Home

Kouwe drukte om IJsland

Als de Europese Unie ergens onder lijdt, dan is het wel onder overspannen verwachtingen. Nationalisten schilderen de EU af als oppermachtige superstaat en pleiten voor decentralisatie, voor een Europa van de natiestaten. Federalisten zeggen juist dat er niet genoeg Europa is. Zij wijzen op de eeuwige verdeeldheid van de lidstaten, die alle belangrijke beslissingen nemen, en pleiten voor een krachtiger Europa dat met één stem spreekt. Beide kampen maken een karikatuur van de werkelijkheid. Het echte Europa is namelijk soms machtig (handel, landbouw), soms juist totaal machteloos omdat de lidstaten hun eigen ding doen (buitenlandbeleid, defensie), en de rest van de tijd zwabbert het tussen beide voorstellingen in. De nationalisten slagen er niet in om de EU kapot te maken en de federalisten weten er geen federale staat van te maken. Beide stromingen hebben (en wekken) constant de verkeerde verwachtingen en zijn permanent teleurgesteld in Europa.

Een soortgelijke framing zag je ook bij het IJslandse referendum vorige week zaterdag, waarbij een krappe meerderheid (52,8 procent) nee zei tegen de hervatting van toetredingsonderhandelingen met de EU. Reykjavik had die onderhandelingen in 2013 afgebroken omdat het zich niet kon vinden in de Europese visserijregels. Velen verkopen dit ‘nee’ nu als een klap in het gezicht voor de EU en een overwinning van de nationale soevereiniteitsgedachte. De werkelijkheid is, zoals zo vaak, anders.

Om te beginnen dat referendum zelf. Dat werd niet gehouden omdat de meeste IJslanders bij de EU willen of de EU een lesje willen leren. Nee, het kwam er omdat twee partijen bij de vorige regeringsvorming geen parlementaire meerderheid hadden en een derde coalitiepartner zochten. De enige IJslandse partij die EU-lidmaatschap nastreeft was bereid om mee te regeren, op voorwaarde dat er een referendum kwam over het hervatten van de toetredingsonderhandelingen. Dat kwam er. Maar de enigen in de regering die echt campagne voerden voor een ‘ja’ waren leden van dat derde coalitiepartijtje – onder wie de minister van Buitenlandse Zaken. De rest hield zich nogal op de vlakte.

De meeste IJslanders zijn best tevreden met hun relaties met de EU. Ze zitten grotendeels op de interne markt (behalve landbouw en visserij) en doen mee aan Schengen en honderden andere Europese voorzieningen, net als Noorwegen. IJsland en Noorwegen zijn als niet-lid meer geïntegreerd in de EU dan het Verenigd Koninkrijk tijdens zijn lidmaatschap ooit was.

Toetreding, dat weet iedereen ook, zou frictie geven. Waarom? Het eiland leeft van visserij. Vis beslaat bijna de helft van de export. Lidmaatschap betekent dat Europese vissers in de visrijke IJslandse wateren kunnen vissen en IJslandse vissers in de meer visarme Europese wateren. IJslanders zouden zich ook aan EU-regels en -quota moeten houden. Velen willen dat niet. Zelfs als het referendum een ‘ja’ had opgeleverd, was de kans groot geweest dat die onderhandelingen met Brussel wederom op visserij zouden afketsen. Die kans kon zelfs groter zijn dan vorige keer: de Noordpool smelt en vissen migreren zuidwaarts, IJslandse wateren in. Waarom zou IJsland die bonanza met EU-vissers delen?

Vanwege de geopolitiek, kun je denken. President Trump claimt Groenland, misschien straks ook IJsland. China wordt hyperactief in het hoge noorden. In het Europese verdrag staat een defensieclausule, waarbij lidstaten beloven elkaar te helpen. Maar daarvan verwachten IJslanders, net als andere Europeanen, weinig wonderen. Ze doen al deels mee aan Europese defensie-initiatieven, net als de Noren en Britten. Ze zitten in de NAVO, onder Amerikaanse bescherming. Als IJsland (dat geen leger heeft) wordt aangevallen, is de kans groot dat Washington het te hulp schiet vanwege zijn strategische ligging.

Voor Europa zou een IJslandse toetreding leuk zijn voor de balans – een rijk noordelijk land erbij in plaats van alleen armere oostelijke landen. Het had er expertise bijgekregen over maritieme zaken en het poolgebied, die geopolitiek belangrijk worden. Maar dat IJslanders de status quo prefereren, is ook prima. De banden worden steeds nauwer. IJslanders willen dat zelf. Met het referendum wilden ze noch de EU een dreun verkopen noch een nationalistisch punt maken. Al diegenen die iets anders beweren, hebben weer eens overspannen verwachtingen gehad.

Europese Unie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next