Home

Festival van letterlijkheid

Thomas Hogeling beschouwt wekelijks de publieke opinie. Wat wordt er gezegd en vooral niet gezegd? Deze week: letterlijk activisme.

ILLUSTRATIE SUZAN HIJINK

Toen we vanaf de veerboot Vlieland opliepen en de zilte lucht ons tegemoetkwam, hoorde ik een vrouw tegen haar vriend zeggen dat het er naar oesters rook. We waren er voor Into The Great Wide Open, het festival dat deze week door NRC werd beschreven als „een kleine ideale wereld, waarin muziek, activisme en natuur voortdurend met elkaar onderhandelen”.

Om in die ideale wereld te mogen vertoeven, moet je eerst flink lappen: nog voordat je je eerste biertje hebt besteld op het festivalterrein, ben je al makkelijk 400 euro lichter. Je betaalt naast je festivalticket apart voor een plek op de camping, een retourtje met Rederij Doeksen en een parkeerplek in Harlingen. Niet verwonderlijk dus dat daar een bepaald type mens op afkomt.

Laat ik mezelf niet als buitenstaander neerzetten, ik ben een van de wandelende clichés op het festival; wit, links, welvarend en randstedelijk. Dat we op een eiland zijn, versterkt het gevoel van een bubbel. Dat bevalt me prima; het is al erg genoeg dat ik ’s nachts in een tentje moet slapen, daar heb ik liever geen mensen bij die niet precies hetzelfde wereldbeeld hebben als ik.

Je zou denken dat je tijdens zo’n weekend met gelijkgestemden aan een half woord genoeg hebt. Dat je niet alles hoeft te spellen. Maar daar denken veel artiesten en bezoekers anders over. „Boeren moeten niet zeuren”, rapt Sef van IJsland, en „AZC JA!”. Bezoekers dragen T-shirts en kettinkjes met het woord ‘gelukszoeker’, want zijn we eigenlijk niet allemaal gelukszoekers? Ook de boodschap van Sophie Straat komt goed aan, met name omdat ze die boodschap duidelijk articulerend in de microfoon uitspreekt: „We moeten strijden voor rechtvaardigheid!” Zelfs voor aanvang van het concert van Muskila & Simona Abdallah, een dj en een percussionist zonder zang of gesproken tekst, drukt de MC ons op het hart dat ook dit concert een vorm van activisme is: „Genieten is verzet! Jezelf zijn is verzet! Dansen is verzet! Free Palestina!”

Het zijn boodschappen die ik van harte ondersteun, maar het laat nauwelijks ruimte voor eigen invulling, het zet niet aan tot denken. Eerder dit jaar klaagde schrijver Joost de Vries in de Volkskrant dat de letterlijkheid oprukt in series, films en boeken. „Als we niet uitkijken, verliezen we het vermogen om ons te verbazen”, schreef hij. Dat geldt net zo goed voor muziek en concerten.

Een van de oorzaken van al die letterlijkheid ligt voor de hand. Sociale media hebben onze aandachtsboog fors verkort, dus de boodschap moet snel duidelijk zijn. Anders scrollen we verder. Artiesten die een duidelijk, stevig en ondubbelzinnig standpunt innemen, groeien sneller op de online platforms en worden dus geboekt. Eén keer viral gaan op TikTok kan je al op een festival doen belanden.

Verfrissend was daarom een post van comedian Ezra van Hamelen, die populair is geworden dankzij TikTok en Instagram. Hij vraagt zich af of hij nog wel op dezelfde manier door wil gaan: „Dit platform werkt vooral goed als je aanneemt dat het publiek dom is, maar het publiek is niet dom en ik ben klaar met doen alsof dat wel zo is.” Geef die jongen volgend jaar een podium op Vlieland en voorkom dat het optreden gefilmd wordt.

Het neemt niet weg dat je je ook deze editie van Into The Great Wide Open ongetwijfeld had kunnen verwonderen. Misschien zat ik er zelf gewoon niet zo lekker in, of had ik in tegenstelling tot andere jaren pech met mijn keuzes in het blokkenschema. En helemaal ongeïnspireerd verliet ik het eiland niet, want het idee dat de zee naar oesters ruikt zal ik nooit vergeten.

Populaire muziek

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next