Identificatienummers in potten staan klaar bij het Devghat-bos voor plaatsing op graven van de ongeïdentificeerde slachtoffers van de overstroming in Nepal, 30 augustus 2026
Het dodental van de verwoestende overstroming die vorige week de grensvallei tussen Nepal en Tibet trof, is volgens de Nepalese rampenautoriteit opgelopen tot 788. De verwachting is dat dit aantal verder zal oplopen: meer dan 3.000 mensen worden nog vermist. In Tibet zijn door Chinese staatsmedia niet meer dan 16 doden bevestigd, wel worden 546 mensen vermissingen gemeld.
Omdat veel lichamen te ver zijn ontbonden om nog geïdentificeerd te kunnen worden, hebben de autoriteiten vanwege gezondheidsrisico’s besloten tot massabegrafenissen in het Devghat-bos, gelegen op bijna 200 kilometer van het getroffen rampgebied. Het bosgebied zal als tijdelijke begraafplaats dienen. Zaterdag werden er al 96 ongeïdentificeerde slachtoffers begraven en voor zondag staan er meer dan honderd extra begrafenissen gepland.
Toch is er voor deze slachtoffers nog een kans om geïdentificeerd te worden. De autoriteiten geven aan dat van elke overledene dna-monsters zijn afgenomen. Elk graf wordt geregistreerd en zowel boven- als ondergronds worden identificatiemarkeringen aangebracht, evenals de vindplaats van de stoffelijke resten. Zo kunnen de lichamen later worden teruggevonden en eventueel opgegraven. Eerder vroeg Nepal om hulp aan India en China bij het identificeren van de slachtoffers. India heeft inmiddels een forensisch team gestuurd en er is ook contact met een team uit China.
Naast het gebruik van dna-monsters worden foto’s ingezet om slachtoffers te identificeren. The Kathmandu Post beschrijft hoe meer dan duizend mensen in Pakhora, Nepal, aankwamen om daar door foto’s van gevonden lichamen te zoeken naar hun vermiste familieleden. Sommigen slaagden erin hun dierbaren te herkennen aan een tatoeage, stropdas of sieraden. De lichamen werden honderden kilometers stroomafwaarts van het rampgebied geborgen.