Criminaliteit Sinds oktober vorig jaar zijn al zestig brandweerkazernes doelwit geworden van inbraak. Met het materiaal dat wordt gestolen, redt de brandweer levens: in noodsituaties telt iedere seconde. Maar juist die effectiviteit van het gereedschap is ook voor inbrekers aantrekkelijk. „Iedere seconde sneller, verkleint de pakkans.”
De technische recherche doet onderzoek na de inbraak bij de brandweerkazerne in Sassenheim.
Drie nachten op rij was het deze week raak. Een brandweerkazerne in het Zuid-Hollandse Sassenheim was dinsdag- op woensdagnacht het meest recente doelwit, meldt het Leidsch Dagblad. Een getuige zag twee inbrekers op een fatbike vluchten. De nacht ervoor was het een brandweerkazerne in het Noord-Hollandse Spaarndam, rapporteert de politie. Weer een nacht eerder, iets na half drie, werd een inbraakpoging gedaan bij een brandweerkazerne in Huizen, ook in Noord-Holland.
In de twee weken ervoor werd bij bijna tien andere brandweerkazernes ingebroken, van bemande en onbemande brandweerkazernes in het Zuid-Hollandse Maassluis tot aan Ten Boer in Groningen. Het afgelopen jaar werd bij sommige brandweerkazernes tegelijkertijd, op hetzelfde moment in de avond, ingebroken.
Meer dan zestig brandweerkazernes waren sinds oktober vorig jaar doelwit, blijkt uit recente cijfers van de politie. Die vermoedt dat dat aantal zal stijgen. In heel 2025 werd bij achttien kazernes ingebroken, in het jaar ervoor bij zeventien.
De inbraken ziet de politie als delicten met prioriteit en als kwetsbare delicten, omdat het materiaal betreft dat mensenlevens redt. „We proberen onze heterdaadkracht te versterken en geven landelijk prioriteit aan de opsporing”, zegt Dick Goijert, woordvoerder van de korpsleiding van de landelijke politie. De Veiligheidsregio’s van bij de recent ingebroken brandweerkazernes geven aan dat het voor journalisten niet mogelijk is om de kazernes te bezoeken. Ook doen ze geen uitspraak over wat gestolen is om het politieonderzoek niet te verstoren. „We willen kwaadwillenden niet onnodig informatie geven en op verkeerde ideeën brengen”, laten de Veiligheidsregio’s Haaglanden en Utrecht weten.
Het opvallendste patroon in de inbraken waar de politie uitspraak over kan doen, is het materiaal dat wordt gestolen. De inbrekers zijn uit op het hydraulisch gereedschap van de brandweer: redgereedschap dat als hulpmiddel wordt ingezet om beknelde mensen en dieren te bevrijden uit benarde situaties, zoals na verkeersongevallen of instortingen. Hydraulisch betekent dat het redgereedschap wordt aangedreven met hoge oliedruk die met een motor of op handkracht naar het gereedschap wordt gepompt. Het kan een schaar, spreider of ram zijn.
De brandweer kan geen uitspraak doen over of het gereedschap gekenmerkt is, met bijvoorbeeld een logo. Op de reguliere markt kan redgereedschap tienduizenden euro’s kosten. De straatwaarde ligt enkele duizenden euro’s lager.
Criminelen gebruiken het voornamelijk voor ramkraken op bijvoorbeeld juweliers en elektronicawinkels. De politie heeft het afgelopen jaar meermaals redgereedschap aangetroffen bij inbraken in winkels, zegt politiewoordvoerder Goijert.
Op 12 augustus werd bij een juwelier in Den Bosch een poging tot inbraak gedaan met (mogelijk recent) gestolen redgereedschap, meldt Omroep Brabant. De inbrekers hebben met een hydraulische spreider het rolluik van de winkel geprobeerd te openen. Zonder succes hebben de inbrekers het gereedschap voor de winkel laten staan en zijn gevlucht.
