Home

Moet de rente verder omhoog? De ECB zoekt naar een antwoord

nieuwsbriefNRC Voorkennis

NRC Voorkennis Gaan spaar-en hypotheekrentes verder oplopen? De Europese Centrale Bank neemt deze week een rentebesluit. Monetair beleid voeren is niet eenvoudig, in tijden van Donald Trump en van aanzwellende staatsschulden.

ECB-president Christine Lagarde op de G20 in de Verenigde Staten.

Misschien heb je, zoals ik laatst, een mailtje gekregen van je bank: „we verhogen de rente van je spaarrekening”. Fijn. Minder prettig is het dezer dagen als je een hypotheek wilt afsluiten of als je rentevaste periode afloopt. De hypotheekrente loopt op: op een woningkrediet met ‘10 jaar vast’ betaal je nu gemiddeld 4,10 procent rente, tegen 3,8 procent een jaar geleden (en, amper nog voorstelbaar, ruim 1 procent vijf jaar geleden).

Nieuwsbrief NRC Voorkennis

Dit is een ingekorte versie van de NRC Voorkennis-nieuwsbrief. Twee keer per week schrijft de economieredactie van NRC daarin over economische ontwikkelingen die op de redactievloer tot opwinding leiden. Inschrijven (voor Plus-abonnees) doe je hier:

Inschrijven voor NRC Voorkennis

Gaan de rentes verder omhoog? Een relevante vraag, als je voor belangrijke financiële beslissingen staat. Het antwoord in deze nieuwsbrief is helaas onbevredigend: de renteontwikkeling is behoorlijk onzeker, omdat de situatie in de wereld zo verdomd onzeker is. Allerlei factoren ver buiten het bereik van de gemiddelde NRC Voorkennis-lezer – met name de inflatie als gevolg van de oorlog van Donald Trump tegen Iran en de zorgen op de financiële markten over staatsschulden – zullen de rentestand bepalen.

Deze donderdag moet de Europese Centrale Bank te midden van al deze onzekerheid een rentebesluit nemen. De ECB-rente – de korte termijnrente die de ECB rekent aan commerciële banken – heeft een sterke invloed op jouw spaarrente. De ECB-rente is wat minder bepalend voor jouw hypotheekrente, die meer afhangt van de langetermijnrente op de kapitaalmarkten.

Hoeveel renteverhogingen nog?

Alom wordt verwacht dat de centrale bank van het eurogebied, geleid door Christine Lagarde, haar belangrijkste rentetarief zal verhogen van 2,25 naar 2,50 procent. Daarmee reageren de monetaire beleidsmakers op de te hoge inflatie in de eurozone. In augustus kwam deze uit op 3,3 procent op jaarbasis, hoger dan in juli (2,9 procent) en ruim boven het door de ECB nagestreefde niveau van 2 procent. Het klassieke medicijn van centrale bankiers tegen inflatie is: de rente ophogen. Geld lenen wordt dan duurder, waardoor de economische groei wordt afgeremd. Dit moet uiteindelijk ook de prijsstijgingen de kop in drukken.

De grote vraag is wat de ECB ná deze waarschijnlijke renteverhoging gaat doen. Gaat zij het rentepeil richting de jaarwisseling verder opschroeven? Dat lijkt logisch, omdat de inflatie zo dik boven de doelstelling ligt. Maar het ligt een stuk lastiger.

De Iran-factor

De huidige inflatie in de eurozone komt hoofdzakelijk door de Iran-oorlog. Met name Irans blokkade van de Straat van Hormuz heeft wereldwijd de olie-en gasprijzen opgedreven. In de eurozone lagen de energieprijzen in augustus 14,3 procent hoger dan een jaar eerder. Daaraan kan de ECB niets doen: die heeft veel slimme monetaire economen in huis, maar beschikt niet over oorlogsschepen die de Straat van Hormuz kunnen beveiligen. Wat de centrale bank in Frankfurt wél hoopt te doen, is met een hogere rente voorkomen dat de duurdere energie breed gaat doorwerken in de prijzen van allerlei goederen en diensten. Het schrikbeeld van iedere centrale bankier is dat de inflatie zich nestelt in de economie.

