Politiek journalisten Wouke van Scherrenburg en Bob Scholte (Left Laser) delen een confronterende stijl – en sparen ook elkaar niet. Hij: „Ik zie een gebrek aan zelfstandig denkvermogen in de journalistiek.” Zij: „Wat zit jij nu te blaten, zeg.”
Bob Scholte en Wouke van Scherrenburg.
Journalist en communist Bob Scholte (31), bekend en berucht van video’s die hij maakt voor het linkse mediaplatform Left Laser, komt met de trein vanuit Rotterdam naar Doetinchem. Daar woont journalist Wouke van Scherrenburg (79), die jarenlang de eveneens roemruchte politiek verslaggever was van televisieprogramma Den Haag Vandaag. Zij stelde de locatie voor dit interview voor, hotel-restaurant Villa Ruimzicht, dicht bij haar huis.
Hij komt rustig binnen, bijna stil. Zij vertelt. Lopend onder de grote bomen in de tuin van het restaurant: „Héérlijk hier, één boom is tien airco’s!”
Haar Haagse loopbaan eindigde kort na de moord op Pim Fortuyn in 2002, waarover later meer. Hij brak door met een video waarin hij Fortuyns moordenaar opzocht, Volkert van der Graaf.
Als ze dat hoort, zegt Wouke verbaasd: „Echt?”
„Ja, ik heb Van der Graaf twee keer gesproken.”
Wouke: „Nu herinner ik het me. Oooo, jéétje. Dus ook vandaag word ik weer achtervolgd door Fortuyn.”
In de video achtervolgt Scholte Volkert van der Graaf in diens straat met de vraag waarom hij Fortuyn vermoord heeft. Hij wilde dat weten, vertelt hij, omdat hij als linkse activist en filmmaker vaak met Van der Graaf geassocieerd wordt. „Het hele linkse milieu- en dierenrechtenactivisme is door hem bevlekt. Hij pleegde een politieke moord, maar legde nooit uit waarom.” Na zijn herhaalde vraag vliegt Van der Graaf de cameraman aan. „Ik heb wekenlang buikpijn gehad. Ik zou dit verhaal nu beter hebben verteld, het was nog een maatje te groot voor me.”
Bob Scholte komt uit Groningen, daar werd hij op zijn veertiende actief lid van de (toenmalige) SP-jongerenvereniging ROOD. Hij las boeken over Lenin en Marx, maar ook „de hele propagandahandleiding van de NSDAP”, de partij van Adolf Hitler. „Ik heb allerlei politieke denkbeelden bestudeerd, ik vind primair materiaal heel interessant.”
Wouke: „Kom je uit een rood nest?”
Bob: „Neuh, een beetje vaag progressief, licht geëngageerd. Politiek was niet heel belangrijk. Mijn moeder heeft kunstgeschiedenis gestudeerd en werd daarna winkelmedewerker bij IKEA, mijn vader heeft de kunstacademie gedaan en gaf teken- en schilderles.”
Wouke van Scherrenburg heeft een VVD-achtergrond. Haar vader had een bouwbedrijf, haar moeder deed het huishouden. „Ik groeide op in het godgloeiend gelovige Ede. Mijn vader wilde niet dat we door het geloof geïnfecteerd zouden worden. Maar ik ging wel met Kerst naar de kerk, en dan kregen we boekjes van W.G. van de Hulst. Die gingen over hoe het goede overwint, daar zat ik echt bij te janken, zo mooi. Ik heb altijd een sterk rechtvaardigheidsgevoel gehad.”
De serveerster brengt de menukaarten, Wouke adviseert de salade met vis. Die staat er niet op, zeggen we. „Jawél”, zegt ze en speurt de kaart af. Met haar wijsvinger tikt ze op de salades, er is er eentje met gegrilde groenten en een met kip. „Gádverdamme, kippendij.” Tegen de serveerster: „Hebben jullie de salade met vis niet meer?” Die hebben we nooit gehad, zegt de serveerster. „Jawel, die heb ik hier drie jaar geleden nog gegeten. Nou, doe dan die groentesalade maar.” Bob kiest een club sandwich met cola en Wouke bestelt droge witte wijn. Tegen ons: „Ben ik de enige alcoholist hier?”