Met de hulpmiddelen kan de brandweer levens redden. Bij ernstige ongevallen telt iedere seconde, zegt een brandweerwoordvoerder. Volgens de 62-jarige Evert Jansen – voormalig inbreker en nu werkzaam als ervaringsdeskundige en preventieadviseur – geldt voor inbrekers hetzelfde. „Iedere seconde sneller, verkleint de pakkans”, zegt Jansen. Hij vermoedt dat juist die effectieve snelheid het redgereedschap zo geliefd maakt bij inbrekers.
Jansen gebruikte vroeger een gestolen koevoet om in huizen en bij bedrijfspanden in te breken. Voor zijn preventiebureau loopt hij in opdracht van de gemeente, politie of verzekeringsmaatschappijen rond in woonwijken en op bedrijfsterreinen, om geënsceneerde inbraken uit te voeren. Zijn werk doet hij om bewustwording rond inbraken te vergroten. De wijkagenten zijn altijd op de hoogte als Jansen aan het werk is.
Jansen: „Ik loop een bedrijfspand binnen en doe alsof ik de directeur ken. Assistentes geven vaak makkelijk de deurcode om verder naar binnen te gaan. Achteraf schrikt het bedrijf en nemen ze strengere veiligheidsmaatregelen. Of ik haal sleutels uit de sloten van geparkeerde elektrische fietsen in achtertuinen. De fietssleutels stop ik in enveloppen en gooi ik door de brievenbussen. Even later bel ik aan bij de bewoners met de vraag of ze mij hebben opgemerkt.”
Vroeger bewaarde hij zijn koevoet in huis. Volgens hem is de kans groot dat de criminelen het redgereedschap van de brandweer eenmalig gebruiken of direct over de grens verkopen. „Zonder kennis van hoe het redgereedschap werkt is het moeilijk te gebruiken. Misschien stelen de inbrekers het in opdracht van ervaren criminelen.”
Bij een inbraak op een brandweerkazerne in het Noord-Hollandse Aalsmeer heeft de politie het eerste weekend van augustus vier inbrekers op heterdaad betrapt. Drie mannen van begin twintig en een vijftienjarige jongen, alle vier woonachtig in Amsterdam, werden na een korte achtervolging ’s nachts opgepakt.
De politie vermoedt dat er meerdere groeperingen actief zijn. Forensisch specialisten van de politie voeren sporenonderzoek uit. Goijert: „We proberen een relatie te leggen tussen de inbraken in verschillende veiligheidsregio’s, zoals terugkerende auto’s.”
Sinds vorige week hebben de politie, de brandweer, het Openbaar Ministerie en de Veiligheidsregio dagelijks overleg over aanvullende maatregelen. „Er zijn maatregelen op landelijk en regionaal niveau in de maak, die gaan onder andere over het verkleinen van de buitkans en het vergroten van de pakkans”, zegt een brandweerwoordvoerder.
Politiewoordvoerder Goijert spreekt van een „duivels dilemma” op de brandweerkazernes. Ze moeten kiezen tussen levens redden of voorkomen dat levensreddende middelen worden gestolen. De levensreddende materialen moeten voor het grijpen liggen in de kazernes. Het bewaren van de hulpmiddelen in kluizen kan ertoe leiden dat de brandweer te laat uitrukt, zegt Goijert.
Volgens de Veiligheidsregio’s zijn reserve hulpmiddelen inzetbaar, maar die moeten op andere locaties opgehaald worden – daarmee gaat kostbare tijd verloren.
Goijert zegt dat burgers – omwonenden of voorbijgangers – een cruciale rol kunnen vervullen in het opsporen van de inbrekers. Een omwonende van de kazerne in Aalsmeer zorgde ervoor dat de vier Amsterdamse inbrekers op heterdaad werden betrapt.
Nederland telt ruim negenhonderd brandweerkazerne, bemand en onbemand. „Als je in de buurt van de kazernes geluid hoort van ramen die worden ingeslagen, is er fors geweld bij deuren of staan er onbekende auto’s lang stil: bel de politie”, zegt Goijert. Voormalig inbreker Jansen sluit zich daarbij aan en voegt toe: „Al zeg je vriendelijk ‘hoi’ tegen een vermoedelijke inbreker, dan weet die persoon dat-ie in de gaten wordt gehouden.”