Mathieu van der Poel en grote mountainbikewedstrijden blijven een ongelukkig huwelijk, zo bleek zondag weer in Val di Sole. Maar ook na deze dertigste plek zal hij zijn doel om ooit wereldkampioen mountainbike te worden niet opgeven.
Na een kwartiertje ploeteren op het Bike Park Val di Sole wist Van der Poel genoeg. Dit was wederom niet het jaar waarop hij de nog ontbrekende wereldtitel in het mountainbike ging veroveren. "Ik kwam amper renners voorbij", zegt hij na afloop. "Dan wordt het een lange wedstrijd."
Met zijn erelijst is rijden voor een plek in de middenmoot niet interessant. Toch dacht Van der Poel in het laatste uur niet aan afstappen. "Doorrijden had niet heel veel zin", zegt hij met een glimlach. "Maar opgeven ook niet. En het blijft altijd leuk om op een mountainbikeparcours rond te rijden."
Zie daar de belangrijkste reden waarom Van der Poel ruim tien jaar geleden begon met grote mountainbikewedstrijden rijden. En waarom hij dat nu nog steeds doet, ook al is hij inmiddels een van de beste wegwielrenners ter wereld en laat zijn drukke agenda weinig ruimte voor de MTB.
Twee dagen voor de WK-race in het noorden van Italië erkende Van der Poel dat de wereldtitel in het mountainbike misschien wel de grootste uitdaging van zijn carrière is. "Maar dat maakt het juist ook mooi", zegt hij zondag na zijn dertigste plaats. "Deze uitslag verandert niet echt wat in mijn gedachtes over het mountainbiken voor de komende jaren."
Het was een opvallend contrast aan het einde van de WK-race in Val di Sole. Tom Pidcock, die andere ster uit het wegwielrennen, kon ruim voor de streep al juichen voor zijn tweede wereldtitel. Van der Poel kwam 4 minuten en 40 seconden later anoniem over de finish.
Pidcock heeft ook de Tour de France in de benen. En de Brit begon in Italië net als Van der Poel op de vijfde startrij, maar hij wist wel helemaal naar voren te rijden. "Ik denk dat het voor zich spreekt dat Pidcock een veel betere mountainbiker is dan ik", stelt Van der Poel.
"Ik zei van tevoren dat ik wat geluk moest hebben om vanaf de vijfde startrij mee te kunnen doen om de medailles. Dat geldt niet voor Pidcock. Hij is sterk genoeg om dat ook zonder wat geluk te redden. Ik had geen overschot op de klim, dat is een groot verschil."
De erelijst van Pidcock op de mountainbike - met twee wereldtitels en twee olympische titels - is inderdaad een stuk indrukwekkender dan die van Van der Poel. Toch was er ook een tijd dat de Nederlander stelselmatig meedeed in de wereldtop. Tussen 2017 en 2019 won hij drie wereldbekers op het olympische onderdeel crosscountry, werd hij een keer derde op de WK én pakte hij een Europese titel.
In die periode was Van der Poel nog geen vedette op de weg en zat hij veel vaker op de mountainbike. Dit seizoen trainde hij slechts twaalf dagen op de MTB en reed hij inclusief de WK drie races in deze discipline.
Van der Poel snapt dat hij weer meer tijd in het mountainbiken moet steken als hij echt een grote kans op de wereldtitel wil hebben. Zijn rijtje uitslagen in dit decennium zegt genoeg. Bij de Spelen van Tokio in 2021 én bij de WK van 2023 in Glasgow viel hij, vorig jaar eindigde hij als 29e bij de WK en nu is daar een dertigste plaats bij gekomen.
"De slechte resultaten stapelen zich inderdaad wel op", zegt Van der Poel. "Maar dit keer was het geen tegenslag. Ik was gewoon niet goed genoeg. We moeten nu kijken hoe we het de komende jaren gaan aanpakken."
2028 lijkt een logisch jaar voor Van der Poel om de Tour een keer over te slaan en vol voor het mountainbiken te gaan. Dan staan er namelijk een WK én de Olympische Spelen van Los Angeles op het programma. "Ik heb al een paar keer aangegeven dat ik meer op de mountainbike wil zitten", zegt Van der Poel. "Maar de realiteit is dat dat niet altijd even makkelijk is met mijn planning op de weg."
Source: Nu.nl sport