Ze belandden allebei per ongeluk in de journalistiek. Wouke werd op haar achttiende gevraagd bij een lokaal krantje in Oosterbeek, gemeente Renkum. Een paar jaar later werd ze opnieuw gevraagd, ditmaal als correspondent van de Arnhemsche Courant. „Toen wist ik: nu heb ik mijn plek gevonden. Ik vond het zo waanzinnig om te doen.”
Mediaplatform Left Laser begon als „een webwinkel die niet zo goed liep”, Bob verkoopt er nog steeds stickers met ‘Free Palestine’ en ‘No to NATO’. Met een actiegroep deed hij onderzoek, onder meer naar de vastgoedbelangen van Rotterdamse gemeenteraadsleden. Een van hen, Narsingh Balwantsingh van de PvdA, legde als gevolg daarvan zijn functie als raadslid neer. Bob: „Het werd door journalisten geprezen. Dat maakte indruk op me.”
Bob begon filmpjes te maken die hij, „met een knipoog”, communistische propaganda noemde. Hij nam het pseudoniem Bob Sneevliet aan, naar de marxist en revolutionair Henk Sneevliet (1883-1942). „In de comments begonnen mensen te zeggen dat dit precies was waaraan ze behoefte hadden.”
Wouke: „Hoe lang geleden is dat?”
Bob: „Drie jaar geleden, april 2023.”
Wouke: „O, nog maar nét! Je bent kersvers!” Ze lacht hard.
Bob: „En meteen in dat eerste jaar werd ik aangevlogen door Yoeri Albrecht en Kees Berghuis.” Albrecht, directeur van debatcentrum De Balie, en Berghuis, toenmalig VVD-woordvoerder, belaagden hem bij verschillende gelegenheden toen hij herhaaldelijk vragen bleef stellen. De Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) nam het voor hem op. „Ik dacht: dit is een vakbond die voor me opkomt. Ik wilde lid worden en dat mocht, als ik me aan een aantal journalistieke regels zou houden.” Een van die regels is dat in elk filmpje ook wederhoor moet zitten.
Bob Scholte en Wouke van Scherrenburg.
Inmiddels heeft Left Laser ruim 90.000 abonnees op YouTube en meer dan 164.000 volgers op Instagram. Via donatieplatformen kunnen mensen geld doneren, Bob zegt dat hij meer dan vijfduizend donateurs heeft.
Wouke: „Kun je daar een beetje leuk van leven?”
Bob: „Wel als ik zou willen.”
Sinds dit jaar maakt hij maandelijks 2.300 euro netto naar zichzelf over, vertelt hij. Zijn vijf parttime medewerkers krijgen 18 euro per uur.
„Ik worstel met het evenwichtige.”
„Ik vind het moeilijk om te doen alsof er twee gelijke kanten zijn. Als ik bijvoorbeeld een politicus en een benadeelde huurder spreek, heeft die politicus een ambtenarenapparaat en middelen, die kan zijn verhaal voorbereiden. Die huurder heeft dat niet. Maar goed, ik kwam er al gauw achter dat de meeste journalisten dat niet zo belangrijk vinden.”
Wouke: „Wát vinden de meeste journalisten niet belangrijk?”
Bob: „Evenwichtig verslag doen. Ik weet dat vrijwel alle schandalen die wij kennen van de staat, of van bedrijven, naar buiten zijn gebracht door journalisten. Dus ik kijk altijd Nieuwsuur, en ik lees interessante artikelen in kranten die mijn beeld bevestigen.” Kort lachje. „Maar de rest is natuurlijk verschrikkelijk.”
Wouke gaat rechtop zitten. „Wacht even, wácht even, wat bedoel je daarmee? Ik sla hier een beetje op aan, omdat ik naar jou heb geluisterd in de podcast van Gijs Groenteman [van de Volkskrant], die jij na afloop nota bene een goede interviewer noemde, slijmerd die je bent.”
Bob: „Ja, ik vond het een goed interview.”
