Home

Zweden en Noorwegen beperken laptopgebruik op school: 'Ze gingen all-in'

Zweden en Noorwegen gaan minder laptops en tablets gebruiken op school. Een belangrijke aanleiding is de dalende leesvaardigheid. Teksten op papier begrijp je bovendien beter. Ook Nederlandse leerlingen zijn slechter gaan lezen, maar dat betekent nog niet dat de schermen hier de klas uit moeten.

"Digitale vaardigheden behoren al sinds 2006 tot de kerndoelen van het Noorse onderwijs en vanaf 2015 investeerden veel Noorse gemeenten in een laptop of tablet voor elk kind. Die werden onderdeel van elke schooldag", vertelt Natalia Kucirkova aan NU.nl. Zij is hoogleraar lezen en ontwikkeling van jonge kinderen aan de Universiteit van Stavanger. De laptops werden vanaf groep 1 uitgedeeld, wanneer kinderen zes jaar oud zijn.

"Sommige scholen hebben al een aantal jaar helemaal geen boeken meer", vult leesvaardigheidsonderzoeker Hildegunn Støle van dezelfde universiteit aan. "Dat vonden ze ouderwets en digitale leermiddelen waren goedkoper."

Ook Zweden omarmde de digitale leermiddelen. De grundskolan, met kinderen van zeven tot zestien jaar, telde in 2021 gemiddeld één apparaat per 1,1 leerling. Al op de förskola, de voorschool voor een- tot vijfjarigen, moesten leraren ervoor zorgen dat ieder kind de mogelijkheid kreeg om digitale hulpmiddelen te gebruiken.

Ook op Nederlandse scholen maakten de schermen een opmars, al ging het hier minder hard. In 2024 had ruim de helft van de basisscholen één apparaat per leerling en had ruim een kwart één apparaat per twee leerlingen. Nieuwere cijfers zijn er niet, maar een discussie over afschalen is er evenmin.

"Noorwegen en Zweden gingen all-in wat apparaten betreft", zegt Jessica Piotrowski. Zij is hoogleraar communicatie in de digitale samenleving aan de Universiteit van Amsterdam.

Gaan ze nu dan weer all-out? Niet helemaal, maar Piotrowski vergelijkt het wel met een paar flinke stappen terug.

Sinds dit schooljaar moeten leerkrachten van Noorse zes- tot tienjarigen "bijzonder zorgvuldig omgaan met digitale apparaten", staat in nieuwe richtlijnen van het ministerie van Onderwijs. Schermen "mogen de lessen niet domineren".

Ook heeft Noorwegen subsidie voor scholen die papieren lesboeken kopen in plaats van digitale leermiddelen. Zweden wil met subsidie terug naar één papieren lesboek per vak en vraagt "grote terughoudendheid" in het gebruik van technologie in de voorschool.

De opmars van digitale leermiddelen ging in Zweden en Noorwegen samen met dalende PISA-resultaten: leerlingen gingen in het internationale PISA-onderzoek door de jaren heen slechter scoren op het gebied van wiskunde, leesvaardigheid en natuurwetenschap. Maar die ontwikkeling verliep grillig en digitalisering kan niet als dé oorzaak worden aangewezen. Ook het leesvaardigheidsonderzoek PIRLS onder tienjarigen signaleerde slechtere leesprestaties.

"De invoering van computers heeft in elk geval geen positief leereffect gehad", concludeert Støle. "Onderzoekers die de data analyseerden, vermoeden dat je lees- en rekenvaardigheden en natuurwetenschap beter analoog kunt leren."

Paradoxaal genoeg gingen Noorse leerlingen in de jaren dat ze laptops en tablets kregen, juist slechter presteren in het internationale ICILS-onderzoek naar digitale vaardigheden. "Ik denk dat dat komt doordat hun leesvaardigheden zo achteruit zijn gegaan."

Om langere, informatieve teksten echt goed te begrijpen, kun je die beter van papier lezen dan vanaf een scherm, zeggen alle drie de experts.

"Papieren boeken geven 'ruimtelijke aanwijzingen' in een tekst, bijvoorbeeld waar iets op een pagina staat en waar je bent gebleven in de tekst", legt Kucirkova uit. "En een scherm nodigt juist uit tot scrollen, vluchtig lezen en sneller doornavigeren."

Het is geen verschil van dag en nacht, maar groot genoeg om te concluderen dat het medium (papier of apparaat) uitmaakt voor het leerproces, zeker bij wie moeite heeft met lezen. Ook 'afleiders' als notificaties en chatmogelijkheden die vaak bij digitale leermiddelen zijn ingebouwd, komen het leerproces niet ten goede.

De Scandinavische landen zijn niet antitechnologie geworden, vervolgt Kucirkova. "Maar digitalisering is niet langer een doel op zich. Digitale middelen moeten hun educatieve waarde tegenwoordig eerst bewijzen: wat probeert het kind te leren en is technologie daar wel het beste medium voor?"

Nederland hoeft de Scandinavische landen daarin niet achterna, maar is onbewust eigenlijk al een voorloper op dit vlak. Omdat we nooit 'all-in' zijn gegaan, hoeven we volgens Piotrowski nu ook geen grote stappen terug te zetten. Maar 'digitaal alleen als dat logisch is' moet wel het uitgangspunt blijven, benadrukt ze.

"Leren schrijven kan echt het allerbeste met een pen in plaats van een toetsenbord. Maar een smartboard is juist geweldig om visueel te laten zien hoe een lichaamscel zich vermenigvuldigt. En als een leerling dat vervolgens zelf kan nabootsen in een app, dan is dat toch mooi?"

De nieuwe PISA-resultaten zullen dinsdag aantonen hoe het nu met de vaardigheden van Noorse, Zweedse en Nederlandse vijftienjarigen gaat. Maar Støle waarschuwt voor te snelle conclusies over (de)digitalisering: verandering kost tijd. "Je moet daar minstens tien jaar voor uittrekken, terwijl het PISA-onderzoek driejaarlijks is."

Ongeacht de resultaten vindt Piotrowski volledig analoog onderwijs geen optie meer, omdat kinderen zich moeten voorbereiden op een digitale wereld. "Apparaten verbieden is nooit een optie. Kinderen omzeilen dat. Mobieltjes worden tegenwoordig uit het klaslokaal geweerd, maar leerlingen krijgen alsnog appjes op hun smartwatch en reageren daarop via hun laptop."

Jonge kinderen moeten vooral worden beschermd tegen de nadelen van technologie, vindt Piotrowski. Maar oudere kinderen moeten juist ook leren omgaan met bijvoorbeeld een eindeloze stroom aan notificaties en kunstmatige intelligentie.

"Ik volg honderd tieners in hun AI-gebruik. Sommige veertienjarigen hebben een systeem gebouwd waarin ChatGPT het huiswerk uit hun leeromgeving downloadt, maakt en weer uploadt. AI-fouten laten ze bewust staan, want 'dan ziet het er menselijker uit'. Andere leerlingen gebruiken bewust helemaal nooit kunstmatige intelligentie. Beide groepen hebben op dit vlak iets te leren."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next