ZAP Diplomaat, VN-gezant en voormalig vicepremier Sigrid Kaag was de vijfde Zomergast. Ze koos „menselijkheid” als rode lijn: van de geopolitiek, van haarzelf en als iets om naar te streven.
Janine Abbring kijkt in een ‘glazen bol’ naar de toekomst van Kaag.
Aan het einde van Zomergasten drinkt presentator Janine Abbring haar glas leeg en zet het omgekeerd op tafel, alsof ze een wesp probeert te vangen. Het blijkt haar glazen bol. „Ik zie, ik zie… een vrouw die ik écht heel stoer vind”, zegt ze met samengeknepen ogen. „Een vrouw die streng is voor zichzelf, veel mededogen heeft voor de ander… Ik zie ook een vrouw die de komende jaren niet alleen oma zal zijn. […] Dus Sigrid, zeg het mij, op welke verkeerde types ga je je nog storten de komende tijd?”
Nu buigt Sigrid Kaag (64) zich over het glas. Ze draait het rond met haar vingertoppen. „Nou, ik zal je zeggen: er zijn er veel van. Dat scheelt, de arbeidsmarkt vloeit over van kansen…” De toekomst als een leeggedronken glas vol ‘verkeerde types’; geen slechte metafoor voor de aflevering Zomergasten van zondagavond.
„Je moet wel een masochist zijn!”, had een van de dochters van Kaag gezegd, toen ze hoorde dat haar moeder te gast zou zijn in Zomergasten. Ja, om drie uur televisie te vullen. Maar ongetwijfeld ook om wat Kaag te verduren heeft gehad in de Nederlandse ‘publieke arena’ toen ze vicepremier was: pesterij, bedreiging, seksisme, intimidatie. Na de val van Rutte IV ging Kaag liever naar Gaza dan dat ze zich opnieuw verkiesbaar stelde – ze werd er humanitair coördinator voor de VN.
Ze koos een duidelijke lijn voor de avond. Alle fragmenten draaien om „menselijkheid”, zoals Kaag het omschrijft: „Dat we heel vaak het goede zoeken, en het goede willen doen, in een heel weerbarstige omgeving.” Menselijkheid kwam op verschillende manieren terug.
Veel fragmenten – zoals een scène uit de film Paradise Now, over twee Palestijnse mannen die een zelfmoordaanslag plannen – illustreren de menselijkheid van geopolitiek. Van de slachtoffers die in de raderen van de oorlogsmachines vallen, én van de diplomaten: de wrange beleefdheden die je uitwisselt vóór een gesprek met een oorlogsmisdadiger.
Kaag sprak in detail over onderhandelingen met Benjamin Netanyahu. De ruimte voor humanitaire hulp in Gaza werd steeds kleiner, toch bleef ze in gesprek om iets voor elkaar te krijgen. Voor Palestijnen die „recht hebben, niet alleen op een eigen staat, maar op een menswaardig bestaan”.
Andere fragmenten toonden menselijkheid als verloren goed. Aan de hand van een interview met Dag Hammarskjöld, voormalig secretaris-generaal van de VN, beklaagde Kaag de tandeloosheid van de organisatie. „We zitten in een hele gevaarlijke periode. En die arme VN die dobberen daar aan de zijlijn.” Met een speech van de Canadese premier Mark Carney beargumenteerde Kaag dat we ons „moreel moeten bewapenen” en in verzet moeten komen tegen extreemrechts, of het verval van internationaal recht.
Tot slot toonde Kaag, zoals dat verwacht wordt in Zomergasten, haar eigen menselijkheid. We zagen haar liefde voor de Libanese cultuur en Franse cinema. Maar interessanter was een documentaire over Jacinda Ardern – de premier van Nieuw-Zeeland die aftrad na meedogenloze seksistische intimidatie. „Je ziet in haar ogen en stem verbijstering. […] Haar gezin heeft er niet voor gekozen.” Dat herkende Kaag.
„Intimidatie wordt toegestaan, en zolang het wordt toegestaan, zal het blijven gebeuren. Want eerlijk gezegd, mensen met een beetje gezond verstand en professionele keuzes zullen ook denken: wat zit ik hier te doen?” Zo vertrok Kaag uit de Nederlandse politiek. „Ik was bijna zeven jaar actief geweest. […] Ik had gegeven. Zo mooi in het Frans: j’ai donné.”
Abbring interviewde alert, en dat leidde tot wat nieuwtjes. Kaag blijkt waarzeggersdromen te hebben, een connectie met „een zesde zintuig” dat een noodlanding voorspelde. En de VS wilden Kaag ooit als secretaris-generaal van de Verenigde Naties, maar Nederland was druk met de campagne voor het voorzitterschap van de VN-Veiligheidsraad, en liet „het op zijn beloop”.
Maar meestal hield Kaag zelf de controle over de avond: een ontnuchterend college over een zinkende wereldorde. Alles verteld met dansende handen en duizend tinten glimlach: van hoopvol tot wrang. Soms leek ze de presentatie erbij te doen: „Daar hebben we zo meteen nog een fragment over!” Pogingen van Abbring om kritiek op Rutte of de verrechtsing van D66 los te krijgen, werden door Kaag genegeerd of veralgemeniseerd.
Toch had ze een duidelijke boodschap voor Nederland. „Ja, we waren het land van het eerste homohuwelijk”, zegt ze. „Maar kijk eens hoe we nu met elkaar omgaan. […] Dat progressieve zelfbeeld dat we hebben, sociaal gezien, dat is er al niet meer. Het is prima als je oerconservatief wilt zijn, maar geef het dan gewoon toe.” Abbring lacht: „Als dit een geschreven interview was, zou dat mijn kop zijn.”
Of die boodschap overkomt? Waarschijnlijk niet. Op X was men vóór de uitzending vooral bezig met het ‘onherkenbare uiterlijk’ van Kaag op de aankondigingsfoto van haar aflevering. Zo vroeg opinie(ver)maker Victor Vlam zich af:„Te veel cosmetische chirurgie of te veel Photoshop?” Je hoopt dat ze iets over menselijkheid hebben geleerd.