Wouke: „Ja natuurlijk, want denk je dat hij kritische vragen stelt? Niet één! Niet één! Terwijl jij íédereen, íédereen, zelfs Floor Bremer, in mijn ogen een van de beste parlementair journalisten, in die podcast zit af te kraken.”
Bob: „En terecht.”
Wouke: „Niemand deugt volgens jou. Toen ik die podcast hoorde, was ik zó verbluft dat iemand zó genadeloos over de hele wereld kan oordelen. Wat ben jíj een zelfingenomen mannetje. En nu hoor ik daar in jouw woorden opnieuw iets van terug.”
Bob humt.
Wouke: „Kijk, ik kon net als jij lopen zuigen, zaniken en etteren, dat is jouw handelsmerk geworden, daar ben je nu populair mee. Populariteit is ook macht. En jouw macht zal toenemen, want ik zie veel reacties op jouw video’s als ‘he’s our man’ en ‘hij is de enige goeie parlementaire journalist’. Nou, en toen ik jou zo hoorde praten, dacht ik: lúl. Vind jij jezelf inderdaad de enige goeie?”
Bob: „Ik reageer hier graag op. Het ging erom dat Floor Bremer in een gesprek bij RTL Tonight wilde weerleggen dat Gidi Markuszower zeer vermoedelijk banden heeft met Israëlische veiligheidsdiensten. Daar heb ik moeite mee, want hij is afgewezen voor een ministerspost omdat hij banden had met een buitenlandse veiligheidsdienst. Maar zíj, „Floor Bremer, „deed in die talkshow net alsof het niet duidelijk is waarom hij geen minister mocht worden. Journalisten brengen alleen iets naar buiten als een autoriteit het heeft bevestigd. Ze denken niet zélf kritisch na. Natuurlijk gaat de AIVD niet bevestigen dat die man voor de Israëlische veiligheidsdienst werkte. Maar er zijn zó veel indicaties.”
Wouke: „Ja, indicáties. Een televisiejournalist, en jij moet dat weten, kan alleen iets zeggen als die zeker weet dat het klopt. Jij werkt voor jezelf, maar een journalist in dienst van een medium moet zorgvuldigheid betrachten.”
Bob: „Ik zie een gebrek aan zelfstandig denkvermogen in de journalistiek.”
Wouke, nu echt geïrriteerd: „Wat zit jij nu te blaten, zeg.”
„Er is zeker plek voor wat Bob doet. En ik vind dat ook leuk.”
Bob rolt een beetje met zijn ogen, Wouke reageert direct: „Wacht even, ik vind echt dat je heel goed bezig bent, hè. Anders had ik nu ook niet aan dit gesprek meegedaan.”
„Ja, van de interviewtjes die hij doet. Hij stelt terechte vragen en snijdt pijnpunten aan. Ik had zo ongelooflijk genoten van jouw interviewtje met die Gidi Markuszower”, het Tweede Kamerlid pleitte in een interview met Left Laser voor „maximaal geweld” tegen Palestijnse vluchtelingen bij de grens. „Hoe je zo’n video vervolgens in elkaar zet met die gedocumenteerde stukjes erbij. Het is snel, behapbaar, en dat bedoel ik niet denigrerend.”
Bob: „Ik vind dat journalistiek een emancipatoire rol heeft, en dat het de taak van de media is om de mensen te bereiken. En ik vind ook dat heel veel televisieprogramma’s en kranten worden gemaakt voor jóúw doelgroep, voor mensen van jouw leeftijd.”
Wouke: „Voor de boomers, bedoel je? Oh ja, boomers vond jij ook al niks.”
Bob: „Veel van de politieke journalistiek op televisie dient het wereldbeeld van ouderen. Er is amper ophef over hoe weinig geld er onder dit kabinet naar betaalbaar wonen gaat, terwijl het vóór de verkiezingen het belangrijkste onderwerp was, volgens de kiezer.”
Wouke: „Nou, ik heb daar in de door jou verafschuwde media genoeg over gelezen hoor. Over de toeslagenouders, over het gif dat er nu is in de maatschappij, over de klimaatverandering.”
