Home

Niet politie en OM, maar kabinet verantwoordelijk voor gevaar op snelweg

Boerenprotesten Er zijn doden gevallen bij boerenprotesten op de snelweg. Premier Jetten schuift de verantwoordelijkheid ten onrechte af op de politie en het Openbaar Ministerie, stelt Paul Bovend’Eert. Die ligt primair bij de minister van Justitie en Veiligheid en de premier.

Boeren rijden 14 augustus op de A59 naar het Brabantse provinciehuis in Den Bosch, om te protesteren tegen het intrekken van de stikstofvergunningen van vijf pluimveehouders.

Protesterende boeren die onlangs op snelwegen met hun tractoren op weg waren naar een demonstratie kunnen rekenen op forse kritiek van minister-president Rob Jetten. Tijdens zijn wekelijkse persconferentie zei hij op vrijdag 14 augustus: „Het is onacceptabel en onbegrijpelijk dat je op de snelweg demonstreert, in dit geval met tractoren, omdat het leidt tot zeer gevaarlijke situaties.” Diezelfde dag waren bij een ongeluk op de A59 bij Oss twee mensen om het leven gekomen, zes mensen raakten gewond. De botsing gebeurde in de staart van een file met boerentractoren. Die waren onderweg naar een boerenprotest in Den Bosch.

Jetten was niet blij met het optreden van de politie en het Openbaar Ministerie (OM). Zij zouden eerder hebben verklaard dat ze de boeren niet gingen tegenhouden vanwege het demonstratierecht. Dat is geen goed signaal, zo stelde de premier. „Dit moet worden nabesproken.” De minister van Binnenlandse Zaken Pieter Heerma (CDA), voegde hieraan toe dat de lokale driehoek van burgemeester, officier van justitie en politiechef „de demonstratie in goede banen moet leiden”. De minister gaat ervan uit dat er lokaal geëvalueerd wordt.

Paul Bovend’Eert is emeritus hoogleraar staatsrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

De laatste jaren komt het vaak voor dat demonstranten hun recht op demonstreren misbruiken door op de snelweg roekeloos actie te voeren, wat tot levensgevaarlijke verkeerssituaties kan leiden. Hoewel het demonstreren op de snelweg bij wet verboden is, en een verbod om daar te demonstreren als een rechtmatige beperking van het demonstratierecht wordt beschouwd, zijn opeenvolgende kabinetten de afgelopen jaren ronduit lankmoedig geweest om in te grijpen. Het kabinet-Jetten schuift in zijn eerste reactie eveneens ten onrechte de verantwoordelijkheid voor mogelijk falen af op het OM en de lokale autoriteiten, terwijl de verantwoordelijke bewindspersoon en het kabinet hier de primaire verantwoordelijkheid dragen.

De uitlatingen van de minister-president en de minister van Binnenlandse Zaken doen het voorkomen alsof de regering in deze kwestie aan de zijlijn staat. Zij wekken de suggestie dat zij hier niets aan kunnen doen, omdat zij het beschouwen als een aangelegenheid van het OM en lokale autoriteiten.

Onder gezag regering

Niet is echter minder waar. In het Nederlandse rechtssysteem is het OM geen onafhankelijke autoriteit die geheel zelfstandig besluit tot opsporing en vervolging van personen voor strafbare feiten en daartoe de politie aanstuurt. Het OM functioneert onder het gezag van de regering, en de minister van Justitie en Veiligheid in het bijzonder. Hij of zij voert daartoe regelmatig overleg met de top van het OM, het College van procureurs-generaal.

De minister kan beleidsregels en richtlijnen geven aan het OM en heeft de bijzondere bevoegdheid algemene of zelfs concrete aanwijzingen te geven aan alle leden van het OM om personen te vervolgen of niet te vervolgen. Het OM is geen onderdeel van de onafhankelijke rechtsprekende macht, maar een overheidsdienst onder het gezag van de regering. Door deze gezagsverhouding wordt gewaarborgd dat een politiek orgaan, de minister, verantwoordelijk is voor het handelen en nalaten van het OM en dat het politieke orgaan daarover verantwoording aflegt aan het parlement. Zo krijgt de democratische controle op het opsporings- en vervolgingsbeleid gestalte in ons land.

De minister-president wekt ten onrechte de indruk dat zijn regering geen verantwoordelijkheid draagt voor het optreden van het OM en de politie. De primaire verantwoordelijkheid ligt hier echter bij de minister van Justitie en Veiligheid en de minister-president die met het oog op op het algemeen regeringsbeleid eveneens verantwoordelijkheid draagt. Dat de minister van Binnenlandse Zaken de zaak afschuift naar de lokale autoriteiten is nogal gênant.

Voortouw nemen

Het kabinet dient het voortouw te nemen en maatregelen te treffen zodat burgers niet meer blootgesteld worden aan gevaarlijke verkeerssituaties door demonstranten die op de snelweg niets te zoeken hebben. Het is hoog tijd dat de minister duidelijke aanwijzingen geeft aan het OM om te komen tot vervolging van personen die dergelijke gevaarlijke verkeerssituaties veroorzaken.

De gang van zaken is relevant tegen de achtergrond van een aanstaande herziening van de wetgeving, die de verhouding tussen de minister en het OM regelt. Een initiatiefwetsvoorstel van Tweede Kamerlid Joost Sneller (D66) is door de Tweede Kamer aangenomen en op dit moment aanhangig in de Eerste kamer, waarbij de aanwijzingsbevoegdheid van de minister in concrete strafzaken ten aanzien van leden van het OM komt te vervallen. Deze aanpassing van de verhoudingen is te verdedigen, mits het OM onder het gezag van de minister blijft functioneren en deze algemene aanwijzingen kan blijven geven en politiek verantwoordelijk blijft. De gebeurtenissen van de afgelopen dagen geven wat dat betreft geen goed signaal af.

Politie, recht en criminaliteit

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next