Nog vers in het geheugen van ECB’ers ligt de inflatiegolf van 2021-2023. Vanaf medio 2021 schoot de inflatie in de eurozone omhoog naar een piek van maar liefst 10,6 procent in oktober 2022. De centrale bank in Frankfurt greep toen drastisch in, al was dat volgens sommige economen wel te laat. De ECB-rente ging tussen juli 2022 en september 2023 van minus 0,5 naar 4 procent.

Die inflatie-episode, een klein beetje een trauma in Frankfurt, is echter wel anders van aard dan de huidige. Weliswaar was er toen óók een energieprijsschok, als gevolg van de Russische invasie van Oekraïne in februari 2022. Maar die schok kwam, anders dan nu, op een moment dat de inflatie toch al opliep door een mix van ‘corona’-factoren. Tijdens de pandemie pompten overheden miljarden euro’s in de economie om huishoudens en bedrijven te steunen. Consumenten potten eerst veel geld op en gaven dat daarna massaal uit. Dit terwijl er door de pandemie juist tekorten aan allerlei producten waren ontstaan. De combinatie van veel vraag en weinig aanbod joeg de prijzen de hoogte in.

Anno 2026 is de situatie anders: ditmaal is de inflatie „bijna exclusief” toe te schrijven aan de duurdere energie, schreven ECB-economen vorige week in een blog. In het inflatiecijfer over augustus is dit zichtbaar: als je de volatiele energie- en voedselprijzen uit het inflatiecijfer filtert, houd je de zogeheten ‘kerninflatie’ over. Die kwam uit op 2,4 procent, een fractie lager dan in juli en niet ver van het 2 procentsdoel van de ECB. Omdat deze „onderliggende” inflatie nog redelijk beperkt is, zijn ECB-beleidsmakers tot dusver huiverig voor al te grote rentestappen.

Roerige obligatiemarkten

Beleggers verwachten nu dat de ECB de rente voor het einde van het jaar nog eens verhoogt, die dan op 2,75 procent zou komen te liggen. Ik zie al uit naar een nieuw mailtje over de spaarrente van de bank. Al weet ik dat dit geenszins zeker is, ook omdat er nóg een complicerende factor is voor de ECB: de opgelopen kapitaalmarktrente, dus de rente op de obligatiemarkten.

De rentes op staatsobligaties van westerse landen bereikten vorige week de hoogste niveaus in jaren. Beleggers eisen een hogere risicovergoeding op de staatsobligaties die ze aanhouden (de rente). Dit in de eerste plaats vanwege het inflatiegevaar: inflatie holt de waarde van alles, inclusief obligaties, uit. Maar ook omdat de de houdbaarheid van almaar toenemende staatsschulden toenemend in twijfel wordt getrokken. In de eurozone gaan de zorgen met name over schuldenland Frankrijk.

Aan de ene kant is de oplopende obligatierente wel fijn voor de ECB: die hogere marktrentes remmen als het ware vanzelf de economie af, waardoor de ECB zelf wat minder aan de renteknop voor de banken hoeft te draaien. Aan de andere kant moet de ECB nu extra oppassen om geen fouten te maken. De obligatiemarkten zijn duidelijk onrustig.

Dus… of de rente de komende tijd verder omhoog gaat? Het woord is donderdag aan Christine Lagarde. En zij zal, gezien alle onzekerheid, vooral haar opties open willen houden.

Vraag aan de lezers: houden jullie rekening met stijgende rentes in de toekomst, of ondervind je er nu al de gevolgen van? Mail me op mark.beunderman@nrc.nl

Monetair beleid

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next