Sancties De VS willen de sancties tegen Iran opschroeven. Maar om dat effectief te doen, zal ook de grootste afnemer van Iraanse olie aangepakt moeten worden: China.
Mensen kopen groenten en fruit op de Tajrish-bazaar in het noorden van Teheran. De gesanctioneerde scheepvaart van Iran is essentieel voor de invoer van voedsel en medicijnen.
Na diplomatie en geweld probeert de regering-Trump een nieuw middel uit om Iran te verslaan: het afsnijden van elke economische levenslijn naar Teheran.
Het Witte Huis kondigde maandag de zogenoemde operatie ‘Economische Verschoppeling’ (‘Economic Outcast’) aan als „een ongekende campagne om elke resterende economische levenslijn die de Islamitische Republiek Iran in stand houdt, af te snijden”. Daarbij richten de Amerikanen zich op vijf sectoren: digitale tegoeden (bijvoorbeeld crypto), technologie, goud, luchtvaart en scheepvaart. Ook worden alle sportieve en academische uitwisselingen geschrapt.
De VS voeren al jaren sancties tegen Iran. Nieuw is dat minister Scott Bessent (Financiën) ook „secundaire sancties” aankondigde: maatregelen tegen landen die zakendoen met Iran. Wat houden de Amerikaanse maatregelen precies in? Vijf vragen en antwoorden.
Commentatoren zien de sancties als bewijs dat Trump geen coherentie strategie heeft. Normaal gesproken, schrijft bijvoorbeeld David E. Sanger in The New York Times, is de logische volgorde van een strijd met een ander land om eerst diplomatie te proberen, dan sancties, en uiteindelijk eventueel geweld. Trump draaide het om: kortstondige diplomatie, kort daarop meteen geweld en nu sancties.
De regering-Trump wil uiteindelijk dat Iran geen kernbom bouwt. Met zowel diplomatie als geweld is dat mislukt.
Opmerkelijk is dat Bessent met zijn sanctieregime nog altijd „regimeverandering” zegt na te streven, wat ook een van de doelen was van de geweldscampagne tegen Iran. Tijdens de presentatie riep de minister Iraanse soldaten op om te deserteren terwijl hun „salarisstroken worden stopgezet of zogenaamd alleen maar vertraagd”.
De impact lijkt minder groot dan het Witte Huis doet voorkomen. China, de grootste handelspartner van Iran, wordt behoorlijk gespaard. Minister Bessent noemde bij de presentatie China niet, en reageerde ontwijkend op de vraag of de grote rivaal aangepakt zal worden. Wel zei hij dat „niemand boven de Amerikaanse sancties” staat.
Iran haalt een groot deel van zijn inkomsten uit handel met China. Van elke tien vaten olie die Iran produceert gaan er negen naar China. En de niet-oliehandel tussen beide landen bedraagt zo’n 8,5 miljard euro per jaar.
In het sanctiepakket wordt China niet volledig ontzien. Zo gelden sancties voor een Chinese olietanker die volgens de Amerikanen miljoenen vaten Iraanse olie naar China vervoert. Maar analisten wijzen erop dat de VS, om China echt te straffen voor handel met Iran, direct de prominente Chinese banken en bedrijven zouden moeten treffen die afhankelijk zijn van het door de VS geleide mondiale financiële systeem.
Het blijft lastig voor de VS om Teheran onder druk te zetten zonder ruzie met China uit te lokken. Toch krijgen de Amerikanen wel iets voor elkaar met hun bevel aan andere landen om geen zaken meer te doen met Iran: vorige week kondigden de Verenigde Arabische Emiraten aan dat ze de handel met Iran stopzetten.
De sancties zullen waarschijnlijk voornamelijk de Iraanse bevolking raken, zegt Esfandyar Batmanghelidj van de Londense denktank Bourse and Bazaar op X. De vijf sectoren die Bessent zegt te willen raken, zijn volgens hem „levenslijnen” voor de Iraanse bevolking. Goud beschermt Iraniërs tegen inflatie, technologie helpt hen verbonden te blijven met de wereld, luchtvaart onderhoudt de banden met familie over de hele wereld, en scheepvaart is essentieel voor de invoer van voedsel en medicijnen. Ook de geschrapte sportieve en academische uitwisselingen raken vooral de bevolking.
Eerdere Amerikaanse sancties hebben de Iraanse economie onder druk gezet en bijgedragen aan hoge inflatie en werkloosheid. Vooral de bevolking werd daarvan de dupe. Economische onvrede droeg bij aan de grootschalige protesten tegen het Iraanse regime in januari van dit jaar. Bij de felle onderdrukking van het protest kwamen duizenden Iraniërs om het leven, en het regime wist overeind te blijven.
Inmiddels zit er een ander regime. Economische druk op het Iran van nu verschilt fundamenteel van de druk op Iran onder de vorige ayatollah Ali Khamenei, stelt Danny Citrinowicz, voormalig commandant van de Israëlische militaire inlichtingendienst en Iran-specialist aan het Institute for National Security Studies in Tel Aviv, op X.
Onder het vorige bewind kon aanhoudende economische druk uiteindelijk nog leiden tot onderhandelingen en een akkoord. De nieuwe leiding bevat meer hardliners. Als zij onder druk gezet worden, zullen ze wellicht eerder geneigd zijn om hard terug te slaan.
Beijing heeft aangekondigd dat het wraak zal nemen wanneer er Chinese bedrijven op de Amerikaanse sanctielijst verschijnen. Volgens een woordvoerder van het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken hebben dit soort unilaterale sancties geen basis in het internationaal recht en zijn ze niet geautoriseerd door de VN-Veiligheidsraad.
Het is vooralsnog onduidelijk hoe Trump de Chinezen wil dwingen om zich aan de sancties te houden. Over een maand komt de Chinese president Xi Jinping naar Washington om met Trump te praten over een verlenging van het bestand in hun handelsoorlog. De Amerikaanse president loopt het risico dat hij Xi voorafgaand aan dat cruciale bezoek flink ergert met deze sanctielijst.
Iran lijkt niet onder de indruk. De Iraanse minister Ali Madanizadeh (Economische Zaken) zei dat Teheran „volledig voorbereid” is op de sancties. Die zullen volgens hem opnieuw uitlopen op een nederlaag voor de Verenigde Staten.
Daarbij speelt mee dat Iran zich bewust is van de kwetsbare positie waarin de VS zich bevinden, met name in relatie tot China. „De Verenigde Staten bevinden zich economisch gezien niet in een positie om hun betrekkingen met andere landen verder te beperken”, zei parlementsvoorzitter Mohammad Bagher Ghalibaf. Op sociale media noemde hij de Amerikaanse aankondiging „bombastisch”.