is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.
Een dode wolf in Twente blijkt illegaal doodgeschoten. Waarom hoopten politie en provincie dat onder het tapijt te kunnen schuiven?
Het recente rapport van wildlifecrimeonderzoeker Pauline Verheij over systematische vervolging van wolven in Nederland (er zouden minstens 41 wolven gestroopt zijn, betoogde ze) lag nog na te smeulen, of een nieuwe illustratie diende zich aan. De wolf die op 9 april in een zijtak van het Twentekanaal bij Ambt Delden werd gevonden, blijkt doodgeschoten. Eerder al uitte de politie het vermoeden dat het hier geen natuurlijke doodsoorzaak betrof, maar lang hulde de dienst zich in stilzwijgen.
Terwijl al binnen enkele dagen bekend was dat het dier door een kogel om het leven was gekomen. Dat bleek deze week uit berichten van de Stichting Wolven Belangen. Die had daags na de vondst van de dode wolf een Woo-verzoek ingediend bij de provincie Overijssel om inzage te krijgen in de interne communicatie rond de wolf. Uit appverkeer bleek dat de politie al kort na de vondst had bevestigd dat de wolf was doodgeschoten. Een medewerker van de provincie gebood dat ‘niet aan de grote klok’ te hangen.
Opmerkelijk, niet alleen vanwege het doodschieten, maar meer nog door het verzwijgen ervan door de politie en andere autoriteiten. Ook ik ben door die politie weleens met het bekende kluitje in het riet gestuurd, omdat ‘we niets kunnen zeggen zolang het onderzoek nog loopt’. Het valt te hopen dat onderzoek naar de dader(s) inderdaad nog loopt, maar wat was ertegen om alvast te erkennen dat hier een beschermd dier illegaal om het leven was gebracht?
In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.
Dat wolvenstroperij bestaat, valt moeilijk te bewijzen, maar wordt wel steeds duidelijker. Wie zijn oor weleens te luisteren legt op ‘het platteland’, kan al lang verhalen horen over hoe het ‘probleem wolf’ lokaal wel eventjes wordt aangepakt. Er klinken ’s avonds en ’s nachts knallen waar niemand naar vraagt; ‘iedereen’ weet om wie het gaat en wie hij (het zijn doorgaans mannen) daar in het vizier had.
Intussen wordt wolvenmoord openlijk en ietsje minder openlijk toegejuicht op sociale media. In de Facebookgroep ‘Geen wolf in cultuurlandschap’ schreef iemand bijvoorbeeld: ‘Hulde aan de held die het gedaan heeft. Houd je kaken stijf op elkaar.’ De reactie kreeg 176 likes (stand afgelopen woensdag). In de besloten Facebookgroep ‘Geen wolf zoekt leden’ heeft ene Hans Woudstra een welwillende tip voor de amateuristische stropers van Twente: ‘Ze hadden dat dier gelijk moeten inkuilen. Dan was het gewoon rustig geweest.’
Het voorval in Twente staat niet op zichzelf: bij het afschieten van ‘probleemwolf Bram’ op de Utrechtse Heuvelrug tekende zich eenzelfde houding af. De wolf werd, na meerdere bijtincidenten met mensen, afgeschoten op 1 december afgelopen jaar. Het probleem: de ingehuurde jagers van de Faunabeheereenheid vuurden hun dodelijke salvo om 23.10 uur. Volgens de afschotvergunning mocht dat alleen tot één uur na zonsondergang, wanneer het nog licht genoeg is om zo goed mogelijk te kunnen zien of de juiste wolf wordt geschoten. Die dag ging de zon rond 16.30 uur onder. Rond 17.30 uur hadden de uitvoerders hun geweren dus moeten opbergen.
Een ‘lichte overtreding’, oordeelde de provincie mild. Ernstiger is dat dit niet aan het licht kwam door eigen onderzoek of openheid, maar pas na Woo-procedures van volhardende dierenbelangengroepen, in dit geval de Werkgroep Wolf Leusden.
De wolf mag dan Europees beschermd zijn, op beveiliging van politie en provincies in Nederland hoeft het teruggekeerde roofdier niet erg te rekenen. Een lafhartige houding waarmee de instanties uiteindelijk in eigen voet schieten.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant