Home

'We leven in een narcowereld waarin Nederland een dikke vinger in de pap heeft'

Na de geweldsuitbarsting in Overasselt rijst de vraag of Nederland nu echt een narcostaat is. Maar een ja- of nee-antwoord verandert niets aan het gegeven dat ons land al jaren een belangrijke factor is in de internationale drugshandel. Dat gaat bij uitstek gepaard met geweld.

Minister van Justitie en Veiligheid David van Weel zei er vrijdag geen enkele moeite mee te hebben zijn middelvinger op te steken naar 'Bolle Jos', om maar aan te geven dat de tentakels van de drugsmaffia niet zo ver reiken dat ze de Nederlandse politiek hebben gecorrumpeerd.

De mate van corruptie binnen een overheid is onderdeel van de definitie of een land wel of geen narcostaat is. Al zijn er genoeg deskundigen die de term alsnog op Nederland plakken vanwege de invloed van de drugshandel op ons land.

Wie het legertje aan zwaarbewapende 'soldaten' in de nacht van maandag op dinsdag in Overasselt zag lopen, kan zich daar iets bij voorstellen. Maar de vraag is of het stempel narcostaat überhaupt van belang is om te begrijpen wat er in het Gelderse dorp is gebeurd.

Veel belangrijker is het besef dat Nederland al decennialang een grote rol speelt in de mondiale drugshandel. Uit een recent rapport van de Nederlandse douane blijkt dat ons land met een geschatte productie van één miljard xtc-pillen veruit de grootste producent ter wereld is. Daarnaast speelt de Rotterdamse haven al jarenlang een grote rol in de doorvoer van cocaïne naar de rest van Europa, maar ook naar andere delen van de wereld.

Ook nu de doorvoer van cocaïne zich lijkt te verschuiven via West-Afrika naar Zuid-Europa, waar de cocaïne met speedboten aan land wordt gezet, is er nog steeds volop Nederlandse betrokkenheid. In het jaarlijkse rapport van het Drugsagentschap van de Europese Unie, gebaseerd op cijfers uit 2024, staat dat de illegale verwerking van cocaïne binnen de EU vooral in Nederland plaatsvindt. Die handel levert conflicten op en dat gaat gepaard met excessief geweld.

Ook daar zijn in Nederland al legio voorbeelden van geweest. Van de beschieting van een woonwagen in 2010, waarbij de twaalfjarige Danny Gubbels in 2010 om het leven kwam, tot aan afgehakte hoofden, martelcontainers en alles wat er rondom het Marengo-proces is gebeurd.

Daarom baarden de woorden van de burgemeester van de gemeente Heumen, waaronder Overasselt valt, zorgen. Joeri Minses noemde het geweld "on-Nederlands" en minister Van Weel omschreef het als "nieuw". Narcostaat of niet, ontkenning van de problematiek of gebrek aan historisch besef zou problematischer zijn.

Volgens Sven Brinkhoff, hoogleraar strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam, is de Nederlandse overheid wel degelijk doordrongen van de ernst van de drugscriminaliteit, zeker binnen de politie en het Openbaar Ministerie. "Je voelt aan alles dat alles op alles wordt gezet", zegt de hoogleraar.

Brinkhoff spreekt van een "narcowereld waarin Nederland een dikke vinger in de pap heeft". Het mondiale karakter is alleen al af te lezen aan de verschillende nationaliteiten van de mannen die dinsdag werden aangehouden. "Maar wat in de nacht van maandag op dinsdag is gebeurd, is keihard Nederlands", vervolgt hij.

Volgens Brinkhoff moet Nederland eraan gaan wennen dat "excessen" als in Overasselt bij de drugshandel horen. "Het is nou eenmaal een veelkoppig monster. Je moet die koppen er blijven afhakken, maar er zullen altijd nieuwe voor in de plaats komen."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next