Bob: „Ik vind het minimaal. En vanuit een oppervlakkig, sociaal-liberaal perspectief. Het doet geen recht aan het fundamentele wantrouwen van mensen in de overheid. Journalisten moeten veel meer die fundamentele vraag opwerpen: hoe betrouwbaar of capabel is de Nederlandse overheid? En: hoeveel wéten politici überhaupt? Ik merk vaak dat ik na een weekje onderzoek veel meer weet dan een gemiddelde politicus. En dat bedoel ik niet pedant.”
Wouke, milder: „Dat ben ik volstrekt met je eens. De kwaliteit van de Tweede Kamer was in mijn tijd een stuk beter. Toen zaten er ook wel klungels bij, maar die kregen als portefeuille dan de kokkelvisserij.”
Bob grinnikt.
Wouke: „Dat is echt zo, hè? Maar er zaten vooral veel kundige mensen. Die kennis is wég, het politieke geheugen is wég, het is zeer zorgelijk.”
„Omdat wij allemaal steeds zo achterlijk gekozen hebben. En door corona. Die heeft de sluimerende onvrede laten exploderen die bij Fortuyn al naar boven kwam. Ieder gevoel van saamhorigheid is verdwenen. Als ik ernaast zit, moet je het maar zeggen Bob, maar voor mij is dat het begin van de enorme polarisatie en verrechtsing die we nu zien. Altijd eerst de economie en altijd die middenklasse maar belasten. Ik ben ver weg gedwaald van de VVD, die was vroeger nog niet zo, hoor.”
Bob werd in Den Haag eerst gezien als „een stom YouTubertje”, zegt hij, maar hij merkt nu dat Left Laser steeds serieuzer genomen wordt. „Wat heel erg geholpen heeft, is dat wij eerder wisten dat Gidi Markuszower zich ging afsplitsen van de PVV dan PVV’ers zelf. Die video leidde ertoe dat meer mensen naar ons toe komen, ook andere journalisten. En politici en hun voorlichters zijn een stuk nerveuzer over wat we maken.”
„Ja, ik pikte het niet als eromheen gedraaid werd. Het verhaal gaat dat ik Ernst Hirsch Ballin”, voormalig minister van het CDA, „naar het toilet zou hebben achtervolgd. Maar dat was helemaal niet waar! Ik stond in de gang op hem te wachten en toen hij mij zag, glipte hij bij die plees naar binnen. Ik ben gewoon blijven staan omdat ik wist: er zit geen achteruitgang in die wc’s.”
Wouke: „Dat is ook mooie tv, dat wist Pim Fortuyn als geen ander. Hij waarschuwde me voorafgaand aan een televisieuitzending van RTV Rijnmond: als je mij díé vraag stelt, loop ik weg. Toen wist ik: die vraag ga ik dus wél stellen. Ik kondigde dat alvast aan bij mijn cameraman, en die zei: dan is wel de hele uitzending naar de gallemiezen, want die andere mannen aan tafel zijn supersaai.” Ze lacht.
„Hij heeft nog een boek voor me gesigneerd: ‘Voor de leukste kattenkop van Nederland, op mijn moeder na’. Na dat doodsaaie Paars II schudde hij de boel op. Iedere journalist is natuurlijk gék op reuring. Maar ik had geen sympathie voor hem, hij ook niet voor mij. Fortuyn zag me als een prima tegenstander. Hij had in Amerika geleerd dat je er één populaire journalist moet uitpikken om je pijlen op te richten, legde hij later uit. Nou, daarin was hij succesvol, ik ben geháát van hier tot in de hel.”
„Ik kende dat beroemde fragment van haar met Fortuyn.” Hij doelt op Fortuyn die, kort voor zijn dood, na aanhoudende vragen van Wouke van Scherrenburg zegt: ‘Ga lekker naar huis, koken, veel beter’. „Ik zie de overeenkomsten met wat ik doe.”
Wouke zegt snel: „Doorgaan en zuigen!” Ze lachen allebei.
Bob: „Ik wilde het zo niet zeggen, maar dat is het wel.”
