bij ons uit.”
De Boer: „Dat gesprek voeren wij ook: er is een top die al vier seizoenen in de collectie zit, we zijn hem zelf nu eigenlijk zat. Maar dan horen we van ons agentschap: dit is echt een hardloper.”
Pothoven: „We maken nu 1.500 kledingstukken per seizoen, met 2.500 zijn alle kosten gedekt, daar zijn we voor komend voorjaar heel dichtbij. Ik kan dit nu alleen maar doen omdat ik ook commerciële klussen doe: de modeshows, maar ik heb commercials geregisseerd voor Omoda, Hunkemöller, Lois Jeans. Dan hoeft Martan mij maar the bare minimum te betalen, en krijg ik meteen een inkijkje op hoog niveau bij allerlei andere merken.”
„Ik word door meneer Pothoven af en toe heel goed ingeschakeld voor shows. En ik heb vanaf het begin gespaard voor een buffer. Die gaat nu langzaam op. Het is echt weleens door mijn hoofd geschoten: had ik deze droom maar niet, dan had ik misschien in een heel andere financiële situatie gezeten, een heel fijn soort veiligheid gehad. Maar ik kan niet anders dan dit, ik heb dit altijd gewild. Ik ben na 5 vwo naar 5 havo gegaan in plaats van 6 vwo, omdat ik zeker wilde weten dat ik genoeg tijd zou hebben om aan een portfolio te werken voor de toelating voor ArtEZ. Ik wilde niet het risico lopen niet aangenomen te worden.”Pothoven: „Ik heb altijd gedacht dat ik in de technische designhoek terecht zou komen. Ik kom uit een familie van echte Delftenaren: mijn moeder is architect, mijn vader is industrieel ontwerper. Tot ik in de garage de naaimachine van mijn vader vond en daar een beetje mee aan de slag ging.”
Pothoven: „Ik ben delusional genoeg om te denken dat binnen een paar jaar wij steenrijk zijn.De Boer: „Dat gaat ook gebeuren.”Pothoven: „De influencermarkt is ook ontzettend aan het veranderen. Het is allang niet meer zo dat je op basis van een miljoen volgers 10.000 euro krijgt voor een post, het wordt steeds grimmiger, je moet nu doelen halen. Dus als je minder bereik hebt dan afgesproken dan moet je nog een video maken, en misschien nog wel een.”
Collectie voorjaar 2027
Pothoven: „Neenee, wij zijn op dit punt gewoon een super-sympathiek, jong, hardwerkend, artistiek modemerk. En dat zijn we ook. Maar als modemerk moet je je tegenwoordig wel een beetje gedragen als een mediaplatform. De gemeente Amsterdam betaalt een communicatiebureau nu tienduizenden euro’s voor een plannetje om sustainable fashion te promoten. Dan denk ik: dat budget kun je ook bij ons neerzetten, dan maken wij een fantastische campagne voor jullie, én wij investeren het geld dat we verdienen ook weer in sustainable fashion. Ik spreek weleens iemand van de gemeente, en daar staan ze best voor open, heb ik gemerkt.”
Pothoven: „Ik zou andere merken graag adviseren over werken met hotellinnen. Mensen komen naar ons omdat ze de ontwerpen mooi vinden, niet omdat we zo werken. En dat linnen gaat niet op. Dus wij willen dat graag toegankelijker maken. Dan heeft het pas echt impact.”
Pothoven: „Voor de fabrieken is het heel lastig, die zijn gewend aan rollen stof, dan kun je door tien lagen tegelijk de patroondelen snijden. Omdat de sheets beschadigd zijn moet je laag voor laag snijden en elke laag moet opnieuw worden bekeken. Wij willen een groot merk als Arket met liefde alle rompslomp uit handen nemen, zodat ze zonder problemen 5.000 overhemden kunnen maken.”
„Nee hoor, er staat al een afspraak. Na de prijsuitreiking in Kopenhagen zaten we aan tafel met de chief sustainability officer van de H&M Group, daar valt Arket onder, met de chief sustainability officer van de Mango Fashion Group en de oprichter van Ganni. Want die willen dan allemaal met jou praten: hoe doe je het?”
1993 Diek Pothoven geboren in Gouda1996 Douwe de Boer geboren in Tienhoven2015 Pothoven afgestudeerd aan modeafdeling ArtEZ, begint DIEKteam (productie modeshows)2016 Pothoven begint met Luuk Kuijf Martan2017 Young Discovery Award tijdens Istanbul Fashion Film Festival voor film met eerste collectie2018 De Boer cum laude afgestudeerd aan modeafdeling ArtEZ, begint als ontwerper bij Martan2019 Modefilm House of Salt, met onder anderen Benja Bruijning, Olga Zuiderhoek en Minne Koole. Genomineerd voor Gouden Kalf2021 Kleding voor Eurovisie Songfestival in Rotterdam2022 De Boer partner bij Martan. Pothoven begint als regisseur commercials2023 Kostuums voor de voorstelling Cock van Theater Oostpool2024 De collectie voor voorjaar 2025 wordt gepresenteerd tijdens Copenhagen Fashion Week2025 Kleine collectie in samenwerking met Scheepvaartmuseum (Amsterdam), voor tentoonstelling Oceanista. Eerste truien, van recycled en ongeverfd katoen2026 Uniformen Carré, Grand Prize Visa Young Creators: Recycle the Runway, show Rijksmuseum, acht nieuwe verkooppuntenDe Boer en Pothoven wonen in Amsterdam. De Boer woont samen met zijn vriend, Pothoven heeft een latrelatie.