Home

Onze behoefte aan gemak slaat door in gemakzucht en eindigt in luiheid

Slimme techniek De menselijke behoefte aan hulpmiddelen is van alle tijden. Maar de ontwikkeling van nuttige apparaten schiet door, waarschuwt Corine Nijenhuis. Waarom willen we toch steeds minder zélf doen?

„Waarom maait een robot uw gazon?”

„Zodat ik het zelf niet hoef te doen.”

„Houdt u niet van grasmaaien?”

„Jawel, ik vind het ontspannend.”

„Maar waarom doet u het dan niet zelf?”

„Gewoon, vanwege het gemak…”

Dit gesprekje voerde ik onlangs met een man wiens tuin ik passeerde tijdens een wandeling. Deze zomer zag ik zoveel gazons waar het gras rond de voeten van de tuinbezitter werd weggemaaid door een zelfstandig werkend apparaat dat de waarom-vraag zich niet meer liet onderdrukken. Het antwoord werd schouderophalend gegeven. Een perfecte illustratie van het gemak waarmee de tuinbezitter over datzelfde gemak dacht.

Corine Nijenhuis is auteur van verhalende literaire non-fictie, essays en historische romans.

Wij besteden steeds meer uit. Met de opkomst van slimme techniek doen we dat aan apparaten die overnemen wat we zelf niet (meer) kunnen. Of willen. Grasmaaien, teksten schrijven, in- en uitparkeren; het wordt voor je gedaan. Zelfs fietsen op eigen kracht is niet meer nodig, we hebben inmiddels elektrische modellen die enige inspanning overbodig maken. Die fietsmodellen zijn inmiddels zulk gemeengoed dat ik een uitzondering lijk omdat ik er geen heb. „Waarom niet?”, wordt mij regelmatig gevraagd. Waarom wél? Ik ben immers nog gezond genoeg. Gemak, wordt mij dan gezegd, al dan niet schouderophalend.

Wat is gemak eigenlijk? ‘Gerief’, volgens het woordenboek, of: iets dat van dienst kan zijn om inspanning en moeite uit te winnen. Een dienstbaar hulpje voor comfort, kun je het dus noemen. Hulpmiddelen – en de behoefte daaraan – zijn van alle tijden. Ze dienen en ondersteunen de mens. Stofzuigers, wasmachines, boor- en zaagmachines zijn functioneel bij het doen van alledaagse klussen die zonder deze apparaten veel langer zouden duren.

Zelfreinigende kattenbakken

Maar de ontwikkeling van die nuttige apparaten lijkt inmiddels doorgeschoten. Dweilrobots, zelfreinigende kattenbakken, automatische plantensproeiers: de behoefte aan functionele hulp is doorgeslagen naar een verlangen om de taak in zijn geheel uit te besteden. Technologiebedrijf Dyson speelt er vol op in. Momenteel is het bezig met de ontwikkeling van robots die zelfstandig huishoudelijke taken kunnen uitvoeren. De vraag blijft: waarom? Wat levert het uitbesteden van klusjes en taken ons voor plezierigs op?

Het inzetten van hulpmiddelen is dus van alle tijden, al waren het in vroeger dagen vooral mensen die het werk voor een ander deden. Het ‘hebben’ van bedienden was aan het begin van de twintigste eeuw gebruikelijk voor wie zich dat kon permitteren. Adellijke families, notabelen en de gegoede burgerij huurden was- en werkvrouwen in, dienstmeisjes, koks, gouvernantes, koetsiers – al dan niet inwonend. Personeel gaf status. Het toonde aan dat de heer des huizes zo rijk was dat de vrouw des huizes zelf niet hoefde te werken. Het kunnen inkopen van bediening leverde ongetwijfeld een goed gevoel van aanzien op. Inmiddels is het uitbesteden van klussen en taken waar je zelf geen zin in hebt voor steeds meer mensen haalbaar geworden. De opmars van slimme apparatuur maakt het ook de gewone man mogelijk zich te laten bedienen. Voelen we ons daardoor zoals de rijken van weleer?

Dat het plezierig voelt je niet in te hoeven spannen is tot op zekere hoogte begrijpelijk. Wij zijn immers evolutionair geprogrammeerd om zo min mogelijk energie te verspillen aan zaken die niet nodig zijn om te kunnen overleven. Hoewel die insteek in onze huidige welvaartsmaatschappij bepaald lachwekkend is – wij hoeven niet meer achter dieren aan te hollen voor voedsel, wij hoeven geen hout meer te hakken voor warmte – kunnen we ons nog verschuilen achter dat argument wanneer het gaat om klusjes en taken die fysieke inspanning kosten. Stofzuigen, planten watergeven, de schuur opruimen: niet noodzakelijk om te overleven.

Maar het schrijven van een tekst of het inparkeren van je auto kosten geen lichamelijke energie, daar draait het om mentale inspanning. Is die minder belastend? Helaas, ook geestelijke inspanning blijkt pijn te doen. Volgens een studie aan de Radboud Universiteit ervaren wij denkwerk als vervelend, we vermijden het dan ook graag. De motivatie het toch de doen is niet het denkwerk zelf, maar de beloning die het oplevert. Schoolcijfers als je jong bent, promoties en waardering in je volwassen leven. Je kúnt iets, en dat genereert complimenten.

Niet alleen de mens is onderdeel van de evolutie, ook de maatschappij ontwikkelt zich. Onze samenleving past zich aan nieuwe eisen en wensen aan. Alles moet sneller, groter, harder, beter. En gerieflijker. De tuinbezitter die een robot gebruikt om zijn gras kort te houden lijkt een geëvolueerde versie van de boer die zijn paard gebruikte om het ploegwerk te doen. Waar de boer meewerkte, doet de tuineigenaar dat niet meer. Die zit. En luiert.