Op de avond van de moord op Fortuyn, op 6 mei 2002, stond Van Scherrenburg bij het huis van Fortuyn in Rotterdam. „Fortuyn-aanhangers zeiden tegen me: ‘Hoe dúrf jij hier te komen?’ Maar ik sloot me af voor het gevaar, ik was aan het werk. Bob, herken jij dat?”
Bob knikt.
Wouke: „Na twintig minuten zei mijn cameraman dat we weg moesten, dat het te gevaarlijk was. Pas veel later realiseerde ik me hoe dreigend de situatie is geweest.”
Bob Scholte en Wouke van Scherrenburg.
Bij de begrafenis van Fortuyn was een spandoek te zien met de tekst ‘Wouke en Wim, hebben jullie nu je zin?’ Wim, dat was premier Wim Kok. Van Scherrenburg moest onderduiken van de NOS. „Ik werd naar een camping in de Achterhoek gestuurd, met een licht obese beveiliger van één meter zestig. Naast mijn één meter tachtig! Dan ging ik een boodschap doen en stond die man naast me om zich heen te kijken, ik werd er helemaal gestoord van. Na een week zei ik: ‘Je bent een schat, maar je moet naar huis. Zeg maar dat ik je ontslagen heb.’”
De ellende werd alleen maar erger, zegt ze, doordat „die verdomde LPF” in de Kamer kwam. „Elke dag gedoe, ruzie. Al die lange werkdagen voor niks. Ik reed eens naar huis met iemand naast me, en hij rukte ineens aan het stuur. Bleek dat ik recht op een muur af reed. Ik werd erg ziek. Ik was echt gevloerd, alles voelde zinloos. Ineens zo gehaat worden, die veranderde sfeer op het Binnenhof, geen dag meer werkplezier. Elke dag dacht ik na mijn werk: Jezus, wat een kutdag.” Ineens weer opgewekt: „Maar goed, ik heb alles overleefd!”
„Vorig jaar kreeg ik een kogelhuls toegestuurd op mijn kantoor. Maar een huls is geen kogel. Het hele idee van een dreigement is dat je laat zien dat je een kogel hebt. Een kogelhuls kan iederéén kopen.”
Wouke: „Zat er een boodschapje bij?”
Bob: „Ja, zoiets als: de volgende komt met een holle lading. Heel raar. Waarschijnlijk een referentie naar een hollow point bullet.” Die veroorzaken meer lichamelijke schade.
Wouke: „Schrok je niet?”
Bob: „Ik had twee dagen geen fijn gevoel. Maar het was zo knullig. Het adres was verkeerd geschreven, de postzegel was er rommelig opgeplakt.”
Bob: „Ik ben wel alert.”
Wouke begint over iets anders dat haar dwarszit. „Ik heb me echt in jou verdiept voor vandaag. Ik kwam een videofragment tegen waarin jij zei dat het schandalig is dat Zelensky geen verkiezingen organiseert en dat het belachelijk is dat er Nederlandse F16’s naar Oekraïne gaan. Toen dacht ik: Jezus, deze jongen verspreidt het Moskou-narratief!”
Bob: „In welke zin?”
Wouke: „Ik zie steeds twijfel bij jou over Oekraïne en Zelensky, maar geen woord van twijfel over de grote agressor die van geen wijken weet en kinderen deporteert. Die bussen en ambulances bombardeert.”
Bob: „Ik heb altijd gezegd dat dit volgens het internationaal recht een illegale militaire invasie is. Maar er zijn sancties tegen Rusland, ik lever dus geen steun aan Poetin. We hebben als belastingbetalers wél invloed op wat er in Oekraïne gebeurt.”
Hij begint over een onderzoek van Left Laser naar Nederlandse wapens die in handen zouden zijn gevallen van een extreemrechtse Russische groep die aan de kant van Oekraïne vecht. En hij zegt dat hij ideologisch moeite heeft met „een bepaalde nationalistische traditie in Oekraïne die fascistoïde is”. „Omdat ik weet: als deze mensen de macht krijgen, ga ík als eerste tegen de muur. Net als tijdens de oorlog gebeurde met de mensen uit mijn ideologische traditie. Daar zit mijn gevoeligheid.”
Wouke: „Als Rusland de oorlog wint, zijn wij aan de beurt. Jij ziet dat andersom?”
