Home

Brand verwoest Europese natuur, maar herten smullen straks van nieuw groen

De Europese natuur heeft het deze zomer zwaar te verduren. Tot nu toe is al meer dan 500.000 hectare natuur verbrand. Lezers vroegen zich af of 'verbrand' betekent dat de afgebrande gebieden nu onleefbaar zijn. "Het ecosysteem wordt gereset."

De gigantische natuurbranden die vorige maand woedden in Zuid-Frankrijk en Spanje zijn inmiddels onder controle. Maar er ontstaan nog steeds nieuwe branden in Europa, onder meer in Kroatië en België. Ook die verwoesten grote leefgebieden van dieren. Het aantal geëvacueerde mensen wordt bijgehouden, maar het is niet bekend hoeveel dieren op de vlucht zijn geslagen of zijn omgekomen.

De brand in het Belgische natuurgebied de Hoge Venen is extra verwoestend, doordat sprake is van een veenbrand. De veengrond staat daar in brand, wat betekent dat ook de bodem afbrandt. Volgens experts is dat funest voor het ecosysteem.

"De gevolgen die een natuurbrand heeft voor dieren en planten hangen af van de bodem", zegt Rudy van Diggelen, hoogleraar biologie aan de Universiteit Antwerpen. "In de Hoge Venen, maar ook bijvoorbeeld in Nederland, heb je een brandbare veenbodem. In Zuid- en Midden-Europa is de bodem in principe niet brandbaar. Daar branden de bovengrondse begroeiing en al het strooisel."

Maar ook de manier waarop een brand zich verspreidt bepaalt hoe groot de schade is. "Een brand die stilstaat, brengt veel meer schade aan dan een brand die zich snel verspreidt vanwege de wind, hoewel die laatstgenoemde er dramatischer uitziet. Zo'n brand tast de bodemgemeenschap vaak niet noemenswaardig aan", zegt Van Diggelen.

Als de bodem wel wordt aangetast, betekent dat dat de insecten en zaden die in de bodem zitten, verdwijnen. Dat gebeurt nu met de veenbrand in België.

"Het ecosysteem wordt als het ware gereset", zegt Van Diggelen. "Vaak gaat het om kilo's aan beesten per vierkante meter die verdwijnen. Het gaat om insecten die cruciale processen uitvoeren die nodig zijn voor de grond. Ze versnipperen bijvoorbeeld kleine deeltjes waarmee bacteriën en schimmels aan de haal gaan."

Voor grotere dieren - denk aan reeën, zwijnen, vossen en konijnen - zijn bosbranden een minder groot drama. Belgische media melden bijvoorbeeld dat door deze brand nog geen wilde dieren zijn gestorven. "Deze dieren zijn heel mobiel", vertelt Van Diggelen. "Zo weten ze vaak aan het vuur te ontsnappen. Ze zullen uiteindelijk ook terugkeren naar het verbrande gebied, zodra dat is hersteld."

Volgens ecoloog Leo Linnartz gaat daar niet eens zo veel tijd overheen. "Herten en reeën kunnen bijvoorbeeld onwijs genieten van het malse gras dat ontstaat nadat een gebied is afgebrand. Daarnaast houden ze van de malse blaadjes die groeien aan jonge bomen, die nog kort genoeg zijn om erbij te kunnen. Deze dieren horen tot de relatieve winnaars."

Kleinere dieren die leven van insecten en niet de grote afstanden kunnen afleggen die wilde dieren afleggen, komen na een bosbrand wel in de problemen, vertelt Linnartz. "Zo hebben bijvoorbeeld hagedissen dikke pech."

Het kan lang duren voordat een insectenpopulatie is teruggekeerd naar een verbrand gebied, maar bomen en planten groeien vaak snel terug. Van Diggelen: "Wortels en zaden die de brand hebben overleefd, leveren nieuwe bomen en planten. Als de brand zo hevig is dat ook zaden en wortels zijn verwoest, zorgen zaden die vanuit andere bossen of boomgroepen worden verspreid voor nieuwe begroeiing."

Maar dat betekent niet dat de begroeiing in het verbrande gebied straks weer helemaal hersteld is. "Er gaan ook bomen verloren die er al tweehonderd jaar staan", zegt Linnartz. "Die hadden veel boomholten waar ook weer dieren in konden zitten. De kleine bomen die we nu terugkrijgen, zijn een zwakke afspiegeling van wat de natuur voor de brand te bieden had."

Daarnaast kan een lang woedende brand ervoor zorgen dat er plantensoorten in het gebied gaan groeien die je er eigenlijk niet wil hebben. Denk aan onkruid, maar ook aan invasieve exoten. Dat zijn planten die er van nature niet thuishoren en schade aanrichten aan de omgeving.

Doordat de veengrond in België zorgt voor een bodembrand, zal het natuurlijke herstel daar een stuk langer duren. Beide experts vinden dit daarom hét moment om de grond daar brandbestendiger te maken, en het liefst ook in Nederland.

"Veen hoort eigenlijk kletsnat te zijn en dus niet te branden", zegt Linnartz. "Er zijn in de Hoge Venen allerlei ontwateringssloten aangelegd met als doel om veen te winnen."

"Het veen is daardoor veranderd in turf", vult Van Diggelen aan. "Dat is uitermate brandbaar; je gebruikt het in kachels. Aangezien de uitgedroogde veenlagen door de brand mogelijk verdwijnen, hebben we nu de kans de goede omstandigheden te herstellen. We zullen zo'n gebied straks structureel moeten vernatten."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next