Home

‘Nadeel van al het hout: door de splinters heb je zo een gat in je ebolapak’

In de Congolese stad Beni wordt de laatste hand gelegd aan een ebolacentrum, ziet verpleegkundige Ronald Kremer. Het ontwerp is zo transparant mogelijk. ‘Het idee is echt dat mensen kunnen zien: daar ligt mijn moeder.’

‘Van bovenaf zien de bomen eruit als grote stronken broccoli, met daartussen de oranje lijnen van de zandwegen en af en toe een zilverkleurig lijntje van een rivier. Toen we de landing inzetten, kon ik Beni vanuit de lucht al zien liggen in een bergachtige omgeving. Het is best een grote stad met kerken en wat hogere gebouwen.

‘Het vliegveld ligt iets buiten Beni. Dan kom je door het Congo dat ik ken van mijn vorige missies. De kleine huisjes met vrouwen die voor hun voordeur zitten en cassavewortels malen. Ik kreeg echt zo’n emotioneel gevoel van thuiskomen.

‘Het vliegveld hangt vol met waarschuwingsposters over ebola. Ik moest om de haverklap mijn handen wassen en mijn temperatuur laten opmeten. Soms zat er maar 20 meter tussen. Maar zodra je de auto instapt, zie je dat het leven van alledag gewoon doorgaat. Met heel veel mensen op straat, de motortaxi’s die mensen vervoeren en de markt die opengaat. Congo heeft 112 miljoen inwoners. Ebola heeft bijna drieduizend mensen en hun families getroffen, slechts een fractie van de hele bevolking.

Verpleegkundige Ronald Kremer (64) doet deze zomer voor de Volkskrant verslag vanuit een ebolakliniek van Artsen zonder Grenzen in de stad Beni in de Democratische Republiek Congo.

‘De bekendste rebellenbeweging, M23, heeft Goma, de provinciehoofdstad van Noord-Kivu, en een groot gebied eromheen in handen. Zij zitten een stuk zuidelijker dan Beni. De veiligheidssituatie is hier een groot probleem. De oude overheid van Goma is hiernaartoe verhuisd, maar er zijn verschillende strijdgroepen die ook een rol spelen in de omgeving. Zij plegen aanvallen op dorpen en soms ook op Beni zelf.

‘Je bent daar meteen mee bezig als je aankomt. Hoe kijken mensen naar je? Is het vijandig, is het vriendelijk? Het voelde vandaag gewoon prima. Er wordt ‘muzungu’ (vreemdeling, witte, red.) naar me geroepen, maar niet op een boze manier.

‘Het ebolabehandelcentrum wordt gebouwd op een voetbalveld in de stad, op 10 minuten rijden van onze compound. Er zijn zeker honderd mensen aan het werk. Zo’n centrum gebruikt enorm veel water en water komt hier niet zomaar uit de kraan. Ze hebben 70 meter diep moeten boren om een goede stroom water te krijgen. Ze zijn nu bezig de tenten op te zetten op een soort funderingen van cement. Dat is gemaakt om een stevige bodem te hebben, maar ook een bodem die je goed kunt schoonmaken.

‘Ik hoop dat het centrum volgende week opengaat. Je kunt de contouren al goed zien. De tenten worden in een U-vorm opgesteld, waardoor bezoekers heel dicht bij alle patiëntenkamers kunnen komen. Het idee is echt dat mensen kunnen zien: daar ligt mijn moeder. De patiënten kunnen straks ook buiten komen zitten en met hun geliefden praten op een veilige afstand van iets meer dan twee meter.

‘Als ik terugdenk aan de uitbraak in Sierra Leone (in 2014, red.) dan is het een verschil van dag en nacht. Toen was het één groot vierkant terrein met een omheining op veertig meter afstand. Die geslotenheid heeft iets heel geheimzinnigs en dat werkt geruchten in de hand. Er gingen verhalen rond dat je doodgaat als je zo’n ebolacentrum ingaat en dat je organen worden gestolen.

‘Je wilt niet dat mensen bang zijn voor het ebolacentrum. Daarom worden de afscheidingen en looproutes ook zoveel mogelijk van hout gemaakt in plaats van oranje plastic. Dat oranje gaas was echt typisch voor ebola en had een nare bijsmaak gekregen. Het hout is lokaal. Het terrein lijkt meteen een beetje op het lokale ziekenhuis.

‘Het enige nadeel is dat er spijkers en splinters aan zitten. Ik zag een stuk hout dat aan de bovenkant volledig versplinterd was. Als je daar langs loopt, heb je zo een gat in je ebolapak. Daar moet dus nog wel wat werk gebeuren.

‘Ik ga zo naar bed. Het was een lange eerste dag. Ik wou dat we alleen het centrum hoefden te runnen, maar er komt zoveel meer bij kijken. Ik ga morgen naar een lokale kliniek die Artsen zonder Grenzen ondersteunt. We moeten ook snel beginnen met het trainen van medewerkers voor het ebolacentrum.’

Op weg naar ebolagebied: ‘Je moet de balans zoeken tussen veiligheid en menselijkheid’

Het ebolavirus grijpt in Oost-Congo sneller om zich heen dan ooit tevoren. Verpleegkundige Ronald Kremer reageerde op een hulpoproep van Artsen zonder Grenzen. Zijn laatste missie was jaren geleden, maar zodra hij het ebolapak aantrekt ‘komt alles terug’.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next