Bob: „Ik vind het zorgwekkend en problematisch dat we materiële steun leveren aan fascisten. Ik vind het heel opmerkelijk dat ik dat aan deze tafel moet toelichten, want een liberale krant zou antifascistisch moeten zijn.”
Wouke: „Hoe groot is die groep?”
Bob: „Dat is onduidelijk.”
Wouke, kortaf: „Ik zal het je zeggen: het is een hele kleine groep. Alle veiligheidsdiensten zeggen dat. En jij herhaalt hiermee het frame van Moskou. Ook als jij zegt dat het raar is dat er geen verkiezingen in Oekraïne zijn. Ik zeg niet dat jij een Poetin-versteher bent, dat geloof ik niet, maar wel dat Thierry Baudet dit had kunnen zeggen.”
Bob: „Maar wacht even…”
Wouke: „Nee, ik wacht niet, ik zég dit.”
Bob: „We geven militaire steun aan een regime dat geteisterd wordt door corruptie en oppositie verbiedt.”
Wouke, vol ongeloof: „Jij noemt de regering in Oekraïne een regime?”
Bob: „Een overheid, een… Maar hoe lang kan een overheid verkiezingen uitstellen?”
Wouke: „Zolang er oorlog is. Hoe moeten zij verkiezingen organiseren met al die vluchtelingen, met al die mannen aan het front die niet kunnen stemmen? Hoe? Jij maakt van een puntje, een púntje, een enórm spektakel. Ik had gehoopt dat je dat terug zou nemen, maar dat doe je niet. Dat valt me erg van je tegen.”
Als Bob zegt dat Oekraïense arbeiders van straat worden geplukt om in de loopgraven te vechten, en dat de werkende klasse zo wéér de verliezer is, zegt Wouke, nu echt boos: „Rusland heeft zó veel mensen naar de gallemiezen geholpen op een superwrede manier! Waarom hoor ik je dáár niet over? Sorry, maar ik stop met dit gesprek. Nee, niet met dit gesprek, maar wel met dit onderwerp. Klaar.” Ze leunt naar achteren.
„De SP laat zich er ook kritisch over uit, en sommige leden van de Partij voor de Dieren ook. Ik vind dit een rare verdachtmaking.”
„Het beklemt me dat door de eenzijdige informatievoorziening een groot deel van de Nederlandse bevolking er exact zo over denkt. Het is zo’n emotioneel beladen onderwerp dat…”
Wouke onderbreekt: „Raar, hè? Met zo veel doden.” Dan zegt ze dat het borreltijd is, het is vier uur ’s middags. „Gaan jullie nog lang door, of mag ik nog een glaasje bestellen?” Ze vraagt aan Bob of hij een partner heeft. Bob zegt dat hij vanwege die kogelhuls liever niet over zijn naasten wil vertellen in de krant. Wouke wil weten of de mensen om hem heen dezelfde ideeën hebben als hij. „Niet per definitie”, zegt Bob.
Wouke: „Dus het kan in jouw leven ook een gezellige bende zijn?”
Bob: „Ik kan het zeer zeker met ze oneens zijn.”
Wouke: „Nee, ik bedoel écht gezellig.”
Bob: „O, gezéllig. Ja, tuurlijk.”
Wouke: „Écht?”
Nadat Bob heeft gezegd dat hij helemaal niet zo zwaar op de hand is als zij lijkt te denken, wil ze weten waar hij hoop uit put. Het succes van Left Laser, zegt Bob. „Als ik een paar jaar geleden had gezegd dat ik een nieuwe versie van De Waarheid ging opzetten,” een communistische verzetskrant die na de oorlog verder ging als dagblad, „zouden velen gezegd hebben: jezelf een communist noemen is het achterlijkste wat je kunt doen, dat gaat je nooit lukken.”
Wouke zegt dat zij helemaal niet hoopvol is. „Ik denk vaak: in wat voor godvergeten shitwereld groeien mijn kleinkinderen op?”
Bob humt begripvol.
