Home

Tadej Pogacar haalt alle spanning uit Tour: 'Historie schrijven is totaal niet saai'

Een straatlengte voorsprong in het klassement, vijf ritzeges en geen moment van zwakte. Tadej Pogacar evenaarde het recordaantal eindzeges in de Tour de France met drie weken totale dominantie. Maakt de Sloveen wielrennen saai? Dat ligt eraan aan wie je het vraagt.

De schuchtere jongeling die in 2020 bij zijn eerste Tour-zege veelal korte en saaie antwoorden gaf, is al lang verdwenen. Maar op de persconferentie in Belfort na de dertiende etappe van de 113e Ronde van Frankrijk, valt Pogacar opeens een paar seconden stil. "Ik weet niet hoe ik antwoord moet geven op deze vraag", stamelt hij.

De vraag ging over Lance Armstrong. De Amerikaan geniet er nog steeds van om te provoceren en dus stelde hij in zijn podcast The Move dat Pogacar prima weet dat het Tour-record op zeven eindzeges staat.

Dat is het aantal keer dat Armstrong in het geel in Parijs aankwam, maar al die overwinningen zijn hem ontnomen vanwege grootschalig dopinggebruik. In de boeken staat nu dus dat Pogacar mederecordhouder is met vijf Tour-overwinningen. Hij is de vijfde man die dat presteert, na Jacques Anquetil, Eddy Merckx, Bernard Hinault en Miguel Induráin.

Armstrong spoorde Pogacar vanuit de Verenigde Staten aan om nu voor acht Tour-zeges te gaan. "Tadej weet precies wat het record is. Hij blijft nu echt niet thuiszitten", zei de Texaan. Pogacar, die drie weken lang op elke mogelijke vraag antwoord gaf, besluit in Belfort om deze gevaarlijke klip te omzeilen: "Ik kan er niks over zeggen", zegt hij. "Ik denk alleen aan geel in Parijs."

Vanwege de vervuilde geschiedenis is het ingewikkeld om vergelijkingen te maken tussen de periode-Armstrong en nu. Ondanks de commotie rond de nachtelijke dopingcontroles in de tweede week van de Tour is er geen enkel bewijs dat Pogacar en zijn ploeg UAE Team Emirates linkt aan verboden middelen. "Ik heb niet het gevoel dat er verdenkingen zijn over mij", zei Pogacar zondag.

Toch deden de afgelopen drie weken op één gebied wel sterk denken aan de Tours van 1999 tot en met 2005, die gedomineerd werden door Armstrong en zijn US Postal-team. De ongenaakbare Pogacar en het ijzersterke UAE haalden vanaf de eerste week alle spanning uit de strijd om de gele trui.

Pogacar won waar hij wilde. Als de Sloveen bergop aanviel, dáchten zijn rivalen niet eens aan reageren. Op Alpe d'Huez verpulverde hij een 31 jaar oud klimrecord van Marco Pantani. Een dag later reed hij doodleuk 50 kilometer op kop voor zijn ploegmaat Isaac del Toro.

En dus volgden - net als aan het begin van deze eeuw - de klachten dat zoveel overmacht de Tour oninteressant maakt. In etappes waarin Pogacar níét om de zege meedeed - zoals de negende rit die Mathieu van der Poel won - konden wielerliefhebbers genieten van zeer spannende topsport. Op de dagen van 'Pogi' stond de uitslag voor de start al bijna vast.

Betekent dat dat Pogacar het wielrennen saai maakt? "Voor tv-kijkers misschien", zei Remco Evenepoel, die op 6.26 minuten als tweede eindigde in het klassement. "Maar ik zie het toch echt anders. Ik vind de prestaties van Tadej ontzettend indrukwekkend. Het is niet makkelijk wat hij doet. Hij is een superster, de beste ooit. Ik vind het mooi om van dat heel dichtbij te zien. We moeten niet vergeten dat hij hier geschiedenis schrijft. Dat lijkt me totaal niet saai."

Ook bij een andere grote concurrent zien ze geen probleem in de overmacht van Pogacar en UAE. "Ik ben de laatste die iets vindt van dominante renners en ploegen in het wielrennen", zei teambaas Richard Plugge van Visma-Lease a Bike in gesprek met NU.nl.

"Wij hebben dit jaar de Giro gedomineerd (kopman Jonas Vingegaard won in Italië, red.) en we zijn de enige ploeg die sinds 2019 tien grote rondes heeft gewonnen."

Volgens Plugge hoort het bij topsport dat één of twee personen domineren. "Kijk naar Federer en Nadal in het tennis, of Messi in het voetbal. In het wielrennen heb je nu Tadej en Jonas. Ik vind dat juist het mooie aan sport. Dominantie zorgt voor de mooiste verhalen, en op een gegeven moment wordt de dominante sporter aangevallen door iemand die dan beter is."

In het wielrennen zou dat Paul Seixas kunnen zijn. De negentienjarige Fransman maakte veel indruk in zijn eerste Tour met een vierde plek in het eindklassement. Seixas of de drie jaar oudere Del Toro lijken de potentiële troonopvolgers, maar het zal nog wel een paar jaar duren voor zij echt aan Pogacar kunnen tippen. Tot die tijd kijken we naar een ongenaakbare Pogacar, en misschien ooit wel naar een achtvoudig Tour-winnaar.

Source: Nu.nl sport

Previous

Next