Luieren. Het past slecht bij het calvinistische imago van onze volksaard. Werken is beter. Onze taal is er duidelijk over: ‘werken loont’, we krijgen ‘loon naar werken’, en ‘arbeid is de saus van het leven’. Aan de uitdrukking ‘arbeid adelt’ wordt fijntjes toegevoegd dat adel niet arbeidt. Ik betwijfel of dat vriendelijk bedoeld is, want ook over niet arbeiden is onze taal duidelijk: ‘de ploeg die arbeidt blinkt, het stille water stinkt.’ Rust roest of is pas goed na gedane arbeid, en ‘op je lauweren rusten’ kun je alleen na een behaald succes dat ongetwijfeld met inspanning te maken heeft.

‘Zelfwerkzaamheid’

Zeker, er klinken ook andere geluiden in onze taal. Dat gemak de mens dient bijvoorbeeld. Een bewezen uitdrukking, maar in de huidige tijd roept het de vraag op of dat gemak ons niet juist schaadt, doordat we er te veel gebruik van maken. Dan slaat gemak door in gemakzucht die tot ledigheid en vervolgens vaak tot luiheid leidt. Of al dat ingekochte gemak de mens gelukkig maakt is maar de vraag. Generatieve AI kan ons weliswaar pijnlijk denkwerk besparen, het ontneemt ons ook de bevredigende waardering van de uitkomst ervan. Het resultaat van mentale inspanning krijgt meer betekenis wanneer het jóúw inspanning is. Trots ben je op eigen prestaties, niet op die van het hulpje. Fysiek geldt hetzelfde; de zogenaamde geluksstofjes die het lijf aanmaakt bij inspanning, de prettige vermoeidheid na afloop, je krijgt ze niet als je toekijkt hoe een ander jouw werk verricht.

Ledigheid brengt niet altijd tevredenheid. Wie zijn ingekochte taak-loze tijd niet anders weet in te vullen, valt ten prooi aan verveling. Ledigheid is des duivels oorkussen, denk ik in goed Nederlands. Voltaire verwoordde het uitgebreider: „De arbeid bevrijdt ons van drie grote rampen: de verveling, de ondeugd en de armoede.” Ik vervang het woord ‘arbeid’ graag door zelfwerkzaamheid. Met het overboord gooien daarvan verliezen we onze geestdrift die een prikkelende uitdaging oplevert. Ik ken geen enthousiaste bankhangers. Wel opgetogen grasmaaiers.

Hoe werkt het met ons verlangen naar gemak? Wordt dat gestuurd door vrije wil of gedicteerd door de commerciële industrie? Bedient het aanbod de vraag of is het andersom? Miste je de automatische plantensproeier of werd zelf gieten pas een last toen je over het apparaat hoorde? Het almaar uitdijende arsenaal aan hulpmiddelen ten behoeve van het gemak bespeelt ons gevoel middels beeldvorming. Het is slim je televisie te laten bedienen. Het is verstandig je slaapgedrag te monitoren. Het is hip op een e-bike te rijden. Wanneer je die beeldvorming achterwege laat, tonen zich de naakte feiten: een e-bike is niets anders dan een fiets met trapondersteuning. Dat is eerder sneu dan hip.

Nadelen hebben al deze slimme apparaten ook. Ze zijn gevoelig voor cyberaanvallen, duur en er zijn veel grondstoffen nodig wat milieubelastend is. Wat het doet met ons gezonde denken, daarover wordt gezwegen. Is het voor elke gebruiker wel duidelijk dat elektrisch fietsen je niet helpt aan het fitte, slanke lijf dat je voor ogen hebt?

En toch zijn dit niet de nadelen die mij het meest bezwaren. Wat mij vooral benauwt, ontdek ik tijdens een fietstocht door een groots landschap met dito windkracht. Wanneer wij halverwege de rit een laadpaal passeren staat het er vol wachtende recreanten. De accu’s moeten bijgeladen, want de felle tegenwind maakt fietsen zonder trapondersteuning onwenselijk. Afhankelijkheid, het woord hangt geluidloos boven de meute waarvan het merendeel jong en gezond oogt. De zelfredzaamheid lijkt verloren te zijn gegaan door gemak-verslaving.

Wordt dat onze toekomst? Groeit onze afhankelijkheid van allerhande al dan niet slimme apparaten zover door dat we zonder niet meer naar buiten kunnen? Niet omdat onze zelfwerkzaamheid beperkt is door ouderdom of beperking, maar simpelweg omdat we het niet meer zelf kúnnen. Wat je niet oefent, verleer je uiteindelijk.

Het is een angstwekkend toekomstbeeld. Daarom pleit ik voor bewustwording van onze toenemende afhankelijkheid van apparaten die onze zelfredzaamheid ondermijnen. Ik breek een lans om zo lang mogelijk zoveel mogelijk zélf te doen. Met het lichaam én met de hersenpan. Om het goede voorbeeld te geven heb ik, tegen de wind in fietsend, maar vast wat nieuwe spreekwoorden bedacht: Hulp geeft gemak, maar gemakzucht geeft geen hulp. Gemakzucht is het oorkussen der commercie.

Of, zo jubelen mijn gepijnigde hersens terwijl ik zonder hulp mijn bestemming bereik: Zelfwerkzaamheid is de vader van zelfredzaamheid.

Technologie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next