Wouke: „Het is voorál het klimaat en de enorme economische gevolgen die dat gaat hebben. De vluchtelingenstromen, de leefbaarheid. Kijk, ik maak het niet meer mee. Maar dat vind ik nog het ergste, want ik wil mijn kleinkinderen beschermen en dat gaat me niet lukken. Dat is voor mij bóósmakend. Deze wereld is zó op hol. Ik begrijp dat mensen wanhopig zijn, maar dat ze achter al die achterlijke verlossers aanrennen, achter Thierry Baudet en Caroline van der Plas en Pieter Omtzigt en al die anderen…”
Bob: „Maar is populisme een probleem?”
Wouke: „Ik vind populisme een grúwelijk probleem.”
Bob: „De populist ageert toch tegen dat systeem waarvan jij óók ziet dat het niet werkt?”
Wouke: „Populisten hebben áltijd een zondebok. Die lossen het niet op, die maken het erger. En nu buigt alles voor het geld. Dit gebeurt totdat er een enorme apocalyps komt. Ik weet niet hoe die eruitziet, maar ik stel me voor dat het klimaat gewoon de hele wereld schoonveegt en we allemaal naar de ratsmodee gaan.”
Bob: „Dat vind ík nou pessimistisch.”
Wouke spreidt haar armen: „Geef me hoop!”
Maar eerst wil ze nog een drankje, ze loopt met grote passen naar de bar. Intussen begint Bob over hoe bedrijven als Chemours Nederland vergiftigen met PFAS en dat politici machteloos toekijken.
Wouke komt terug en vraagt van een afstand: „Zit jij nou te vertellen waar ik hoop van kan krijgen?”
Bob: „Zeker niet! Alleen dat de focus nu erg ligt op bewustwording en op symboliek. Terwijl de kernvraag is: hoe krijg je politieke controle over het kapitaal dat deze ellende veroorzaakt? Ik put hoop uit de Nederlandse traditie van verzuiling, van media met grote, geëngageerde achterbannen. Daarnaast is er een democratische beweging nodig van mensen die in actie komen.”
Wouke: „Begin een partij! Rood Vooruit!”
Bob grinnikt. „Nee, dat is niet aan mij. Ik zou alleen niet zo snel afgeven op de populisten. BBB- of FVD-stemmers zien ook aspecten van dit systeem waarvan zij denken: dit wordt maar niet opgelost.”
Wouke: „Ja, voor die kiezers kan ik wel begrip opbrengen. Maar niet voor politici die daar een verdienmodel in zien. Bob, je moet dat aan de kaak stellen!”
Bob: „Dat doen wij ook wel. Wij hebben kritische interviews met mensen van BBB of van Forum.”
Wouke: „Oh, het laatste uur vond ik heel gezellig.” Ze lachen allebei hard.
Bob: „Ik vind jouw beroepsopvatting en jouw kijk op de wereld heel leerzaam.”
Wouke: „Ik heb kunnen vertellen waar ik moeite mee heb, en dat heb jij niet kunnen wegnemen, maar dat hoeft ook niet. Ik vind het fascinerend hoe iemand zó tegen de stroom in aan een ideologie blijft vasthouden. Naar mij toe heb je een prettige persoonlijkheid, maar je hebt ook iets stars in je, waarvan ik denk: daar ga jij het moeilijk mee krijgen.”
Bob knikt.
Wouke: „Laat ik het zo zeggen: alles is een hype in het leven, ik was een hype, jij bent een hype. En ik hoop dat wanneer deze hype voorbij is, jij je talenten breder kunt inzetten met een zekere mildheid en minder wantrouwen.”
Bob: „Dat lijkt me mooi.”
Bob Scholte (Groningen, 1994) studeerde sociologie in Rotterdam. Hij was eerst communistisch activist, sinds 2023 maakt hij video’s voor het online platform Left Laser. Hij woont in Rotterdam.
Wouke van Scherrenburg (Ede, 1946) begon als schrijvend journalist, maar werd vooral bekend als verslaggever van Den Haag Vandaag tussen 1989 en 2004. Ze presenteerde ook andere televisieprogramma’s. Ze is getrouwd, heeft drie kinderen en twee kleinkinderen en woont in Doetinchem.